`VVD reduceert Europa tot geldkwestie'

VVD'er Gijs de Vries, Nederlands onderhandelaar over een Europese grondwet die niet doorgaat, heeft forse kritiek op de Europa-koers van zijn partij.

Met ongenoegen slaat de oud-vertegenwoordiger van de Nederlandse regering in de Conventie over de toekomst van Europa, Gijs de Vries, de euroscepsis gade die zijn `eigen' VVD etaleert.

,,De VVD heeft sterk de neiging de Europese samenwerking te reduceren tot de economie, de markt. Dat past niet bij de internationale werkelijkheid'', zegt De Vries, die namens Nederland energiek meesleutelde aan de ontwerpgrondwet voor de Europese Unie. Daarover bleken de Europese regeringsleiders het afgelopen weekeinde in Brussel zó hardgrondig oneens, dat ze de Europese Unie in een crisis stortten.

De `internationale werkelijkheid' heeft volgens De Vries het afgelopen decennium ,,majeure veranderingen'' ondergaan: de val van de Muur, de versterkte spilpositie van het verenigde Duitsland, de uitbreiding van de Europese Unie met ex-communistische landen en de transatlantische betrekkingen. ,,Ze vergen tezamen een andere geopolitieke rol van de Europese Unie en van het Nederlandse aandeel daarin.'' Maar De Vries signaleert een groeiende spanning – niet alleen in Nederland – tussen de veranderde geopolitieke context en de bereidheid van politici om zich daarmee te engageren. Hij bespeurt daarentegen onder politici en kiezers ,,een grote mate van onzekerheid en een zekere kribbigheid'', waarin steeds vaker ,,echo's doorklinken van het oude afzijdigheidsdenken – een luxe die we ons niet meer kunnen veroorloven''.

Europa is méér dan alleen een kwestie van geld, vindt De Vries. ,,Natuurlijk is het volstrekt legitiem om te kijken wat het lidmaatschap van de Europese Unie je als lidstaat kost en oplevert. Niets mis mee, maar beperk je dan niet alleen tot de kostenkant.'' Tot zijn teleurstelling signaleert hij ook bij de andere grote partijen, CDA en PvdA, weinig behoefte aan helderheid over de rol van Europa in de wereld. ,,Het lijkt erop alsof ze geen van alle weten wat ze eigenlijk met Europa willen.''

De Vries: ,,Er tekent zich in alle Europese partijen een scheidslijn af tussen diegenen die Europese samenwerking zien als antwoord op de globalisering en de problemen die daarmee samenhangen, zoals economische groei, werkloosheid, criminaliteit en veiligheid, en anderzijds diegenen die de Europese Unie juist zien als onderdeel van die problemen. De VVD neigt, in het kielzog van Fortuyn, naar die laatste koers. Ze appelleert steeds meer aan kiezers die de Europese Unie zien als een probleem in plaats van als een antwoord op veel problemen.''

Ook zonder hun namen te noemen kan er geen misverstand over bestaan wie De Vries, voormalig Europarlementariër (1984-1998) en oud-staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (1998-2002), in het vizier heeft: fractie- en partijleider Jozias van Aartsen en Europa-woordvoerder Hans van Baalen, die er beiden de afgelopen maanden geen geheim van maakten dat ze er geen traan om zouden laten wanneer de Europese grondwet er nu niet zou komen.

En natuurlijk VVD-minister van Financiën Gerrit Zalm, die zó tamboereerde op strikte naleving van de Europese begrotingsregels dat de betrekkingen met Duitsland een dieptepunt bereikten. ,,Nederland vergiftigt de sfeer'', oordeelde Zalms Duitse collega Hans Eichel. ,,Als de Nederlandse strategie niet was gericht op gelijk hebben maar op gelijk krijgen, dan is die niet zo succesvol geweest'', oordeelt De Vries over de keuze van Zalm.

De vraag of hij zich zo langzamerhand niet eenzaam voelt op de pro-Europese vleugel van zijn partij beantwoordt De Vries met een verwijzing naar de vroegere liberale voorman Harm van Riel, die ooit ,,de onsterfelijke woorden sprak'': `De VVD kent geen vleugels, de VVD kent alleen vlerken.' De Vries: ,,Temidden van die partij met die vlerken, waartoe ik mezelf ook reken, voel ik me zeer wel thuis, zolang zij er zich maar terdege van bewust is dat zij de grens tussen serieuze regeringspartij en marginale getuigenispartij niet moet overschrijden.''

Een rampjaar wil De Vries het niet noemen, maar hij vindt wel dat de lidstaten de Europese Unie het afgelopen jaar in een ,,uiterst zorgelijke positie hebben gemanoeuvreerd''. Eerst de diepe verdeeldheid over de oorlog in Irak, toen het tolereren van de Frans-Duitse schending van de begrotingsregels, en tenslotte de mislukte Eurotop over een grondwet. ,,Europa is zelden zo zwak bestuurd. Er is een ernstig gebrek aan leiderschap. De regeringsleiders hebben afgelopen weekeinde in Brussel een belangrijke kans gemist om het contract met de burger te herstellen.''

De Vries beticht de verantwoordelijke politici in Nederland en Europa van ,,dubbelhartigheid''. ,,Dezelfde premiers die over Europa voortdurend ambities formuleren en beloften doen, stellen de Europese Unie niet in staat ze waar te maken en in te lossen. Zo wordt de euroscepsis als het ware een self-fulfilling prophecy, gevoed door politici die actie beloven, maar de Unie niet de instrumenten geven om effectief te handelen. Ze verwaarlozen een kerntaak van democratische politici: het creëren van draagvlak voor de politiek die ze beloven en waar ze verantwoordelijk voor zijn.''

    • Joop Meijnen
    • Floris van Straaten