Overheid niet aansprakelijk bij `Enschede'

De Nederlandse staat en de gemeente Enschede zijn niet aansprakelijk voor de vuurwerkramp van 13 mei 2000 in Enschede. Dat heeft de rechtbank in Den Haag bepaald in een civiele procedure die was aangespannen namens drie slachtoffers van de vuurwerkramp.

De slachtoffers willen dat de overheid de schade vergoedt die door de vuurwerkramp is veroorzaakt. Als de drie slachtoffers in het gelijk waren gesteld, hadden vele andere gedupeerden van de vuurwerkramp ook hun nog niet gedekte materiële en immateriële schade bij de overheid kunnen claimen. Het totale schadebedrag loopt in de honderden miljoenen euro's.

Volgens het vonnis van de Haagse rechtbank is de overheid niet tekort geschoten in de regelgeving en het toezicht. Gemeente en rijk konden volgens de rechtbank niet weten dat er bij het bedrijf S.E. Fireworks te veel en te zwaar vuurwerk was opgeslagen. Door explosies op het terrein van het vuurwerkbedrijf kwamen 22 mensen om het leven, raakten bijna duizend mensen gewond en werd er een complete woonwijk vernield.

De letselschadeadvocaten J. Beer en M. de Witte hadden eerder betoogd dat de overheid sinds de vuurwerkexplosie in Culemborg in 1991 op de hoogte had moeten zijn van de risico's van vuurwerkopslag. De Haagse rechtbank oordeelt echter dat de situatie in Culemborg te veel verschilt met de situatie in Enschede. De toezichthouders hadden geen redenen om de etiketten op het geïmporteerde vuurwerk van S.E. Fireworks te wantrouwen.

Uit het feit dat de overheid na de vuurwerkramp in Enschede de regels voor opslag en transport van vuurwerk heeft aangescherpt, mag volgens de rechtbank niet worden afgeleid dat de overheid dit op grond van de beschikbare kennis eerder ook had kunnen doen.

De regels werden aangescherpt op basis van het rapport van de commissie-Oosting over de vuurwerkramp in Enschede. Deze onafhankelijke onderzoekscommissie concludeerde dat de overheid bij de vergunningverlening en het toezicht fouten heeft gemaakt.

Ook in het strafproces tegen de beide directeuren van S.E. Fireworks hebben zowel de Almelose rechtbank als het gerechtshof in Arnhem kritiek geuit op het handelen van het rijk en de gemeente Enschede. Justitie heeft de gemeente en het rijk niet strafrechtelijk vervolgd, omdat dit vanwege eerdere uitspraken van de Hoge Raad onmogelijk zou zijn.

Het rijk en de gemeente stellen zich op het standpunt dat de vuurwerkramp zich niet zou hebben voorgedaan als S.E. Fireworks zich aan de regels had gehouden. Volgens landsadvoaat J. van Wijk is daarom het bedrijf S.E. Fireworks aansprakelijk.

De letselschadeadvocaten Beer en De Witte hebben S.E. Fireworks en de beide directeuren niet aansprakelijk gesteld, omdat bij het vuurwerkbedrijf naar verwachting weinig geld valt te halen.

S.E. Fireworks is wel aansprakelijk gesteld in een tweede civiele procedure, aangespannen door enkele honderden slachtoffers van de vuurwerkramp. Het vonnis in deze procedure laat nog enkele maanden op zich wachten.

De drie slachtoffers gaan in hoger beroep tegen het vandaag uitgesproken vonnis. Advocaat De Witte: ,,Met deze uitspraak kan elke gemeente rustig achterover leunen. Dat is niet rechtvaardig.''