Een held uit geld gemaakt

Hij rekent af met het het politiek engagement en met het brave imago van de Zuid-Afrikaanse muziek. In deze artiest komt alle verwarring samen waarin het land momenteel verkeert. Eerste aflevering in een serie over lokale muzikale helden.

Er was een tijd dat Zuid-Afrika in levende helden grossierde. Helden die 27 jaar of langer waren opgesloten in donkere holen op een afgelegen eiland. Helden die hun voormalige beulen zo konden omhelzen dat het leek alsof vergiffenis bestaat. Onaantastbare en onnavolgbare helden. Hun heldendom lag in het verleden. Helden zoals ze tegenwoordig niet meer worden gemaakt.

Wat een opluchting dus voor Zuid-Afrika dat de nieuwe held een jongen van 23 jaar blijkt te zijn die de tijd van goed óf slecht, zwart óf wit, alleen uit de verhalen van zijn ouders kent. De nieuwe held van Zuid-Afrika is een ex-gangster, ex-autodief en moet volgens de bladen binnenkort weer naar het afkickcentrum. Niet goed óf slecht maar gewoon succesvol. De nieuwe held is een rapper, Mduduzi `Mandoza' Tshabalala.

In de artiest die op een woensdagavond woest het podium van het grootste casino in Johannesburg opstormt, komt alle verwarring samen waarin Zuid-Afrika momenteel verkeert. ,,Nkalakhata'' vloekt hij door de microfoon de woorden van het nummer waarmee hij alle verkooprecords verbreekt. Ook al gaat het lied over het leven in de getto en is de voertaal een combinatie van Zulu en Sotho, de blanken op de dansvloer krijsen even hard als de zwarten.

In een wereld waarin de meest succesvolle golfer zwart is en de bekendste rapper blank, is een gemengd publiek bij een optreden misschien geen novum meer. Maar dit is Zuid-Afrika. Hier heb je radiostations voor iedere kleur. Hier dreigen blanken in de gevangenis zelfmoord te plegen omdat ze de hele dag worden bestookt met rap en hiphop. Omdat ze van huis uit alleen gewend zijn aan boeremusiek.

Mandoza voert overal de hitlijsten aan, ook bij de blanke stations. ,,Ik heb al zijn platen'' zegt de blonde jongen met de puistenwangen, die nerveus voor de kleedkamer op en neer dribbelt in de hoop op een handtekening. ,,En mijn vrienden ook. Het danst zo lekker. ''

Kwaito heet het genre waarmee Mandoza Zuid-Afrika op hol brengt. Het is de muziek waarmee Zuid-Afrika apartheid van zich afschudde, een evolutie van de Zuid-Afrikaanse disco (bubblegum) en Amerikaanse hip-hop. Kwaito is de muziek die drijft op zware bas. Van mannen met broeken op de heupen. Van auto's met grote speakers en wulpse dames op de achterbank. Kwaito is de afrekening met het brave imago van de – oh wat schattig – Afrikaanse dansgroepen die door Paul Simon een internationaal publiek kregen.

Kwaito is ook de afrekening met het politieke engagement van de Zuid-Afrikaanse muziek. Want ging de zwarte muziek uit Zuid-Afrika niet altijd ergens over? Miriam Makeba, Hugh Masekela, daar kon de politiek correcte intelligentsia nog eens mee thuiskomen. Dat was muziek van artiesten met zo'n ferme boodschap dat ze er voor in ballingschap moesten. Strijdmuziek. Muziek voor een betere wereld.

Nee, dan Mandoza, die in spijkerbroek en ontblote borst het publiek vraagt eens lekker ,,Fuck You'' te roepen. Het publiek hijgt: fuck you. Na afloop van het optreden probeert hij uit te leggen wat zijn boodschap precies is. ,,Liefde, daar draait het om.'' Zijn dansers lachen, terwijl ze hun spieren losmaken voor de volgende show. Een lied over aids, of mensenrechten daar had hij nog niet over nagedacht. ,,We zingen wel dat je voor jezelf moet opkomen.''

Mandoza is niet de held van jong Zuid-Afrika om wat hij te zeggen heeft, maar om wat hij ís. De jongen uit de zwarte woonwijk Soweto die bij stoplichten automobilisten met getrokken pistool uit de auto dwong om aan zijn geld te komen. ,,Dat was de manier om te laten zien dat je een man was'', zegt hij nu. Sommige vrienden zitten nog steeds in de gevangenis.

Succes uit Soweto is meestal verbonden met politiek. De meeste zwarte zakenmannen die de afgelopen tien jaar miljonair werden zijn met regeringspartij ANC groot geworden. ,,En wie het eenmaal gemaakt heeft, zie je nooit meer terug in de township'', zegt Mandoza. Hij woont weliswaar niet meer tussen de krotten, maar komt er nog elke dag. In zijn Audi A6 of zijn nieuwe BMW.

Mandoza laat zien dat de nieuwe helden van Zuid-Afrika uit geld gemaakt zijn. Of zoals de `strategisch consulent' Karl Gostner van het radiostation Yfm zegt: ,,Mandoza is niet alleen artiest, hij is een zakenman. Hij is de spil in een wereld waarin miljoenen omgaan. Dat is wat Zuid-Afrikanen bewonderen. In het nieuwe Zuid-Afrika is het oké om bakken met geld te verdienen.''

Het optreden van Mandoza in het grootste casino van Johannesburg is zinnebeeld van dat idee. Montecasino heet het complex dat op een dorp in Toscane moet lijken. Met visnetten aan de muur en Romeinse fonteintjes en telefonistes die opnemen met `buon giorno'. Zuid-Afrika's fantasie van rijkdom. Mandoza komt er graag zegt hij. ,,Ze zorgen hier goed voor ons'', zegt hij als hij het pand verlaat. Hij zwaait nog een keer vanaf het golfkarretje dat het casino vanavond gebruikt om de voormalig autokaper naar zijn hotel te brengen.

    • Bram Vermeulen