Afscheid van traditie

De brief waarin zes regeringsleiders onlangs de Europese Commissie waarschuwden dat de uitgaven van de Europese Unie in de toekomst moeten worden bevroren (NRC Handelsblad, 16 december), is een ernstige klap voor het gemeenschappelijke Europese beleid. Het is een nieuw voorbeeld hoe lidstaten, en de ministers van Financiën in het bijzonder, de Europese begrotingspolitiek ondergeschikt maken aan de binnenlandse begrotingsbehoeften.

Eerder was er al de recente schending van het zogeheten stabiliteitspact, dat de financiële en economische discipline in het eurogebied moest garanderen. In dat geval weigerden Duitsland en Frankrijk zich uit binnenlands-economische motieven aan de afgesproken regels voor begrotingstekorten te houden.

Dit soort gedrag heeft diepe oorzaken, die constitutioneel van aard zijn. Allereerst heeft het ermee te maken dat in alle lidstaten van de Europese Unie de binnenlandse begrotingspolitiek bepaald wordt door nationale politieke partijen. Hoewel deze partijen wel degelijk rekening zouden moeten houden met Europese en mondiale dimensies, gebeurt dat in de praktijk onvoldoende. In Nederland is het economisch belang van de internationale ontwikkelingen in de begrotingsstukken bijvoorbeeld op ietwat verscholen wijze aangegeven via een stuk van het Centraal Plan Bureau.

Dit is op zichzelf begrijpelijk. En het zou nog niet zo erg zijn, als de ministers van Financiën het Europese beleid maar niet ondergeschikt zouden maken aan hun binnenlandse begrotingspolitiek. Helaas is dat echter wel het geval. En wat Nederland betreft is dit in strijd met de traditionele voorkeur voor de communautaire methode, waarbij de Europese Commissie en het Europese Parlement naast de ministerraad hun hoofdrol spelen.

Prof.mr. P. VerLoren van Themaat was advocaat-generaal bij het Europese Hof van Justitie en auteur en medeauteur van talrijke publicaties over Europees recht.

    • P. Verloren Vanthemaat