Het rijk van de `mannen in de schaduw'

Het Afrikaanse land Ivoorkust wordt niet geregeerd door de regering. De `mannen in de schaduw' maken de dienst uit. Zoals de neef en de spiritueel adviseur van de president.

De minister van Telecommunicatie keek raar op toen de directeur van een belangrijk staatsbedrijf, het Agence des Télécommunications de Côte d'Ivoire, vorige maand ineens weg was. Op zakenreis naar China, zo vertelden zijn ambtenaren. Maar wie had dan zijn ordre de mission ondertekend, vroeg de minister, zonder wiens handtekening niemand op buitenlandse missie kan gaan. Dat zal de president dan wel hebben gedaan, was het antwoord. Bij terugkomst van de directeur bleek dat hij de minister opzettelijk niet gekend had in zijn besluit om het vliegtuig naar China nemen. ,,Ik heb alleen met het staatshoofd te maken'', zei de directeur.

De Ivoriaanse minister van Telecommunicatie is niet de enige die zijn gezag ondermijnd ziet. Bij andere ministers gebeurt het ook. De minister van Justitie is niet in staat nieuwe procureurs te benoemen omdat de huidige procureurs lid zijn van de regeringspartij en daarom de bescherming genieten van president Laurent Gbagbo. De minister van Defensie werd niet van tevoren op de hoogte gesteld van de arrestatie van een generaal, die volgens een haastig in elkaar gedraaide beschuldiging een staatsgreep zou beramen maar enkele dagen later weer werd vrijgelaten.

,,De regering van Ivoorkust regeert niet'', zegt Moussa Touré, hoofdredacteur van de grootste oppositiekrant. President Laurent Gbagbo, die tien maanden geleden een vredesakkoord ondertekende dat leidde tot het aantreden van een regering van nationale verzoening, draait de meeste initiatieven van zijn kabinet de nek om. Zijn 41 ministers staan vrijwel machteloos. Ze klagen dan ook dat ze geen eigen medewerkers kunnen benoemen, dat hun ambtenaren niet naar hen luisteren, dat hun voorstellen geruisloos verdwijnen in een lade van het presidentieel bureau.

Wie er wel regeren, dat zijn les hommes de l'ombre, de mannen in de schaduw, zoals ze door de oppositiekrant worden genoemd. De namen die opduiken zijn steeds dezelfde maar de lengte van de lijst varieert. Soms wordt een voormalige landbouwminister genoemd, dan weer valt de naam van de voorzitter van de raad van bestuur van de nationale olieraffinaderij. Toch bestaat er geen twijfel over de harde kern. De president van Ivoorkust heeft zich omringd met een handvol vertrouwelingen die tezamen worden aangeduid als zijn `schaduwkabinet'. Het maandblad Jeune Afrique Economie schreef in zijn novembernummer dat Laurent Gbagbo ,,in alle discretie een parallelteam (..) op poten heeft gezet om de staat draaiende te houden''.

De vertrouwelingen van Gbagbo hebben één ding gemeen: ze zijn felle tegenstanders van het vredesakkoord van Marcoussis. Dat akkoord leek een einde te maken aan de burgeroorlog die uitbrak na een mislukte staatsgreep in september vorig jaar. De rebellen zeiden op te komen voor de zogeheten noorderlingen, Ivorianen van de Dioula-stam die volgens hen als tweederangsburgers worden behandeld. De stam van Gbagbo, de Bété, vormt een minderheid in Ivoorkust. In januari zette het voormalige moederland Frankrijk de rebellen en Gbagbo onder druk om de strijd te staken. Onder grote druk ging Gbagbo ermee akkoord dat hij de macht zou delen tot de verkiezingen in 2005. Er werd een eerste minister benoemd, Seydou Diarra, en een regering van nationale verzoening met ministersposten voor de rebellen en voor alle grote politieke partijen.

Maar Gbagbo is een politicus met twee gezichten. Een populist die voor het oog van de wereld graag de rol speelt van Mandela-achtige verzoener. En een rancuneus en autoritair nationalist die sinds het begin van de crisis niets heeft gedaan om de oplaaiende etnische spanningen de kop in te drukken. Het schaduwkabinet consolideert zijn autoriteit. Bijna al zijn vertrouwelingen zijn ook Bété, maar de man die het meest uitgesproken anti-Frans en anti-Marcoussis is, komt uit het noorden. Mamadou Koulibaly, de voorzitter van de Assemblée Nationale, dient volgens Jeune Afrique Economie als `hofnar' van het regime. Minstens zo invloedrijk is Simone Gbagbo, de vrouw van de president. Zij is niet alleen fractievoorzitter van de regeringspartij in het parlement, maar ook de beschermvrouwe van een groep opstandige, radicale gendarmes die uiterst vijandig staat tegenover de gematigde stafchef van het leger.

Nog een havik is Kadet Bertin, een neef van Gbagbo en `speciaal raadgever' inzake defensie. Bertin zou de etnische milities financieren die een serieuze bedreiging voor het vredesproces vormen. Zeker is dat hij wapens inkoopt. Samen met Gbagbo's spirituele raadgever, een zelfbenoemd pastoor die Moïse Koré heet. De kring van vertrouwelingen reikt van een sleutelfiguur als de minister van Financiën tot de ogenschijnlijk minder prominente minister van Nationale Verzoening. De laatste zit volgens een analist achter recente anti-Franse protesten van jongeren die zichzelf `jonge patriotten' noemen. Deze jongeren werpen zich op als de stem des volks en zoeken soms in opdracht van hun broodheer openlijk een escalatie van het conflict.

Na heerszucht en onverzoenlijkheid is geld de voornaamste reden dat Gbagbo zich zo hevig tegen het overdragen van zijn macht verzet. Als het vredesakkoord tot op de letter wordt uitgevoerd, krijgt premier Seydou Diarra zeggenschap over lucratieve staatsbedrijven als de haven van Abidjan en het Agence des Télécommunications de Côte d'Ivoire. Voor de minister van Telecommunicatie kan dat niet snel genoeg gebeuren. Maar de mannen in de schaduw liggen dwars.

    • Pauline Bax