Ontsnappen via de wastafel

De meisjes en de jongen uit groep 1 van Strandlust dragen knuffelige kleren in pasteltinten. In hun midden zit een heks in het zwart. Loes heet ze. Haar moeder zegt altijd dat ze eruit ziet `als iets wat de kat heeft opgegraven.' Ze is, met een buik vol alcohol en slaappillen, uit zee gevist door een hond. Sindsdien verblijft ze in Strandlust, een psychiatrische inrichting waar Een-Nul voor de autisten, het nieuwe boek van Karlijn Stoffels, zich afspeelt.

Karlijn Stoffels ontpopte zich na haar krachtige, veelbekroonde en tot in Japan vertaalde debuut Mosje en Reizele (1996), gelocaliseerd in het Polen van 1939, tot een van de weinige werkelijk geëngageerde schrijvers in Nederland. Sindsdien plaatst ze haar boeken in het heden – met als thema jongeren van diverse komaf die het in Nederland niet al te best getroffen hebben. Ze schreef bijvoorbeeld over wat zich zoal afspeelt in de garageboxen in de Bijlmer en over het harde leven langs de randen van de Amsterdamse Sloterplas.

De titel van haar nieuwste boek Een-Nul voor de autisten klinkt als een kreet, als de titel van een pamflet. Weg met de psychiaters, hup met de patiënten, zoiets. Maar Stoffels is er de auteur niet naar om zo'n eendimensionale boodschap uit te dragen.

Stoffels schrijft vanuit Loes, in de tegenwoordige tijd. `Vandaag ben ik jarig', luidt de eerste zin van het boek en vanuit dat ogenschijnlijk vrij fletse begin komt er meteen vaart in het verhaal. Het zoemt in het hoofd van Loes. Een hoge zoem die alleen stopt door met haar voorhoofd ergens tegenaan te bonken. Razend knap is het hoe Stoffels van Loes een psychiatrische patiënt maakt, die dringend hulp nodig heeft, terwijl ze haar tegelijkertijd een heldere stem geeft. Loes is slim, stoer en laconiek opstandig, maar ook een wrak.

Loes' humor geeft lucht aan het verhaal, zonder dat de beklemming wijkt. Ze ziet dingen die er niet zijn en registreert wat er wél is, en blijft daarbij nog geloofwaardig ook. Soms twijfelt ze: `Vandaag heeft Ben dienst. [...] Ben heeft een huidziekte. Hij draagt altijd van die rode plastic handschoenen als hij afwast. Hij heeft ook rode vlekken in zijn gezicht, geloof ik. Maar dat kan ook aan mijn ogen liggen. En misschien bestaat Ben ook helemaal niet en staat er een klein groen mannetje in de keuken.' Op zulke momenten bekruipt de twijfel ook de lezer. Klopt het wat Loes over haar verleden loslaat? Is ze misbruikt door de vriend van haar moeder? Stoffels doseert feilloos. Het wankelen blijft wankelen en helt nooit over.

Een-Nul voor de autisten is een helder boek over verwarring. De helderheid spreekt uit de beelden die Stoffels kiest. Vruchteloos probeert Loes uit `de separeer' te ontsnappen via het putje in de wastafel. De pillen die ze haar daarop geven maken haar hoofd `zo wollig als een gebreide bal voor baby's.' Ze kan er alleen nog `zachte ploefjes' mee geven. Behalve Loes krijgen ook veel andere verdwaalde jongeren een gezicht en een geschiedenis. Dankzij het opnemen van veel dialogen tijdens de groepstherapiëen en door de rollenspellen die Loes bijwoont, wordt hun achtergrond duidelijk. Pijnlijk zijn de ouderbezoeken, levensecht de samenzweringstheoriëen die de patiënten onderling koesteren jegens de staf. Het is die strijd van onderwerping en opstandigheid die het boek zijn titel gaf. Geregeld roept een van de patiënten uit: `Een-nul voor de autisten!' Op die momenten wordt de voor het overige zo consequent en vernuftig onnadrukkelijke stijl hinderlijk doorbroken.

De wereld is klein, binnen de muren van de inrichting en er is dan ook veel ruimte gemaakt voor huishoudelijke notities. Wat wordt er gegeten en wie wast er af, wie heeft er recht op de wasmachine en hoe verhoudt dat alles zich tot de te realiseren `persoonlijke doelen.' Voor Loes en haar medebewoners is het van levensbelang. Voor de lezer van Een-Nul voor de autisten al gauw ook.

Gaandeweg wordt Loes wat beter, zonder dat het er letterlijk staat. Het is alsof je het ziet gebeuren, door Loes' woorden heen. Ze krijgt oog voor de problemen van anderen en ontdekt dat er voor haar in hun levens een rol kan zijn weggelegd. En ze merkt ook meteen hoe griezelig het is die macht onder ogen te zien. Pijnlijk en waar en onafwendbaar is dat, zoals alles in dit boek. Het valt inderdaad niet mee, normaal te functioneren. Aan het eind verlaat Loes Strandlust, met een bang hart. Liefst zou je haar bij de hand willen nemen.

Karlijn Stoffels: Een-Nul voor de autisten. Querido, 119 blz. €11,50. Vanaf 12 jaar

    • Judith Eiselin