Halfhartige sanering

Duitsland moest bezuinigen, heette het. De economie dreigde vast te lopen door de lasten van de verzorgingsstaat, de topzware bureaucratie en de overdaad aan regels van de duizenden verbanden en organisaties die dit land rijk is. Bondskanselier Schröder diende met veel bombarie zijn Agenda 2010 in, een hervormingspakket waarvan bij voorbaat vaststond dat het als geheel politiek onhaalbaar was. Alleen al in Schröders eigen partij, de sociaal-democratische SPD, bestond er veel weerstand tegen. En niet alleen daar. Bezuinigen op de verzorgingsstaat ligt bij de oppositie net zo gevoelig. Duitsland kan maar moeilijk wennen aan de gedachte dat de groei niet eeuwig duurt, dat de vakanties korter moeten en dat de staat niet langer tot achter de komma wonen en werken subsidieert. Het besef dat er iets moet gebeuren is bij veel Duitsers inmiddels doorgedrongen. Maar de bereidheid om daarvan ook de politieke consequenties te dragen, blijft gering.

Zie de magere deal die regering en oppositie dit weekeinde met veel pijn en moeite over sociale hervormingen en belastingverlagingen wisten te bereiken. Schröder is andermaal door de politieke behendigheid waarin hij excelleert als overwinnaar uit de strijd gekomen. Tegenstribbelend en wel moeten nu ook de Duitsers aan de economische hervormingen. Maar van een ingrijpende verbouwing van de verzorgingsstaat is geen sprake. Het thans gepresenteerde compromis is een schaduw van de oorspronkelijke plannen. Bezuinigen jawel – maar met mate en vooral niet alles tegelijk. Dat is samengevat de kern van de aangenomen plannen. Toch kan men spreken van een kleine doorbraak. Als het pakket inderdaad wordt ingevoerd, zou het voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog zijn dat Duitsland echt hervormt. De belastingen gaan omlaag, er wordt wat aan de vele subsidieregelingen geknabbeld en het ontslagrecht wordt iets soepeler.

Dat de Bondsrepubliek hiermee haar economische leidersrol zal hernemen, zoals Schöder claimde, is voorbarig en overdreven. Voor de aangeslagen Duitse economie biedt dit hervormingspakket nauwelijks soelaas. Daar is het te gering voor. Het is een dun compromis met als enige verdienste dat het net meer is dan de totale mislukking die velen vreesden. Veeleer is sprake van een politiek niet onbelangrijk moment dan van een economische doorbraak. De reacties uit het bedrijfsleven, dat hunkert naar groei, zijn dan ook ronduit negatief. Waar zijn de economische hervormingen gebleven, vroeg menig Duits ondernemer zich gisteren vertwijfeld af.

Duitsland, ooit aangeduid als de economische motor van Europa, moddert verder met een door compromissen aangetast saneringspakket. De oppositie in de Bondsdag heeft een opgelegde kans voorbij laten gaan om de roodgroene regering aan te pakken. Maar CDU en CSU hebben geen echt alternatief. Bezuinigen gaat ook die partijen slecht af. Bovendien kampen ze met een leiderschapsvraagstuk. Schröder kan dus doorgaan met zijn politiek van pappen en nathouden en hopen op betere tijden. De economie zal voorlopig niet opleven van de halve maatregelen van deze politieke overlever. Dat is niet alleen een Duitse, maar ook een Europese zorg.