The Guardian

In internationale aangelegenheden zijn echte verrassingen zeldzaam. En als ze dan voorkomen, zijn ze vaak onplezierig – zoals de Argentijnse invasie van de Falkland-eilanden of Saddams snelle verovering van Koeweit. Goed nieuws is, als het gebeurt, in het algemeen al lang verwacht, en er is al vaak rekening mee gehouden. Maar dit was niet het geval met de aankondiging van Libië het afgelopen weekeinde over zijn niet-conventionele wapens. Dat was een verrassing die zowel onverwacht als buitengewoon welkom was. [...]

Geduldige diplomatie, dialoog, onderhandelingen, duidelijke principes en lijnen die niet overschreden mogen worden, respect, wederzijds vertrouwen en aantrekkelijke prikkels – dat zijn de `gereedschappen' die dit weekeinde de meest betekenisvolle en meest tastbare doorbraak op het gebied van wapenbeheersing tot stand hebben helpen brengen sinds de verdragen over de beperking van strategische bewapening uit de Koude Oorlog. [...]

Dit is niet bereikt door militaire macht, door invasie, door het verkrachten van het internationale recht, door het afdwingen van de wisseling van bewind of door bloedbaden op grote schaal. Noch is het in feite, ondanks Bush' verlangen naar applaus, allereerst bereikt door zijn regering. Het is totstandgekomen via discussies – door eindeloze besprekingen in Libië, en ten slotte in een Londense herenclub. [...] Dit is diplomatie in de ware zin van het woord. Het heeft [...] resultaten opgeleverd in Irak [...]. Het kan nu resultaten opleveren in Syrië [...] en in Noord-Korea. Jammer dat niet op dezelfde intelligente niet-gewelddadige manier kon worden opgetreden in het geval van de vermeende Iraakse massavernietigingswapens.