Sinaasappelbeest

Rond 1835 stopte de vrouw van Johannes Rheling, de laatste gouverneur van de Deense kolonie Tranquebar aan de Oostkust van India, wat kruidnagelen in een brief naar huis. Ze schreef hoe het traditionele Deense gehaktbroodje – Forloren hare – daar door de kok gekruid werd met de geurige nagelen en geraspte schil van sinaasappels. Bij de familie in Denemarken ging de Tamil-versie van de `namaak haas' een eigen leven leiden. Inmiddels maakt de 5de generatie nu in Nederland deze exotische variant van de Forloren hare volgens oud Deens familierecept en noemt die namaak haas `het sinaasappelbeest'.

Bereiding: Snijd de ham in smalle repen en vervolgens in korte stukjes. Meng ham, ui, zout, peper en kruidnagelpoeder door het gehakt. Klop de eieren, 3 eetlepels van de bloem en de melk tot een glad papje en meng dit door het gehaktmengsel. Vorm dit tot een ovaal (vorm van een beest), en leg het in een dun met olie ingevette ovenschaal. Steek 9 van de kruidnagelen in een rijtje over de `rug van het beest'. Rasp van 2 sinaasappels de schil af en pers er 3 uit. Halveer de vierde sinaasappel en snijd de helften in dunne plakjes. Vermeng het sap met de geraspte schil en basterdsuiker. Schenk de helft hiervan in de ovenschaal. Braad het gehakt circa 55 minuten, in een voorverwarmde oven, de eerste 15 minuten op 200° C, daarna op 185° C . Maak een kwartier voor het einde de saus. Smelt boter in een pan, roer er 1 eetlepel bloem door en laat op laag vuur even garen. Voeg al kloppend met een garde bouillon, de laatste kruidnagel en resterend sinaasappelsap toe. Breng aan de kook en laat 10-12 minuten op laag vuur garen. Zodra het gehakt gaar is, wordt het resterende vocht in de schaal door de saus geklopt. Proef op zout en maal er peper bij. Leg het sinaasappelbeest op een voorverwarmde schaal en garneer rondom met plakjes sinaasappel. Serveer de saus apart. Geef er aardappels, puree of rijst bij.