WETENSWAARDIG

Veel rondom het Vaticaan en de paus is in nevelen gehuld, of simpelweg bij veel mensen onbekend. Waarom vermoordde de vice-korporaal van de Zwitserse Garde in 1998 de commandant en diens echtgenote? En waar zijn de Vaticaanse euro's gebleven?

Euro Wim Duisenberg was er aanvankelijk niet zo heel erg blij mee, maar op 1 januari 2002 werd de euro het wettig betaalmiddel in Vaticaanstad. Vaticaanstad moet zich daarbij houden aan de regels van de Europese Gemeenschap en moest bij de invoering van de euro het zelfde tijdschema volgen als de Italiaanse Republiek.

Vaticaanstad mag niet meer munten uitgeven dan ter waarde van maximaal 670.000 euro per jaar. Deze nominale waarde wordt opgeteld bij de door de Italiaanse Republiek uitgegeven hoeveelheid. In het jaar dat de pauselijke zetel vacant wordt, in een jubeljaar en wanneer er een oecumenisch concilie wordt geopend, mag het Vaticaan echter extra munten uitgeven.

Op alle Vaticaanse euro's staat paus Johannes Paulus II afgebeeld, maar verwacht de paus niet tegen te komen in de portemonee. De Vaticaanse euro's zijn nauwelijks in omloop. Verzamelaars hebben ze grotendeels opgekocht (op de zwarte markt voor bedragen tot duizend euro voor een setje ter waarde van 3,88 euro). Alleen door tijdig te reserveren en te bestellen, kan een liefhebber nog aan een Vaticaans muntje komen.

Volkslied

Vaticaanstad heeft een eigen vlag en volkslied, hoewel dat laatste officieel pauselijke hymne genoemd moet worden. De mars is geschreven door de Fransman Charles Gounod voor Pius IX en voor het eerst uitgevoerd in 1869. Pas veel later maakte Pius II het officieel de pauselijke hymne, namelijk in het heilige jaar 1950.

Staatsburgerschap

In 1929 werd vastgesteld dat drie categorieën personen in aanmerking komen voor het Vaticaans staatsburgerschap: kardinalen met residentie in Vaticaanstad of Rome; diegenen die vanwege hun functie vast in Vaticaanstad wonen omdat een reglement dat voorschrijft; of personen die speciale toestemming van de paus hebben gekregen zich vast te vestigen in Vaticaanstad en het staatsburgerschap aan te vragen. Eventuele echtgenoten, echtgenotes, kinderen, broers en zussen, worden ook staatsburger, mits zij met de hoofdaanvrager samenleven. Het staatsburgerschap vervalt op het moment dat de gronden voor verlening vervallen.

Zwitserse Garde

De pauselijke Zwitserse Garde is verantwoordelijk voor de bewaking van het Vaticaan en de paus. Paus Julius II richtte het korps in 1506 op. Hij nam 150 Zwitserse soldaten in dienst vanwege hun goede reputatie. `Acriter et fideliter' (dapper en trouw) is het motto van het keurkorps dat dagelijks de vier uitgangen van het Vaticaan bewaakt en tegenwoordig 110 manschappen telt.

Om gardist te worden, moet een kandidaat aan strenge eisen voldoen. Hij moet Zwitser zijn, het rooms-katholieke geloof aanhangen, een onbesproken staat van dienst hebben, de opleiding hebben afgerond, tussen 19 en 30 jaar oud zijn, minimaal 1 meter 74 lang zijn (hoewel daarop tegenwoordig steeds vaker een uitzondering wordt gemaakt om het korps op sterkte te houden) en celibatair zijn. Vroeger was een lidmaatschap een grote eer, tegenwoordig is het lastiger om gardisten te krijgen, onder meer omdat het salaris karig is.

Hoewel hun taak vandaag de dag voornamelijk ceremonieel is, bewezen de gardisten hun reputatie als goede strijders, toen zij op 6 mei 1527 tijdens het beleg van Rome (door keizer Karel) paus Clemens VII in veiligheid brachten. 147 soldaten vonden bij die reddingsactie de dood, een gebeurtenis die tot op heden wordt herdacht door de eedaflegging van nieuwe rekruten jaarlijks op 6 mei te laten plaatshebben.

In 1998 werd deze ceremoniële bijeenkomst echter uitgesteld, nadat twee dagen eerder de lijken werden gevonden van kolonel Estermann (de nieuwe commandant), diens vrouw én van vice-korporaal Tornay. Die laatste zou de schoten gelost hebben op zijn meerdere en diens vrouw, waarna hij de hand aan zichzelf sloeg. Dat is althans de officiële lezing van het Vaticaan. De daad zou zijn ingegeven door woede over hoe Estermann zijn mindere behandelde. Maar al snel staken geruchten de kop op over een liefdesaffaire tussen Tornay en de vrouw van de kolonel. Jaloezie zou de aanleiding zijn voor de moorden. De Duitse krant de Berliner Kurier wist zelfs te melden dat Estermann spion van de Stasi was. Estermann zou tussen 1981 en 1984 geheime informatie over het Vaticaan aan de veiligheidsdienst van de DDR hebben doorgespeeld en zijn dood zou daar een afstraffing voor zijn. Het Vaticaan blijft echter bij de eerste verklaring. Pikant detail was wel dat het Vaticaan voor Tornay een rouwdienst in de kerk van Sant'Anna hield. Het was de eerste rouwdienst die ooit in het Vaticaan werd gehouden voor iemand die volgens de officiële lezing zelfmoord heeft gepleegd.

Twee pausen

Toen de kardinalen in 1378 in conclaaf gingen om een nieuwe paus te kiezen, waren de stemmen verdeeld en besloten zij als compromis te kiezen voor de aartsbisschop van Bari (later Urbanus VI), die aanvankelijk geen kandidaat was. Drie maanden later kwamen de kardinalen echter op hun keuze terug en kozen zij de Franse kardinaal van Genève tot paus. Maar Urbanus wilde niet van wijken weten. Terwijl hij in Rome aan zijn zetel vasthield, vestigde de andere `nieuwe' paus, Clemens VII, zich in Avignon. Het was nooit eerder gebeurd dat twee pausen zich de ware opvolger van Petrus noemden. Uiteindelijk werd deze situatie opgelost door een algemeen concilie de macht te geven pausen af te zetten of te benoemen. In 1417 koos het concilie van Constanz als nieuwe en enige paus Martinus V.

Bron: De Paus en zijn entourage (2003), Kurt Martens. Uitgeverij Davidsfonds NV. ISBN 90-5826-211-1