Händel meer naar geest dan naar letter

Voor dirigent Ton Koopman wordt 2004 het jaar van Bach. Niet om historische redenen, want een echt Bachjaar laat nog 46 jaar op zich wachten. Wél omdat Koopman in het voorjaar de laatste hand legt aan zijn cd-project met de verzamelde cantates, ooit op Erato begonnen en nu doorgestart op het eigen label `Antoine Marchand' – Ton Koopman op zijn Frans.

Aan de vooravond van die mijlpaal richten Koopman en zijn Amsterdam Baroque orkest en -koor zich op The Messiah van Händel, waarmee ze deze maand een uitgebreide Europese tournee maken. Koopman legde zijn visie op The Messiah al tien jaar geleden vast op cd, maar de uitvoering die gisteren na eerdere concerten in onder meer Parijs, München en Milaan klonk in het Concertgebouw, verraste juist door de frisheid waarmee koor en het zeer precies spelend orkest de oververtrouwde melodieën leven inbliezen.

Wie de authentieke benadering van Ton Koopman in Bach en Händel vergelijkt, ontdekt zonder moeite zijn muzikale handtekening. Die ligt besloten in het enthousiasme waarmee Koopman dirigeert en klavecimbel speelt, maar laat zich ook uit afleiden uit de aard van de fraseringen. Elke lijn krijgt verend, aanzwellend en weer krimpend, een barok geluid, waarbij de tekst meer naar de geest dan naar de letter wordt geschetst. Met scherpe contrasten tekende Koopman een verschil van dag en nacht tussen de in verstild a cappella gezette sterfelijkheid van Adam en de uitbundige onsterfelijkheid van de Messias.

In de keuze voor solisten heeft Koopman zowel in zijn cantatecyclus als ook in losse concertreeksen als deze een behoudende hand. Goed, gedegen, betrouwbaar en muzikaal waren gisteravond de bijdragen van de beschaafd zingende sopraan Deborah York en tenor Jeremy Ovenden, maar bij uitbundiger vocale pracht en praal zou de kerstziel van Händels muzikale Messiasvertelling zijn gebaat. Meer reliëf was er in de bijdrage van de warme en diepe alt Franziska Gottwald, die zich in O thou that tellest good tidings to Zion dapper staande hield in Koopmans rappe, zelfs gehaast aandoende huppeltempo. Een hoogtepunt maakte Klaus Mertens met zijn diepe en dragende bas van zijn de The trumpet shall sound, waarin Händels expliciet stichtelijke intenties ook voor heidenen feestelijk voelbaar werden.

De ruggengraat van deze Messiah vormde het met relatief jonge stemmen bezette Amsterdam Baroque Choir, dat Koopmans armgebaren vanachter het klavecimbel soepel en elastisch tot klinken bracht in heldere fuga's en - bovenal – een robuust Hallelujah!

Concert: The Messiah van G.F. Händel door The Amsterdam Baroque Orchestra/Choir o.l.v. Ton Koopman m.m.v. Deborah York (sopraan), Franziska Gottwald (alt), Jeremy Ovenden (tenor) en Klaus Mertens (bas). Gehoord: 21/12 Concertgebouw, Amsterdam. Herh.: 22/12 Vredenburg, Utrecht.

    • Mischa Spel