Met één vraag kun je leven

Duizenden dia's als ansichtkaarten, een projectie van honderden quasi-banale vragen. Het Zwitserse kunstenaarsduo Fischli en Weiss keert de dingen lichtvoetig om.

Een rotzooitje. Gestapelde pallets, emmers met verf, plastic kinderlaarsjes, een gettoblaster, vieze koffiebekers, een elektrische boor, willekeurig neergezette sokkels. Hier wordt aan een volgende tentoonstelling gewerkt. Denk je, totdat het oog blijft haken aan een detail. Die sigarettenpeuken in hun asbak zijn erg stijf van vorm. De textuur van de pallets is op de een of andere manier te zacht, en de met verfspetters besmeurde leren kussens zijn weer te plat.

Aanraken mag niet, dus de ogen tasten oppervlaktes af, ze voelen dikte, hardheid, kneedbaarheid, gewicht. Dan zie je het: de dingen in deze museumzaal zijn nep, vervaardigd van polyurethaan en `levensecht' beschilderd. Alles, tot en met het afval in de afvalbak, is nauwkeurig nagemaakt. Het is een werk van de Zwitserse kunstenaars Peter Fischli (1952) en David Weiss (1946).

Ongeveer vijftig jaar geleden schreef een Amerikaanse criticus spottend dat galeriehouder Leo Castelli alles kon verkopen, zelfs blikjes bier. Hierop liet Jasper Johns (schilder) bierblikjes afgieten in brons en schilderde de etiketten na. Zo ontstonden niet alleen nep-blikjes, maar ook, met een schuin oog naar Marcel Duchamp, nep-ready mades. De blikjes, die direct door Castelli werden verkocht, behoren nu tot de grootste iconen van de moderne kunst. In dezelfde tijd werd Andy Warhol beroemd met zijn fake Brillo-dozen.

De dozen en blikjes waren nog geïsoleerde voorwerpen. Robert Gober, ook een Amerikaanse kunstenaar maar van een jongere generatie, vervaardigt replica's van voorwerpen die nauwelijks van echt te onderscheiden zijn en past ze toe in installaties.

De installatie Untitled van Fischli en Weiss doet aan het werk van Gober denken. Met dit essentiële verschil dat Gober de beschouwer een gruwelijk en traumatisch universum in trekt, terwijl er bij Fischli en Weiss niks dramatisch' aan de hand is. Ook in artistiek opzicht is dit werk niet revolutionair.

Wat gebeurt er dan wel? Op een lichtvoetige manier weet het kunstenaarsduo een omkering van de dingen, en van de geijkte manier van kijken naar de wereld en naar kunst, te bewerkstelligen. Voor de meeste museumbezoekers blijft een belangrijk criterium voor kunst nog steeds dat het kunstwerk `net echt' is. Ze houden van kunst die een herkenbare afbeelding van de wereld is, het liefst zo natuurgetrouw mogelijk. In Haarlem, waar momenteel een tentoonstelling is van de levensechte poppen van Ron Mueck, staan mensen in de rij en nooit zie je ze zo intensief naar kunst kijken als hier. Wat ze zien is dan ook geen kunst (bezoekers van Madame Tussaud's kijken op precies dezelfde manier), maar ze zien zichzelf, als in een spiegel.

Fischli en Weiss hebben dit alles omgedraaid. Zij tonen een zaal waar een tentoonstelling wordt opgebouwd of afgebroken, en het is deze ontmanteling die niet echt is. Het is een sculptuur, een installatie. Hun werk is niet een bevestiging van onze gekende waarnemingen, maar roept de vraag op naar hoe echt de wereld zoals we die waarnemen eigenlijk is.

In de drie zalen van architect Bodon op de eerste verdieping van Museum Boijmans maakten Fischli en Weiss, die sinds 1979 samenwerken, drie grootschalige installaties waar Untitled er één van is. De werken zijn niet af, ook al zijn de kunstenaars er meer dan tien of vijftien jaar mee bezig. De installaties zijn voortdurend in wording; in feite zijn het almaar uitdijende verzamelingen van dingen.

Sichtbare Welt is een collectie van drieduizend dia's, getoond op lange tafels met lichtbakken. De kijker wordt meegenomen op een reis langs alle hoogtepunten op deze aarde, van de Grand Canyon, de berg Fuji en de Golden Gate Bridge tot de Borubudur en de Eiffeltoren. Ook zien we vliegvelden, nieuwbouwwijken van moderne Europese steden, geiten in de wei, gloeiend-oranje zonsondergangen boven zee, woestijnen met cactussen, besneeuwde bergtoppen. De dia's zijn zorgvuldig gerangschikt met een harmonieus verloop van licht naar donker en weer terug, en van roodoranje naar paars, blauw, groen, geel en bijna kleurloos, en weer terug.

Hoe divers de onderwerpen ook zijn, alle dia's lijken op elkaar. Ze laten de wereld zien zoals ansichtkaarten dat doen. De beelden zijn weloverwogen en evenwichtig gekaderd, alles, ongeacht het onderwerp, of het nu een vliegtuig is of een heilig boeddhabeeld, is in hetzelfde frame gezet. Het zijn de clichés van de toerist, het is de paradijselijke wereld zoals reisbureaus die ons als hapklare maaltijd voorschotelen.

Sichtbare Welt is ook in boekvorm gepubliceerd. Per bladzijde acht afbeeldingen, van elkaar gescheiden door het wit van het papier, als regelmatige, identieke rasters. Net zoals Untitled zich verhoudt tot het werk van Gober, verhoudt Sichtbare Welt zich tot de beroemde Atlas (1962-1997) van Gerhard Richter. De Duitse schilder bracht hier duizenden foto's, collages en schetsen bijeen die, als een schatkamer, het oermateriaal zijn voor zijn schilderijen. Sommige pagina's, met name die met schetsen en collages, wijken af van het boek van Fischli en Weiss. Maar de vele pagina's met landschapsfoto's van Richter zijn bijna identiek aan Sichtbare Welt, met een soortgelijke spatiëring tussen de foto's.

Maar in hun uitwerking konden de verschillen tussen deze twee projecten nauwelijks groter zijn. Allereerst weet je, en zie je, dat de afbeeldingen bij Richter het uitgangspunt zijn voor iets anders, ze zijn middel tot een doel, terwijl de foto's van Fischli en Weiss steeds zeggen: this is it. Bij Richter vind je ook hier en daar verschrikkelijk foto's, van een concentratiekamp, of van een man die in een safaripark verscheurd wordt door leeuwen, of foto's van Beroemde Mannen. En intieme foto's, van zijn geliefde, van een moeder die haar baby zoogt. Bij Richter voel je overal de menselijke aanwezigheid, er is drama. Zijn Atlas is persoonlijk, het is een verslag van zijn ontwikkeling en van zijn uiteenzetting met de wereld van zijn tijd. En alle afbeeldingen zijn door hem met de grootste precisie omschreven en gecatalogiseerd, vijftig pagina's lang. De afbeeldingen van Richter hebben waarde, betekenis.

De foto's van Fischli en Weiss betekenen niets, ze zijn leeg. Mensen komen er ook niet in voor, behalve een enkele keer als zetstukken in een drukke straat. De beelden laten neutrale locaties zien, nooit bezielde plekken. Hoe sprookjesachtig ook, alle foto's zijn afbeeldingen van non-places. Het werk is een matrix, het is wat David Summers in zijn boek Real Spaces (Phaidon, 2003) metaopticality noemt, een geometrisch frame van alles wat zichtbaar is door het oog van de camera, en van alles wat door de camera, vanuit één, abstract standpunt op het platte vlak kan worden geprojecteerd. Een virtuele wereld van licht, donker en kleur volgens het principe van het perspectief. De hele wereld is zichtbaar gemaakt, maar uiteindelijk krijg je niets te zien.

De derde installatie, Fragenprojektion, bestaat uit een verzameling van honderden vragen die door middel van negentien diaprojectoren, in vier talen, at random op de wanden van de middelste zaal worden geprojecteerd. Het zijn quasi-banale vragen, zoals `Zijn we de controle aan het verliezen?', `Kan ik, mag ik alles doen?', `Moet ik minder aandacht aan mijn zorgen besteden?', enzovoort. De negentien projectoren staan kriskras door elkaar heen op een tafel midden in de zaal, ze klikken en zoemen lustig voort. Ertussen staat een klein model kinderbed. Het zijn de vragen die ons sinds onze kindertijd 's nachts uit de slaap houden. Met één vraag kun je leven. Je kunt er ook duizend stellen en dan hoef je ze niet te beantwoorden. De drie installaties zijn samen een indrukwekkend en zeer goed doordacht geheel.

Het werk van Fischli en Weiss is een luchthartige maar tegelijkertijd kritische reflectie op de kunst en het museum. Het gaat over de oude vraag naar het onderscheid echt/niet-echt, over de betekenis van verzamelen, over de voorwaarden waaronder kunst in het museum kan worden getoond. Maar hun werk is meer nog dan dat: het is ook een kritische reflectie op onze waarneming van de werkelijkheid, en op de manier waarop we in de wereld zijn. Beelden, vragen, voorwerpen, ze doen zich aan ons voor, trekken aan ons voorbij zonder dat we er grip krijgen, zonder dat we ergens werkelijk betekenis aan kunnen hechten.

Peter Fischli en David Weiss. Tentoonstelling in Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam. Tot 8 februari 2004. Di za 10-17 uur, zo 11-17 uur.

    • Janneke Wesseling