Luchtvaart

,,Wij leven tegenwoordig in den modernen eeuw,'' zong de humorist Albert Bol in 1919, inclusief naamvallen, in een lied over de zegeningen van de luchtvaart – zo'n tijdgebonden nummer dat niemand meer kent, omdat alleen tijdloze liedjes de tand des tijds kunnen doorstaan. Des te verrassender is zodoende de cd Vliegende Hollanders die het Theater Instituut Nederland heeft uitgebracht ter gelegenheid van honderd jaar luchtvaart. Begeleid door zachte ruis is hier het geknepen stemgeluid te horen van allerlei gecoiffeerde heren, die de uitvinding van de vliegmachine bezongen.

Eerst nog werd er danig mee gespot. Voortaan zou de Kalverstraat leeg blijven omdat iedereen zich nu per vliegtuig door de stad ging verplaatsen (,,als een ritje met de tram / neemt ze nu de KLM''), terwijl het sociaal verkeer van de huisdeur naar het dak zou worden verplaatst. Niet alleen kwamen daar straks de bakker en de slager hun spullen bezorgen, maar ook schiep de pikante Eduard Jacobs in 1910 nog een ander toekomstbeeld: ,,Dan doen de mensen op de daken / net als de katten doen in maart.''

In de loop van de jaren twintig werd de spot echter verdrongen door de triomf, naarmate de nationale luchtvaart meer successen boekte. Maar toen Wim Sonneveld in 1952 het luchtige Ja, we vliegen aanhief, was het allemaal al behoorlijk alledaags geworden. De wereld is een klein provinciestadje zong Lia Dorana in 1957 in de populaire radioserie De familie Doorsnee: 's morgens nog op Montparnasse, 's middags op het Leidsepleinterras. En met dat liedje sluiten de samenstellers Harry Coster en Maarten Eilander deze cd vol curiosa af.

Vliegende Hollanders, luchtvaartklassieken. Favorite FAV 1-95208

    • Henk van Gelder