Mercedes Peón

Mercedes Peón wordt wel `de Spaanse Sinéad O'Connor' genoemd, maar veel verder dan een voorliefde voor de tondeuse gaat deze vergelijking niet. Peón heeft zeker een krachtige stem maar die is stukken nasaler dan die van haar Ierse collega. Bovendien is haar muziek een stuk minder poppy.

Op het debuutalbum Isue liet ze al horen wat ze had opgestoken van haar uitgebreide studie van Galicische folk (naar eigen zeggen heeft ze meer dan tweeduizend uur aan veldopnamen in de kast liggen).

De opvolger Ajrú gaat verder op de ingeslagen weg. Dat betekent: traditioneel Spaans-Keltische vocalen die soms neigen naar gejodel en een prominente rol voor de gaïta, de Galicische doedelzak. Maar de aankleding is allesbehalve ouderwets. Afrikaanse percussie, elektronica, accordeons en synthesizers zorgen ervoor dat Ajrú bij vlagen stevig en aanstekelijk rockt.

In eigen land wordt Peón vaak vergeleken met The Chieftains en Milladoiro maar ook de patchanka van Mano Negra ligt in het verlengde van haar straatje.

Mercedes Peón: Ajrú (Disc Medi, DM 838-02) Distr. Music&Words.

    • Edo Dijksterhuis