Onderzoek declaraties Halliburton

Halliburton, het Amerikaanse bedrijf waar Dick Cheney voor hij vice-president werd de topman was, heeft mogelijk 128 miljoen dollar te veel in rekening gebracht bij wederopbouwwerk in Irak.

Dat melden vandaag verscheidene Amerikaanse media. Het zou gaan om dochter Kellogg, Brown & Root, een Texaans bedrijf dat voor 61 miljoen dollar (49 miljoen euro) te veel aan brandstofkosten, en Halliburton zelf dat voor 67 miljoen dollar te veel aan cafetariadiensten in rekening zou hebben gebracht. Accountantsonderzoek van het Pentagon, het Amerikaanse ministerie van Defensie en verlener van wederopbouwcontracten voor Irak, zou dat aan het licht hebben gebracht.

Moederbedrijf Halliburton, dat in de olieaannemerij zit, ontkent alles en wacht de definitieve uitkomst van het onderzoek met vertrouwen af. Het bedrijf wordt dan ook niet door het Pentagon beschuldigd of gevraagd het geld terug te storten, meldt vandaag The Washington Post.

Volgens een woordvoerder van het Pentagon stak bij het benzinecontract niet de dochter of Halliburton zelf de 61 miljoen dollar in de zak, maar een Koeweitse onderaannemer. ,,Je moet nogal stom zijn als je dit opzettelijk doet'', zei de woordvoerder op een gisteravond inderhaast georganiseerde persconferentie in Washington. Hij benadrukte dat de Koeweitse regering dit voorjaar aan de Amerikaanse strijdkrachten gratis benzine heeft gegeven.

Volgens de topman van Halliburton, David J. Laser, gaat het bij het accountantsonderzoek naar de cafetariadiensten door Halliburton niet om een ,,rekening'', maar om een ,,voorstel'', zo zei hij tegen de krant. Daarbij zou het gaan om een contract voor de levering van voedsel aan het Amerikaanse leger in Irak.

Democraten kritiseren het ontbreken van concurrentie bij deze contracten, die door de Amerikaanse autoriteiten direct werden toegewezen. Woensdag wist de Democratische afgevaardigde Henry Waxman uit Californië te vertellen dat Halliburton benzine uit Koeweit importeert en er 2,64 dollar per gallon (3,78 liter) voor doorberekent, terwijl de Iraakse oliemaatschappij het voor 1 dollar kan, en de burgers in Irak 5 dollarcent betalen.