Nevelen rond terreurgroep niet verdwenen

Na bijna tien maanden is vanmorgen het proces tegen de negentien verdachten van de Griekse terreurgroep `17de November' afgesloten met de straftoemeting.

Het vandaag afgesloten terroristenproces in Athene krijgt vooral kritiek omdat het niet mocht worden uitgezonden op de televisie. Dit verbod heeft echter ook uitgesproken voorstanders. Vrijwel algemeen is de lof voor rechtbankpresident Michalis Margarítis die het bijna tien maanden onvermoeibaar, met de nodige gemoedelijkheid en zelfs humor heeft voorgezeten. Iedereen is volledig aan bod kunnen komen. Halverwege de rechtsgang schokte Margarítis menigeen met de erkenning dat de beklaagden zich door politieke motieven en zelfs visioenen hadden laten leiden. Dit echter maakte het, zo zei hij, nog niet tot een politiek proces.

De `17de November', een mixture met sympathisanten van quasi-marxistische en nationalistische ideologieën, is genoemd naar de dag waarop een opstand onder studenten in 1973 de van van de militaire dictatuur (1967-1974) inluidde. De terreurgroep wordt verantwoordelijk gehouden voor 23 moorden en tientallen aanslagen sinds 1975. Onder de slachtoffers waren Amerikaanse officieren, Turkse diplomaten en een Britse militair attaché.

Een van de twee aanklagers oogstte tijdens het proces kritiek, niet alleen bij de verdachten, met zijn samenvatting dat de `17de November' ,,een door-en-door fascistische formatie met een stalinistische mentaliteit'' was geweest. Dit hangt samen met de kwestie van het leiderschap. Hoofdverdachte Jotópoulos, die 21 maal levenslang heeeft gekregen, werd beschuldigd van het ,,moreel leiderschap'' van de organisatie, maar is tot het eind toe blijven ontkennen dat hij er iets mee te maken had. Zelfs poneerden hij en zijn verdedigers – plus enkele andere verdachten – dat de organisatie helemaal geen leider had gehad. Maar, commentatoren vroegen zich af: hoe kon hij dit weten?

Jotópoulos en zijn advocaten hebben zich veel tijd getroost aan te tonen dat de leidersfiguur door de diverse geheime diensten als te voren werkhypothese is geprojecteerd en dat later de persoon Jotópoulos erbij is gehaald om deze in te vullen. Zij achtten het grafologisch en technisch bewijsmateriaal (vingerafdrukken) onvoldoende en betoogden dat slechts enkele van de andere verdachten hem als leiders hebben aangewezen ,,om strafvermindering te krijgen''. Volgens het Griekse wetboek van strafrecht zijn verklaringen van schuldigen over de schuld van anderen juridisch niet geldig.

Uit een enquête van het dagblad Eleftherotypía, dat het proces op de meest kritische wijze heeft gevolgd, blijkt dat tachtig procent van mening is dat het eerlijk is verlopen. Iets meer dan de helft gelooft aan de schuld van Jotópoulos, waar de krant steeds vraagtekens bij heeft gezet. Algemeen echter is het besef dat lang niet alle problemen zijn opgelost, dat niet alle betrokkenen zijn gestraft.

In nevelen gehuld blijft bijvoorbeeld de vraag wat er met de buit van de talrijke berovingen, geschat op 1,6 miljoen euro, is gebeurd. Het proces behandelde alleen de laatste twintig jaar, alles wat de in 1975 opgerichte organisatie voor die tijd had aangericht was verjaard. Over de ontstaansgeschiedenis en over de achtergrond van de eerste moorden zijn we dus niet veel te weten gekomen.

Jotópoulos zou van het begin af aan een leidersrol hebben gespeeld, maar over de schimmige Anna, een vrouw die in die jaren zou hebben gedomineerd, blijft in het ongewisse, alsmede over de achtergrond van de eerste moord, in 1975 op de chef van de CIA in Athene, Richard Wells.

Ook van een in 1984 door de `17de November' gepleegde moord, op de Amerikaanse militair adviseur Tsantes, is niet duidelijk geworden wie haar hebben uitgevoerd. De familieleden van deze twee Amerikanen betoonden zich in Athene dan ook zeer misnoegd over de procesgang en schaarden zich bij degenen die van oordeel zijn dat de `17de November' nog niet in haar geheel is opgerold.

De regering, die overigens elk idee van uitlevering van verdachten aan de Verenigde Staten afwijst, gaat ervan uit dat met de `17de November' nu is afgerekend. Met uitzondering van het geval-Tsantes zijn alle moorden van de laatste twintig jaar opgehelderd en sinds de bende in de zomer van vorig jaar werd opgerold geen nieuwe terroristische aanslagen met dodelijk gevolg geregistreerd. De discussie is van belang bij de nadering van de Olympische Spelen van volgende zomer.

Vorige maand vreesde de rechtbank nog dat het proces, mede als gevolg van een staking onder advocaten, tot januari zou duren, in welk geval alle verdachten zouden moeten worden worden vrijgelaten, daar men in Griekenland niet meer dan achttien maanden zonder proces kan worden vastgehouden.