Basjmet in luguber altvioolconcert

De matinee in het Concertgebouw begon zaterdag drie kwartier vroeger, om een reden die volgens matinee-directeur Jan Zekveld vermelding in het Guiness Book of Records verdient. Valery Gergjev, chefdirigent van het Rotterdams Philharmonisch Orkest en leider van het Mariinski Theater in St. Petersburg, leidde na de Matinee ook nog een concert in New York. Direct na de matinee stapte Gergjev daartoe op Schiphol in zijn privéjet, om 's avonds in Carnegie Hall met succes een benefietconcert tot behoud van zijn Mariinski Theater te dirigeren.

Van stress of gehaastheid was in Amsterdam niets te merken. Gergjev opende met een tot de verbeelding sprekende uitvoering van Pohjola's dochter, een 'symfonische fantasie' uit 1906 van Sibelius, gebaseerd op mythologische verhalen uit het Finse heldendicht Kalevala. De sombere inhoud van dit werk weerhield Gergiev en het Rotterdams Philharmonisch Orkest er niet van om alles op alles te zetten in een alleszins bezwerende uitvoering.

Daarna bewandelde de Russische altviolist Joeri Basjmet zijn door twijfels, angsten, wanhoop en andere kwelgeesten geteisterde levenspad in de Nederlandse première van het altvioolconcert Poet/Chemin/Path/Weg (2002) dat Raskatov voor hem componeerde in opdracht van het Mariinski Theater.

Het stuk, tevens een ode aan Sjostakovitsj, bleek de altviolist op het lijf geschreven, al heeft Basjmet als instrumentalist sterkere tijden gekend. Maar de lugubere strekking van het werk, door Raskatov omschreven als 'een ritueel offer' of 'een scheurende aorta', kwam goed over.

Daarna regeerde opnieuw de mysterieuze Finse natuur in een magistrale uitvoering van de Eerste symfonie van Sibelius, die als een kolkende rivier door het land van de Kalevala stroomde.

Concert: Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. V. Gergjev m.m.v. J. Basjmet, altviool. Gehoord: 13/12 Concertgebouw, Amsterdam. Radio 4: 16/12, 20u.