Verloren zaken

Voor een gewone agent van politie is het routine (veronderstel ik). Het ene ogenblik leeft de verdachte nog in de waan van zijn duurzame vrijheid; de volgende seconde is hij in bewaring genomen, gevangen. De bodem van zijn bestaan is weggeslagen. Hij valt in de peilloze diepte. Bij de gemiddelde arrestatie wordt dat moment niet vastgelegd. Ook toen Saddam Hussein door de soldaten werd wakkergemaakt en besefte dat `het spel uit was', stond er geen fotograaf bij. Maar de foto met de baard kan niet veel later zijn gemaakt. Door `Amerikaanse militairen' die nog anoniem zijn. Neem twee velletjes papier, bedek daarmee boven- en onderkant van het gezicht zodat alleen de ogen overblijven, en je ziet de blik van iemand die weet dat de zaak totaal verloren is.

In 1945 werden de Duitse oorlogsmisdadigers gearresteerd. Na de bevrijding waren de geallieerden begonnen met de publicatie van een weekblad dat Kijk heette. Alle foto's stonden daarin afgedrukt. Daarna zijn ze nog tientallen keren in boeken gebruikt, en er is nog geen eind aan. Vorig jaar is bij De Bezige Bij het verslag van de processen in Neurenberg verschenen, De verhoren, een door Richard Overy gemaakte keuze met toelichting en foto's. Eén daarvan toont de arrestatie van de Duitse regering die na Hitler nog gevormd is. Karl Dönitz, rijksarchitect Albert Speer en generaal Albert Jodl worden door een Britse soldaat met een machinegeweer onder schot gehouden. Speer in een keurige regenjas, de militairen, pet op, in hun gala-uniform. Toen ze zich die ochtend aankleedden was er nog toekomst, op het ogenblik dat de foto werd genomen was die voorbij. Ze kijken naar de grond. De fotograaf heeft trouwens te ver weg gestaan om hun gezicht scherp vast te leggen. Maar dat maakt hier geen verschil. Ook hun lichaamshouding verraadt hun besef, niet alleen dat ze het verloren hebben, maar dat ze verloren zijn. Object geworden.

Hermann Göring is nog vastgelegd in zijn laatste illusies. Hij is al gevangengenomen, maar denkt nog dat over de capitulatie te onderhandelen valt. Onder bewaking van Amerikaanse soldaten bereidt hij zich voor op een persconferentie. Een paar uur later is dan ook voor hem de laatste fase begonnen. Op het omslag van genoemd boek zit hij naast Rudolf Hess (plaatsvervanger van de Führer tot 1941, toen hij in een Messerschmitt 110 naar Schotland vloog) in de beklaagdenbank. Ook een foto die lichaamstaal spreekt. Göring zal dan binnen de beperkingen van de celmuren het lot weer in eigen hand nemen en zelfmoord plegen. Hess krijgt levenslang.

Ongeveer een jaar later werden twaalf hoofdverdachten ter dood veroordeeld en opgehangen. Het weekblad Kijk bestond toen al niet meer. Televisie was er ook nog niet. Je had de grote geïllustreerde weekbladen, Life, Paris Match en The Picture Post, met de foto's van na de terechtstelling. De meeste verdachten hadden bij hun val door het luik in het schavot hoofdwonden opgelopen. `Ontluistering' is een woord dat bij zo'n onderwerp niet te vermijden valt. De beelden van de bebloede dode hoofden waren de voltooiing van de ontluistering, de definitieve opheffing (niet in godsdienstige zin) van hun bestaan, dat op het ogenblik van de arrestatie was begonnen.

Dit belooft ook deze foto van Saddam Hussein. Ik vind het moedig van Boris Dittrich dat hij zich afvraagt of je zo'n foto kunt publiceren. De seconden waarin per slot van rekening toch een menselijk wezen zich realiseert dat van nu af alleen zijn lijk er nog toe doet. Maar het is in dit geval een theoretische, een luxe-vraag. Daar kun je niet mee aankomen bij nabestaanden van vergaste Koerden of anderzins vermoorde tegenstanders van deze nu nog levende. Dat begreep de politicus natuurlijk ook.

Je zou een verzameling foto's kunnen maken van mensen in het ondeelbaar ogenblik waarop ze beseffen dat ze verloren zijn. Ik bedoel niet de mugshots die later op het politiebureau worden genomen, want dan hebben de geportretteerden zich alweer enigszins aan het nieuwe bestaan aangepast. Het gaat om de secondefractie van de revolutie. In zo'n verzameling maakt het dan ook geen verschil of we met ploerten dan wel aanstaande heiligen te maken hebben. Het raakt uitsluitend hun existentie van het nu, het onderdeel dat, voorzover ik weet, niet door Jean-Paul Sartre aan de orde is gesteld. Stelt u zich voor dat u niets van Irak weet, nooit van die man hebt gehoord en kijk nog eens naar deze foto. Een dringend geval voor het Leger des Heils, of zelfs dat niet meer. En ook de foto van het jaar.

    • H.J.A. Hofland