Rotterdams college zwakt eigen plan af

Het Rotterdamse college is bereid af te zien van het voorstel een inkomenseis te stellen aan nieuwkomers in de stad. Ideeën voor zo'n inkomenseis of bijvoorbeeld een asielzoekersstop zijn vooral bedoeld om problemen ,,op de agenda van het rijk'' te zetten.

Als andere voorstellen ook tot effect hebben dat de toestroom van kansarmen naar de stad afneemt, wil het Rotterdamse college (Leefbaar Rotterdam, CDA en VVD) de voorstellen wel weer intrekken.

Dat werd gisteravond duidelijk bij de behandeling van het plan Rotterdam zet door. Op weg naar een stad in balans door de gemeenteraad, waarvan een meerderheid tegenstander bleek van een inkomenseis aan nieuwkomers. Wethouder Pastors (Leefbaar Rotterdam) zegde de raad daarop toe het rijk te zullen vragen om een andere maatregel ,,met een vergelijkbaar effect''.

Burgemeester Opstelten bleek bereid de eis om illegaliteit strafbaar te stellen ,,in te slikken als in overleg met het kabinet blijkt dat dit onhaalbaar is''. Opstelten: ,,Onze voorstellen zijn bedoeld om zaken op de agenda te zetten. Dit is het begin van een discussie.''

Een delegatie van het Rotterdamse college, bestaande uit Opstelten, Pastors en wethouder Van der Tak, praat vanmiddag in Den Haag met een aantal verantwoordelijke ministers over Rotterdam zet door. De ministers Dekker (VROM) en Verdonk (Integratie en Vreemdelingenzaken) voelen weinig voor wetswijzigingen. Voor de invoering van een inkomenseis aan nieuwkomers, het strafbaar stellen van illegaliteit of een tijdelijke stop op de huisvesting van asielzoekers zijn die noodzakelijk. Naar verwachting zullen ministers en college vanmiddag de mogelijkheid van `experimenteerwetgeving' voor grote steden bespreken.

Het debat in de gemeenteraad ging behalve over de haalbaarheid van de voorstellen ook over de toon ervan. De oppositie hekelde die toon als ,,een benadering van de stad door de ogen van de rampenbestrijding'', ,,stemmingmakerij'' of ,,het degraderen van mensen tot tweederangsburgers''.

De kritiek van de oppositie leidde herhaaldelijk tot aanvaringen met de coalitie. Met name Leefbaar Rotterdam toonde zich voorstander van de plannen. Die zullen er naar verwachting van fractieleider Sørensen toe leiden ,,dat de bevolking in Rotterdam weer een afspiegeling wordt van de Nederlandse samenleving''. Hij zei ,,een gemiddelde Nederlandse stad'' voor zich te zien. Dit betekent verhoudingsgewijs minder allochtonen.

Van deze suggestie werd 's avonds afstand genomen door burgemeester Opstelten. Deze zei niet de opvatting te delen dat Rotterdam een gemiddelde stad zou moeten zijn. ,,Rotterdam heeft een eigen cultuur en een eigen historie. Rotterdam moet zich vergelijken op Europees niveau.'' Volgens Opstelten mag het debat ook over de toon gaan. ,,De toon mag nooit het schisma bevorderen, daar moeten wij elke dag alert op zijn. Wij vormen het bestuur van álle Rotterdammers.''