Moslims Kenia voelen zich belaagd

Amerika ziet Kenia als haard van terrorisme. Veiligheidsmaatregelen treffen de moslimminderheid die steeds meer anti-Amerika wordt.

Het begint te schemeren in het nauwe straatje van Mombasa en de mannen in lange witte gewaden schuiven na een dag vasten ongemakkelijk op een houten bankje. Een straatverkoper zet de kopjes koffie en lekkernijen alvast bij hen op tafel, klaar voor als de voorzanger van de Sakina-moskee het sein geeft dat er weer gedronken en gegeten mag worden. Als uit de krakerige luidspreker de stem met het verlossende woord schalt, werpen de mannen zich gretig op de consumpties.

De tongen komen los. ,,We worden geterroriseerd door de bestrijders van het terrorisme'', opent imam Ali Shee het gesprek. Met volle mond stemmen de omstanders in. ,,Geheimagenten uit Amerika, Engeland en Israël infiltreren onze moskeeën en strooien met geld voor informatie. Op die manier zetten ze ons tegen elkaar op. Als je iets tegen je buurman hebt, dan is het 't makkelijkst om hem bij de Amerikaanse agenten aan te geven als een terrorist. Gegarandeerd dat hij onmiddellijk wordt opgepakt.''

De naam van George Bush valt. ,,Moge de vloek van Allah hem raken'', zegt sjeik Muhammed Dor, secretaris-generaal van de Keniaanse Raad van Imams. ,,Iedere dag als er Amerikaanse soldaten in Irak sneuvelen, vieren wij feest. En we bidden in de moskeeën dat er meer zullen sterven.'' Waaraan hij toevoegt dat Amerikaanse burgers buiten schot moeten blijven, want acties als die van Osama bin Laden steunen de imams niet. Zeker, Bin Laden is populair bij menig moslim in Kenia ,,maar dat komt omdat de Amerikanen de moslimgemeenschap treiteren''.

Amerika heeft Mombasa en de kuststreek van Kenia doelwit gemaakt in de internationale strijd tegen terrorisme. Na de aanslag in 1998 op de Amerikaanse ambassade in de hoofdstad Nairobi, de zelfmoordaanslag op een Israëlisch hotel bij de havenstad Mombasa vorig jaar en een eerder dit jaar ontdekt plan om met een vliegtuigje de Amerikaanse ambassade opnieuw te vernietigen, is het Oost-Afrikaanse land volgens Washington zo gevaarlijk dat het alle Amerikanen ten zeerste afraadt naar Kenia te reizen. Toen de Keniaanse president Mwai Kibaki onlangs Bush in Washington ontmoette en hem vroeg dit negatieve reisadvies op treffen, luidde het antwoord: `Er zijn nog steeds enkele heel gevaarlijke mensen in uw land'. Wellicht doelde hij op buitenlanders. Onder de aangehouden verdachten van de aanslagen is geen enkele Keniaan.

Moslims vormen in Kenia een kwart van de bevolking, maar langs de kust zijn ze in de meerderheid. Kenia heeft geen geschiedenis van islamitisch radicalisme of fundamentalisme. ,,In het multiculturele Kenia begrijpen we heus wel dat we niet voor de invoering van het islamitische recht kunnen pleiten'', zegt de blinde sjeik Khalifa Mohamed. ,,Wij eisen onze rechten, net als iedere Keniaan. Wat is de betekenis van een onafhankelijk Kenia als we geen rechten hebben?'' Hij laat zich nog een kopje koffie inschenken en vervolgt: ,,Bush chanteert onze regering. Als ze niet tegen ons moslims optreedt, ontvangt ze geen donorgeld. Als het belang van Amerika in het geding is, bestaat er opeens geen democratie meer.'' Bij de naam van Bush prevelen de omstanders: ,,Laat Allah een vloek over hem uitspreken.''

De Keniaanse moslims voelen zich belaagd. Ze zijn woedend over de honderden arrestaties die de afgelopen maanden aan de kust zijn verricht, arrestanten die de autoriteiten vervolgens meestal weer moesten vrijlaten wegens gebrek aan bewijs. ,,Ze pakken opa's en oma's op'', fulmineert Zubeida Issa, directrice van de islamitische mensenrechtenorganisatie Muhuri in Mombasa. Ze vertelt hoe een straatverkoper van houtskool werd opgepakt en geblinddoekt en in de cel elektrische schokken kreeg toegediend. Een Amerikaanse geheimagent ondervroeg de verdachte, die inmiddels wegens gebrek aan bewijs weer op vrije voeten is. ,,Het gaat hier soms toe als op Guantánamo Bay'', zegt ze bitter, verwijzend naar de Amerikaanse legerbasis waar meer dan 600 vermeende terroristen worden vastgehouden, zonder vorm van proces.

De woede richt zich behalve op de Amerikanen ook op de Keniaanse overheid ,,die zich als een poedel van de VS gedraagt''. In de moskeeën betuigen imams spijt omdat ze de moslims vorig jaar hebben opgeroepen op (de toenmalige oppositieleider) Kibaki te stemmen. ,,De mensen aan de top zijn van hetzelfde slag als in de vorige regering. We worden door christenen uit het binnenland gedomineerd'', tiert imam Ali Shee. ,,Zij laten zich misbruiken door de Amerikanen. Ze pakken onze banen af en stelen de beste grond langs de kust om er toeristenhotels te bouwen. Wij aan de kust worden gekoloniseerd door de stammen uit het binnenland. Maar we komen in opstand, dat beloof ik u. We eisen regionale autonomie. De campagne tegen moslims in de afgelopen maanden heeft de bevolking wakker geschud.''

Bronnen binnen buitenlandse veiligheidsdiensten zeggen dat zich ,,een kleine maar gevaarlijke cel van Al-Qaeda'' in Mombasa heeft genesteld en dat als er sprake is van pesterij tegen moslims dit op het conto moet worden geschreven van de Keniaanse autoriteiten. Zij namen onder buitenlandse druk de afgelopen maanden extra veiligheidsmaatregelen. Maar volledig beveiligd tegen terrorisme is Kenia niet. Bronnen in de haven van Mombasa zeggen dat daar nog steeds onopgemerkt schepen kunnen binnenkomen, met drugs, illegale immigranten en misschien ook wapentuig. Een corrupt en zwak overheidsapparaat maakt het effectief bestrijden van terrorisme welhaast onmogelijk.

Krauwende kraaien overstemmen inmiddels het groepje moslims bij de Sakina-moskee. Ze maken aanstalten om het gebedshuis te betreden. Maar Ali Shee wil nog iets kwijt. ,,Wij zijn tegen Bin Laden en hebben al herhaaldelijk onze hulp aan de Amerikanen aangeboden bij het opsporen van verdachten. We zetten informanten in om op radicalen te letten. Maar de Amerikanen weigeren onze uitgestoken hand. Bent u dan verbaasd dat wij de oorlog van Bush ervaren als een oorlog tegen moslims?''

,,Laat Allah een vloek over hem uitspreken'', murmelen de aanwezigen weer. Ze gaan de moskee binnen, waar bij de ingang een pamflet is opgeplakt. ,,Hun treiterijen houden hier bij de ingang op'', staat er op geschreven, ,,als ze zelfs hier binnen komen, is de tijd aangebroken voor een heilige oorlog.''