Een nieuwe Robinson

Mensen in hun jas helpen. Daar hebben onze minister-president en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid nog niet aan gedacht. Je ziet iemand die zijn, of haar natuurlijk, rechterarm al in de rechtermouw heeft gestoken en nu al zwaai-tastend met de linkerarm naar het gat van de andere mouw zoekt. Snel toe. Hijs de jas zo ver op, dat deze arm als van nature het gat vindt. Lukt het dan nog niet, grijp de arm en stop die in de mouw. Dankbaar glimlachend kijkt de geholpene over de linkerschouder, alsof ze zeggen wil: u weet tenminste nog wat normen en waarden zijn! En u trekt het gezicht waaruit blijkt dat u beseft slechts uw plicht te hebben gedaan. Dit gezicht trekken, dat is het moeilijkste van de hele operatie.

Deze week is in Nederland `Het huis van de toekomst' geopend. Daar gebeurt alles automatisch. Ik heb niet goed opgelet terwijl ik het op de televisie zag, maar het komt erop neer dat via honderden in de muren, ramen en deuren ingebouwde, voorgeprogrammeerde sensoren dit huis alle wensen van de bewoner kan ruiken, of via de door haar/hem uitgezonden wensvibraties kan registreren. Die signalen worden dan in de bedoelde acties `vertaald'. Doe je het tuinhek open, dan begint achter de deur een hond vrolijk te blaffen. Doe de deur open, en hij springt spontaan tegen je op, helpt je uit je jas terwijl uit de kwadrafonische geluidsinstallatie uit een schijnbaar onnaspeurlijk `overal' je lievelingsmuziek klinkt.

De ijskast waarschuwt je als de melk bijna op is. Terwijl je staat te koken kun je met je kinderen op zolder praten, en eindelijk zal het roepen of zelfs vloeken tegen de televisie effect hebben want het ding is spraakgestuurd. Alleen wat je roept zal de aangeroepene nog niet bereiken. Maar dat komt, zeker. Dat zal de vervulling van de fundamentele democratie via de ether zijn.

Gelooft u het? Ik in principe wel. Nu alweer een paar jaar kun je met virtueel personeel van bijvoorbeeld een luchtvaartmaatschappij of een bank bellen, in een toestand van half ongeloof, halve wezenloosheid je overgearticuleerde wensen uitspreken, en dan krijg je uit een machine met een menselijke stem de bevestiging, of de mededeling dat ze je niet hebben begrepen. Wat gaat er door je heen? Niets anders dan wat er honderd jaar geleden door iemand heen ging als hij voor het eerst een wagen zonder paard zag rijden. En onlangs nog, bij het verschijnen van het mobieltje met een camera.

In een oud kinderverhaaltje is sprake van een Pietje en een Jantje. Wat zou Pietje willen uitvinden? Een knopje, en als hij daarop drukte, zou alles voor hem worden gedaan. En Jantje? Een knopje waardoor hij niet meer op dat knopje van Pietje hoefde te drukken. Flauw? Het is wel het beginsel waarom alles in dit huis van de toekomst draait. Op een van zijn reizen is Baron von Münchhausen de gast van een sultan. Die heeft zoveel bedienden dat hij zich praktisch niet meer hoeft te bewegen. Daardoor is hij te dik geworden om nog zelf te kunnen ademen. Twee lakeien voorzien hem met blaasbalgen van zuurstof. Dat tafereel is door Gustave Doré getekend. Een vroeg kijkje in het absolute huis van de toekomst. Doré heeft van deze sultan de absolute weerzinwekkendheid gemaakt.

De wereld ontwikkelt zich in twee richtingen die we op den duur waarschijnlijk als tegengesteld zullen herkennen. Aan de ene kant is er geen einde aan de automatisering. Wat we nu aan miniatuurwonderen in niet meer dan de twee zijzakken van ons jasje meedragen, zal nog een kleinigheid zijn vergeleken met de uitrusting waarmee we over vijf jaar de straat op gaan. Automatisering en miniaturisering zijn zelfgenererende processen. Aan de andere kant komt er geen einde aan de groei van de wereldbevolking. Nu wonen 6,3 miljard mensen op de planeet. Volgens de nieuwste rekenmethode van de Verenigde Naties zijn het er 9 miljard in 2300. Ik zou een lief dingetje geven als ik over 297 jaar even hier om het hoekje zou kunnen kijken.

Eén gevolg van de automatisering is dat steeds meer mensen steeds minder van steeds meer apparatuur weten, wat vooral blijkt als de apparatuur kapot gaat, en dat doet apparatuur. Op de Amerikaanse televisie werd een paar weken geleden het jongste vraagstuk van de moderniteit aangesneden. Waar laat je je kapotte of uit de mode geraakte mobieltje? Er zijn net als bij ons `verzamelpunten' en verder hebben ze er een apparaat, alweer, om zo'n ding uit de rest van al het weggegooide en afgedankte te vissen. Containers vol mobieltjes zag je. Waar gaan die heen? vroeg de verslaggever. Naar Afrika! Dat antwoord bleek afdoende.

Niet veel korter dan 297 jaar geleden, in 1719, schreef Daniel Defoe zijn The life and strange suprising adventures of Robinson Crusoe. Deze held wist zich in zijn eentje, zonder welke apparatuur dan ook, op een onbewoond eiland te handhaven. Iets dergelijks, hoewel ook weer volstrekt anders, zou de mens over drie eeuwen, temidden van de negen miljard kunnen overkomen. Het huis van onze toekomst is dan een achterhaalde ruïne. Een nieuwe Robinson schrijven, de zelfredzame mensen op een planeet met 9.000.000.000 medestervelingen. Lijkt me een uitdaging.

PS. Hier was sprake van Prikkebeen, de situatie op een schip waar men elkaar achterna zat, in die mate dat tenslotte allen en alles reddeloos rond draaide. Ik dank de lezers voor de kopieën die ze me van de begeleidende illustraties hebben gestuurd.

    • S. Montag