Sinds Atatürk geen hoofddoek

In Turkije wordt al sinds de geboorte van de Republiek in 1923 onophoudelijk over de hoofddoek gediscussieerd. De vader van het Turkse vaderland, Atatürk, zag een al te fanatieke beleving van de islam als een van de oorzaken van de ondergang van het Ottomaanse Rijk, dat aan de Republiek voorafging. In het nieuwe Turkije, dat niet meer de zieke man van Europa mocht zijn maar gelijke tred moest houden met de rest van het continent, moest de islam daarom onder controle worden gehouden. Een van de speerpunten voor Atatürk was de hoofddoek. Atatürk, die groot voorstander was van meer rechten voor de vrouw en van Turkije een moderne staat wilde maken, stelde harde grenzen aan de rol die de hoofddoek in het openbare leven mocht spelen.

De moderne Republiek heeft die grenzen tot nu toe gerespecteerd. Zo is het verboden om in overheidsgebouwen een hoofddoek te dragen en ook op universiteiten is zij taboe. Uiteraard geldt dat ook voor het parlement. Hoezeer de Turkse staat controle houdt op het hoofddoekenverbod, is voor iedereen te zien die een bezoek brengt aan een universiteit. Bij veel universitaire etablissementen staat `hoofddoekpolitie', die controleert of de hoofden van de dames wel `open' zijn.

Gelovige Turken hebben het verbod op de hoofddoek altijd als een diepe belediging van hun gevoelens en identiteit ervaren. Zij zien de hoofddoek als een symbool van religieuze beleving en vaak zelfs kuisheid. Het is dus niet verwonderlijk dat er een niet afhoudende strijd tegen het verbod wordt gevoerd. Zo dragen gelovige studentes vaak pruiken: ze dragen dan geen hoofddoek maar toch hebben zij als gelovige moslim hun hoofd bedekt.

In de stad Konya, vaak gezien als centrum van de strenge islam-beleving in Turkije, is ook bijvoorbeeld een fotograaf die dames met hoofddoek fotografeert maar dat attribuut vervolgens wegretoucheert zodat de pasfoto voor officiële doeleinden gebruikt kan worden.

Naast lijdelijk is er ook openlijk verzet. Zo bracht Merve Kavakçi, die bij de verkiezingen in 1999 in het parlement was gekozen, velen van haar collega's tot razernij door bij de eerste zitting met hoofddoek op te verschijnen.

Groot probleem in Turkije is nog steeds dat een debat over de hoofddoek er vrijwel altijd een is tussen doven en stommen. Seculiere Turken zien elke concessie met betrekking tot dat attribuut als een verkwanseling van de erfenis van de geliefde Atatürk en een eerste stap op weg naar de seriat, de islamitische wet. Gelovige Turken vragen zich af waarom de staat zich zo intens bemoeit met hun geloofsbeleving. Geen wonder dat de opmerkingen van president Chirac gisteren direct als groot nieuws in Turkije werd gebracht: de Turken kennen de problematiek maar al te goed.