Mailen met de media-paus

Het huidige Vaticaan van Johannes Paulus II is inhoudelijk conservatief, maar maakt desondanks gebruik van de modernste communicatiemiddelen.

Als de traditie van de kerk van Rome zich historisch ergens op heeft toegelegd, is het wel communicatie. Al vanaf de vroegste tijden van het functioneren van de paus, is zorg en aandacht besteed aan het vertalen van de merkwaardige inhoud van het geloof (brood wordt vlees, wijn wordt bloed, God wordt mens en heeft een vader en een moeder) voor leken of sceptici. Al te gemakkelijk kon de transcendente boodschap immers geridiculiseerd, niet verstaan of niet begrepen worden.

Gregorius de Grote wendde rond 600 in dit verband voor het eerst de taal aan die wij nu die van de beeldende kunst noemen, met fundamentele gevolgen voor de cultuur van het Westen. De grote pausen van de Renaissance, Julius II en Leo X (aan het begin van de zestiende eeuw), verrijkten die beeldcultuur met het baanbrekende illusionisme van de kunst van Raphaël en Michelangelo. Eveneens van ongekend kunst- en cultuurhistorisch belang, en eveneens in essentie een middel tot communicatie van het christelijk wonder. In de `Romeinse' Barok van Bernini c.s. in de zeventiende eeuw werd die beeldtaal (overigens altijd begeleid door de woorden van de kansel) nog verder verfijnd, met grote en dramatische effecten die de ervaring van de bezoeker van een mis in een barokkapel tot haast de deelname aan een virtuele wereld buiten de alledaagse werkelijkheid maakte. Communicatie en retoriek zijn het gefundenes Fressen van de katholieke wereld.

Het is dan ook niet zo zeer revolutionair (zoals vaak beweerd wordt) als wel uiterst typerend dat het Vaticaan nu, onder leiding van Johannes Paulus II, de sprong naar de wereld van moderne communicatiemiddelen heeft gemaakt.

De huidige paus is wel een media-paus genoemd. Zijn grote overeenkomst met de huidige Italiaanse premier Berlusconi, is zijn ongekende energie in het brengen én overbrengen van de boodschap. Woytila reisde de wereld af, sprak iedereen toe die het horen wilde, ontving aan de lopende band, en vooral: gebruikte daarbij elk middel dat tot zijn beschikking stond.

Toegegeven, de krant van Vaticaanstad, L'Osservatore Romano, was er al (hij is in Rome trouwens opvallend vaak uitverkocht). Maar de efficiency van de soepele, haast per minuut aangepaste website in zes talen (www.vatican.va), die een groot arsenaal aan informatie en alle belangrijke teksten bevat, is nieuw. Nog geavanceerder is de elektronische persdienst, die aan iedereen die zich weet te accrediteren dagelijks vele berichten, quotes, en nieuwtjes mailt. De Vaticaanse radio en televisie draaien daarnaast volle toeren, alweer professioneel en uitgekookt. Want het devies is natuurlijk om niets controversieels te zeggen, altijd (gecontroleerd door waakhond kardinaal Ratzinger van de Rechte Leer, die vroeger Inquisitie heette) verifieerbaar en consistent te zijn.

De Vaticaanse pers is conservatief (hoewel niet extreem) en braaf. Want de katholieke traditie duldt geen tegenspraak, intern of extern. Toch noemen welingelichte kringen het publicitaire beleid `opener' dan vroeger. Dat heeft natuurlijk zijn grenzen. Wie een kardinaal-spreekbuis tegenspreekt krijgt nog altijd een stalen gezicht gevolgd door een groot aantal verbale krullen die een sierlijk `nee' in de lucht schrijven. Als het om de inhoud gaat, lijkt het toch vooral een Moskou aan de Tiber.

Het huidige pontificaat werd bij aanvang gezien als dat van een burgemeester in oorlogstijd: redden wat er te redden valt. Na 25 jaar Johannes Paulus II lijkt de kerk weer op de internationale kaart te staan, en dat is misschien wel vooral te danken aan zijn aandacht voor de media. Daarbij geldt die typisch Romeinse combinatie van continuering door vernieuwing, van gebruik van de nieuwste methodes voor haast het oudste nieuws ter wereld. Johannes Paulus II heeft er voor gezorgd dat het logge conservatisme dat het Vaticaan vooral vanaf de negentiende eeuw is gaan aankleven, niet zozeer inhoudelijk is aangepast (het Vaticaan is conservatiever dan ooit) als wel mediageniek is geworden.