Die arme Nederlandse student toch

En jawel, daar gaan we weer. Begin december verscheen in de pers het bericht dat studenten een scholierenmentaliteit verweten wordt. En zoals dat gaat bij een kritiekuiting, verhelderden enkele studenten deze week op de opiniepagina van deze krant de uitlatingen binnen hun perspectieven.

Nu de Europese grenzen vervagen en we steeds meer inwoner worden van de EU dan van ons eigen land, wil ik even melden hoe het universitaire onderwijs hier in Frankrijk georganiseerd is.

Moge een ding duidelijk worden: van een scholierenmentaliteit is hier géén sprake. Tutoren, begeleiders of met welke dure woorden het ook aangeduid wordt; in `la douce France' bestaat het niet. Ook kun je met de helft van de studiepunten niet door naar het tweede jaar, zoals in Nederland nogal eens de gewoonte is. Om aan het tweede jaar te kunnen beginnen moeten hier álle tentamens gehaald worden. Bovendien mag slechts één tentamen worden herkanst, hoewel in Nederland vaak elk vak overgedaan mag worden.

Een Franse vriend van me miste vorige week een tentamen, voorafgaand aan de grote tentamenperiode. Hij wilde het graag overdoen, desnoods in de zomervakantie, maar het secretariaat was onverbiddelijk: `tant pis', oftewel: pech gehad. Verder bestaan deeltentamens hier niet. Dus geen schoolse omstandigheden, nee, per vak is er één omvangrijk tentamen: aan het eind van het semester.

Enkele jaren geleden sprak ik mijn oom, professor aan de universiteit van Groningen, die toen al pleitte voor het werken in kleinere groepen. Ook dat principe is hier niet bekend. Alleen in werkgroepen, één keer per week, zijn we bijeen met zo'n 40 studenten. Alle andere colleges zijn voor minimaal 400 mensen. Bovendien beginnen ze stipt om 8 uur in de morgen. Wie anderhalve minuut te laat komt, krijgt, alsof het om een deelnemer aan het televisieprogramma `De Zwakste Schakel' gaat, te horen: `tot ziens, tot volgende week!'

De eerste dag dat ik hier in Nice kwam studeren, werden me de volgende dingen op het hart gedrukt. Ten eerste: `la faculté est la liberté,' oftewel: universiteit is vrijheid. Daarnaast is de meest gehoorde uitspraak `tant pis pour vous', in correct Nederlands: eigen schuld dikke bult. Hier wijst in ieder geval niets op een scholierenmentaliteit.

Tot zover dus wat betreft het onderwijs. Op de opiniepagina van NRC Handelsblad van 16 december, schrijft student Teije Hidde Donker een prachtig artikel met de titel `Student wordt tot scholier gemaakt'.

Hidde Donker schetst een enigszins naïef beeld van de Nederlandse student. Wellicht kent hij, zoals hij schrijft, geen enkele student die genoegen neemt met een 6, en wordt een studievertraging in zijn opzicht veroorzaakt door een reis naar het buitenland; ik zie dat enigszins anders. Behalve bij Teije Hidde Donker en zijn kameraden, kent studievertraging in bijna alle gevallen een andere oorzaak. De glimlach op de gezichten van Nederlandse medestudenten toen ik dit zei, sprak boekdelen.

Verder schrijft Hidde Donker dat hij voor een studie in het buitenland geen beurs krijgt. Of iemand voor een internationale studie al dan niet een beurs krijgt, kan een discussiepunt blijven. Maar in Frankrijk bestaat studiefinanciering überhaupt niet! Dus ook niet voor studies aan één van de 300 universiteiten binnen Frankrijk. Ook krijgen Franse studenten géén OV-jaarkaart. En dan maken Nederlandse studenten zich druk omdat ze geen beurs krijgen om in het buitenland te gaan studeren?

Wat ik hier allemaal mee wil zeggen is duidelijk. In Nederland mag studenten schoolsheid worden verweten; in het buitenland is dit totaal niet aan de orde. De oorzaak van studievertraging moet meer worden gezocht bij de inzet van de studenten, dan bij het gebrek aan begeleiding. Laten we open kaart spelen en ophouden met zoeken naar excuses. Ga maar eens kijken hoeveel studenten er daadwerkelijk aanwezig zijn bij een hoorcollege dat op vrijdagochtend om half 9 begint.

Arjen Segers is eerstejaarsstudent Europees recht aan de Université de Nice Sophia Antipolis.