Proces-Djindjic al snel verdaagd

Het proces tegen de moordenaars van de Servische premier Zoran Djindjic is gisteren na drie uur verdaagd tot vandaag. Dat gebeurde nadat de verdedigers de vervanging van de speciale openbare aanklager en zijn twee plaatsvervangers hadden geëist. De eis werd vandaag afgewezen.

Kort nadat de 21 beklaagden – vijftien anderen zijn voortvluchtig – in de rechtszaal waren verschenen eiste de verdediging van één van hen de vervanging van de speciale openbare aanklager, Jovan Prijic, omdat deze zijn cliënt in de gevangenis had bezocht en een `deal' had voorgesteld. In ruil voor medewerking met de aanklagers zou Prijic ervoor zorgen dat de man slechts dertien tot vijftien jaar gevangenisstraf zou krijgen en dat hij na het uitzitten van de helft van zijn straf voorwaardelijk zou vrijkomen. De andere verdedigers in het proces eisten het recht Prijic over dat vermeende voorstel te ondervragen. Het Servische Hooggerechtshof verwierp vandaag die eis.

Een andere verdediger, die van Zvezdan Jovanovic, de man die volgens de aanklacht op 12 maart Djindjic doodschoot, eiste gisteren dat de moord op Djindjic apart wordt berecht. De in totaal 36 beklaagden zijn beschuldigd van nog veertien moorden en een lange reeks andere misdrijven. Volgens de verdediger van Jovanovic betekent de behandeling van al die aanklachten in één proces een vernedering voor Djindjic' reputatie en zijn ambt.

De voorzitter van de rechtbank onthulde gisteren aan het begin van het proces de namen van de drie kroongetuigen in het proces – betrokkenen tegen wie in ruil voor hun medewerking alle aanklachten zijn ingetrokken.

De belangrijkste van hen is Ljubiša Buha, alias Cume. Hij was de leider van de bende van Zemun en binnen de Servische maffia de belangrijkste rivaal van de leiders van de bende van Zemun die volgens de aanklacht de moord op Djindjic planden en uitvoerden. Van de drie belangrijkste leiders van de bende van Zemun zijn er twee bij hun arrestatie doodgeschoten.

De derde, Milorad Lukovic alias Legija, de hoofdverdachte in het gisteren begonnen proces, is voortvluchtig. Volgens de Servische regering houdt hij zich waarschijnlijk schuil in Bosnië.