Arrestaties Van Gogh-diefstal

De twee hoofdverdachten van de diefstal van twee schilderijen van Vincent van Gogh, eind vorig jaar uit het Van Gogh Museum in Amsterdam, zijn aangehouden. De Spaanse politie heeft afgelopen vrijdag de 31-jarige Nederlander Octave D. gearresteerd in de Zuid-Spaanse badplaats Puerto Banús bij Málaga. Eerder vorige week al had de Nederlandse politie een tweede verdachte in bewaring gesteld. Dat heeft justitie in Amsterdam vanmorgen bevestigd. Van de in de Nederland opgepakte verdachte wil justitie voorlopig geen nadere gegevens kwijt. Tegen de daders liep een internationaal opsporingsbericht. Nederland heeft Spanje om uitlevering van Octave D. gevraagd. De twee gestolen doeken zijn nog niet teruggevonden.

Volgens de Spaanse politie heeft Octave D. de bijnaam `de aap', omdat hij er steeds in slaagde aan de politie te ontsnappen. De man wordt omschreven als ,,een gevaarlijke internationale crimineel''.

Met hulp van een ladder wisten de inbrekers op 7 december 2002 via het dak het museum in te komen. Ze namen Zeezicht bij Scheveningen (1882), een van Van Goghs eerste schilderijen, en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1882) van Vincent van Gogh mee. De kleine schilderijen zijn met lijst en al gestolen en zouden samen, zo verklaarde destijds de directeur van het Van Gogh Museum John Leighton, op de zwarte markt drie tot vier miljoen euro waard zijn. Ze waren niet verzekerd. De Hervormde kerk is bezit van de Stichting Van Gogh en het Zeezicht van het rijk. Het Van Gogh Museum loofde in juni een beloning van 100.000 euro uit voor de tip die zou leiden tot de oplossing van de diefstal.