Een laatste kans voor Ahmet

Morgen kiest de Turkse Republiek Noord-Cyprus een nieuw parlement. De toekomst van het eiland en misschien zelfs die van Turkije staan op het spel.

Hoe belangrijk zijn de verkiezingen van zondag? Lang hoeft Ahmet Asoglu (26) niet over die vraag na te denken. ,,Het is mijn laatste kans'', zegt de Cyprioot op enige meters van de Groene Lijn die Nicosia in tweeën verdeelt. Ahmet studeerde aan een goede universiteit en hoopte met zijn masters diploma in de Economie een fijne baan te vinden. Maar omdat de Turkse Republiek Noord-Cyprus niet door de internationale gemeenschap wordt erkend en er een embargo is, ligt de economie al tientallen jaren op apegapen. ,,Als de oppositie wint, dan wordt Cyprus misschien weer een eenheid'', zegt Ahmet, ,,dan geef ik het nog een kans.'' Maar als de regeringspartijen met de verkiezingen aan de haal gaan en de verdeeldheid van Cyprus zal voortduren, is zijn besluit al genomen. ,,Dan geef ik het op'', zegt hij gelaten. ,,Ik emigreer en ga ergens anders een nieuw leven beginnen.''

Ahmet is niet de enige voor wie de verkiezingen van morgen veel meer zijn dan een simpel papiertje in een stembus: niemand op het eiland en Turkije twijfelt eraan dat de uitslag van de stembusstrijd de toekomst van deze regio duurzaam zal bepalen. Dat geldt in de eerste plaats voor Cyprus zelf. Als de oppositie wint, dan zal zij president Denktas zijn (politieke) macht afnemen en zelf met de Grieks-Cyprioten te onderhandelen over hereniging. Omdat Denktas volgens velen niets in hereniging ziet, geeft alleen een zege van de oppositie enig zicht op `vrede'. ,,Denktas vindt macht lekker'', aldus Ahmet. ,,En daarom zal hij altijd weer een oplossing uitstellen en uitstellen.''

Maar de stembusstrijd is ook voor Turkije zelf van belang. Zonder oplossing voor het probleem-Cyprus kan Turkije zijn hoop op lidmaatschap van de Europese Unie verder wel vergeten, zo heeft Ankara al vele malen uit Brussel te horen gekregen. Maar met de oppositie aan het roer ligt `vrede'op het eiland nader in het verschiet dan met de partijen die Denktas steunen. En dus zijn morgen ook alle Turkse ogen op het kleine Cyprus gericht. Het kleine electoraat hier van zo'n 140.000 mensen zal medebepalen hoe de toekomst van de zeventig miljoen Turkse broeders er uit zal gaan zien.

Ahmet weet al wat hij gaat stemmen: CTP. Deze partij van Mehmet Ali Talat lag de afgelopen tijd goed in de peilingen. Talat is in principe voorstander van het zogeheten Annan-Plan, dat Cyprus wil herenigen door het om te vormen tot een federale staat à la Zwitserland. In tegenstelling tot oppositieleiders uit het verleden heeft Talat zijn best gedaan om stemmen te winnen van de Turken die vanuit Turkije naar Cyprus kwamen en hier de Turks-Cyprische nationaliteit verwierven. Veel Grieks-Cyprioten zouden die `kolonisten' het liefst allemaal op een groot schip willen laden en terugsturen naar Turkije. Maar tot verbazing van veel Grieks-Cyprioten verklaarde Talat keer op keer dat het Annan-Plan absoluut niet tot gevolg heeft dat `Turken' massaal het eiland moeten verlaten. Zo hoopte hij de `nieuwe' Cyprioten uit Turkije, die van oudsher huiverig zijn van hereniging uit angst dat zij de plaat moeten poetsen, voor zijn CTP te winnen.

Maar zijn al die bezweringen genoeg voor een electorale doorbraak? Serap Destegül van de regeringspartij UBP betwijfelt het. Net als Ahmet gelooft ook zij dat de verkiezingen een referendum zijn over de Turkse Republiek Noord-Cyprus en het Annan Plan. Maar als partijgenoot Cemil Tamçelik het Annan Plan een ,,snoepje met vergif erin'' noemt, knikt ze instemmend en brandt ze los. ,,De Grieks-Cyprioten denken nog steeds dat zij de baas zijn op het eiland'', zegt ze. ,,Als wij het Plan Annan in deze vorm accepteren, lopen de Grieks-Cyprioten ons onder de voet. Over vijftien jaar hebben zij het dan voor het zeggen en zijn wij een minderheid.''

Serap moet lachen om de overtuiging van veel aanhangers van de oppositie dat lidmaatschap van de EU de Turks-Cyprioten tegen geweld van de Grieks-Cyprioten zal beschermen. ,,We hebben wel bij de kwestie-Irak gezien hoeveel gewicht de Unie politiek in de schaal legt'', zegt ze minzaam. ,,En in Joegoslavië en Kosovo – wat deed `Europa' daar?''

Serap heeft het plan in het Turks vertaald en kent alle artikelen en voetnoten. Maar misschien meer nog dan uit die noeste vertaalarbeid trok zij haar conclusies uit een gebeurtenis uit haar jeugd. Ze groeide op in het Verenigd Koninkrijk en haar beste vriendin was Grieks-Cyprioot. Maar toen ze negen waren, gingen de dames een discussie aan over Cyprus. ,,Cyprus is van de Grieken'', zei de vriendin. ,,Nee, van de Turken'', antwoordde Serap – en de vriendschap was over. Ook nu staat ze verbaasd over de arrogantie van de Grieks-Cyprioten die naar het `noorden' komen (,,Zij denken dat het hier een soort Afghanistan is'') en hun – in haar ogen – onbetrouwbaarheid. Waarom willen de Grieks-Cyprioten de stad Guzelyürt terug? ,,Daar komt 80 procent van ons water vandaan'', aldus Serap. ,,Dat geeft hun macht.'' En nog meer dan haar woorden spreekt de brochure die ze bij het afscheid geeft: op de voorpagina staan gruwelijke foto's van vluchtende Turks-Cyprioten uit de tijd dat extremistische Grieks-Cyprioten nog naar aansluiting met Griekenland streefden en Turks-Cyprioten het leven zuur maakten.

Ahmet denkt over dat verleden heel anders dan Serap. ,,Het Turkse leger heeft hier ook gruwelijke dingen gedaan”, meldt hij langs zijn neus weg. ,,Mijn oom heeft gezien hoe een tank een Grieks-Cyprioot plette tegen een muur.'' Zo verdeeld is het electoraat (en zeker ook de jeugd) in Noord-Cyprus dat een hier opgenomen Turks televisieprogramma niet wordt uitgezonden. ,,De jongeren kregen het zo met elkaar aan de stok'', vertelt een medewerker van de UBP, ,,dat ze elkaar begonnen uit te schelden.'' Het is dat tot op het bot verdeelde electoraat dat morgen naar de stembus gaat. De vliegtuigen uit Istanbul zitten inmiddels vol met Turks-Cyprioten die buiten het eiland wonen, maar alleen om te stemmen even overvliegen.

    • Bernard Bouwman