Ontnuchtering in de pensioencrisis

Pensioen moet zeker zijn, en dat kost geld, zegt het kabinet. De nieuwe normen werken ontnuchterend. Weg `speeltje' voor werknemers en werkgevers.

Het heerst. Overal. De pensioencrisis.

In Italië en Frankrijk gingen werknemers de straat op tegen versobering en langer doorwerken. Duitsland verlaagt het staatspensioen om de begroting niet verder te belasten. In Engeland geven bedrijven nieuwe werknemers een kale pensioenregeling.

En Nederland? Het kabinet heeft afgelopen vrijdag maatregelen aangekondigd die het Nederlandse pensioenstelsel juist overeind moeten houden in de storm van vergrijzingskosten. De pensioenspaarpot van Nederland is lekker groot: 467 miljard euro, meer dan de jaarlijkse productie van goederen en diensten. Dat kan niemand Nederland op het continent nazeggen.

De prijs van pensioen telt door in ieders portemonnee: negen van de tien werknemers sparen, verplicht, via hun baas voor pensioen. Meer dan twee miljoen ouderen hebben een pensioen bovenop hun AOW.

Politiek Den Haag bemoeit zich niet graag met de prijs van uw pensioen. Dat is het domein van werkgevers en werknemers. Wie zich mild kritisch over hen uitlaat, zoals staatssecretaris Rutte van Sociale Zaken, krijgt de wind van voren. Pensioen is in

CAO's de duurste arbeidsvoorwaarde.

De werknemers en werkgevers hadden zelf om nieuwe politieke piketpaaltjes gevraagd. Zij willen al meer dan een jaar politieke duidelijkheid, een schild tegen de strenge regels die de toezichthoudende Pensioen- en Verzekeringskamer (PVK) op 30 september 2001 heeft uitgevaardigd. De PVK reageerde toen op het giftige mengsel dat pensioenen aantastte: lage rente, sluipende beurskrach, stijgende toezeggingen en structureel te lage pensioenpremies.

De sociale partners hebben van het kabinet niet gekregen wat zij wilden. De discussie draait, zoals wel vaker bij pensioenen, om techniek en jargon die voor de burger als buitenlandse taal klinken. Het pensioenanalfabetisme is groot, 87 procent van de werknemers lijdt eraan. Vreemd is dat niet: pensioen is een van de laatste paternalistische bolwerken, waar individuele werknemers weinig te kiezen hebben.

Niet alleen gewone werknemers vinden het overigens een worsteling. Tot in het kabinet toe wordt, zo meldt minister Zalm van Financiën in zijn internetdagboek (18 november), over `breinbrekers' gerept.

Werknemers en werkgevers vonden het acceptabel dat een pensioenfonds eens in de twintig jaar een tekort heeft. Het kabinet kiest voor eens in de veertig jaar, maar geeft de pensioenwereld langer de tijd (vijftien jaar) om vanuit de huidige pensioencrisis naar een verbeterde financiële positie te werken.

De kans op een tekort bepaalt de prijs van het pensioen. Hoe kleiner de tekortkans, hoe hoger de pensioenreserves moeten zijn en hoe hoger de pensioenpremies. Werkgevers en werknemers willen na een 40 procent premiestijging in drie jaar meer kostenstijgingen voorkomen. Hogere premies bijten in koopkracht en winsten, juist nu de economische pijn banen kost. Werkgevers betalen grosso modo twee derde van de premies.

Het standpunt van het kabinet, dat overigens nog inzet is van een gesprek met werkgevers en werknemers, zal een ontnuchterende werking hebben. In de eerste plaats voor werkend en gepensioneerd Nederland. Wie dacht dat hij één pensioen had, krijgt een verrassing. Hij heeft er twee: de ene is het pensioen dat is gebaseerd op zijn verdiende loon. Dat is min of meer zeker. De tweede is de jaarlijkse verhoging (indexatie) van dat pensioen met de loon- of prijstrend. Dat is onzeker. Dit jaar werden 900.000 gepensioneerden gekort op hun indexatie. Volgend jaar komen daar 600.000 ABP-gepensioneerden bij. Pensioenfondsen zullen hun indexatieambitie expliciet moeten omschrijven en het prijskaartje noemen.

De tweede ontnuchtering is voor werknemers- en werkgeversorganisaties. Hun `speeltje' wordt afgepakt. Pensioen blijft niet alleen duur. De prijs van pensioen kan niet meer misbruikt worden, zoals in de tweede helft van de jaren negentig, toen de beurswinsten tot premieverlagingen leidden. Premies onder de kostprijs, die een inkomenssubsidie voor werkgevers en werknemers betekenen, worden straks genadeloos ontmaskerd en soms verboden.

De derde ontnuchtering: duur pensioen stimuleert werkgevers om meer kosten en risico's bij werknemers en gepensioneerden te leggen. Vandaar Ruttes hameren op adequaat bestuur van de pensioenfondsen, waar werknemers een volwaardige gesprekspartner zijn, maar gepensioneerden niet.

WWW.NRC.NL: dossier pensioenen