Macht over het meisje

In hun bewerking van Wagners `Ring des Nibelungen' hebben Frank en René Groothof de mythe van de Ring verrijkt met een verhaal over broedertwist. `Het past op een half A4'tje.'

Wie heeft de ring, Wotan of Alberecht? Net had Wotan hem nog teruggepikt, verkleed als langharige herbergierster met een fles cola en een moker. Nu heeft Alberecht hem weer en zit hij veilig bovenop een roestige waterbuis, veranderd in een draak, met een lasbril, een gasbrander en een lange gouden sleep om zijn hoofd. Wotan trekt zijn ridderkostuum aan – gedeukt vergiet, ventilatorscherm, kachelpijp – en gebruikt zijn meisje Brünnhilde als lokaas in bikini om de rivaal van zijn pijp af te lokken.

De draak besluipt Brünnhilde, Wotan besluipt de draak. Maar het loopt steeds fout, omdat Brünnhilde te vroeg of te laat het podium oversteekt: ,,Ik ga pas lopen als ik het sissen van de gasbrander hoor. Maar ik hoor niets want de muziek staat te luid.''

Het is maandagmiddag in theater De Purmarijn te Purmerend. Frank en René Groothof werken aan De Broertjes en de Strijd om de Ring, een bewerking voor kinderen van Richard Wagners Ring des Nibelungen (1848-1876). Hun kinderring gaat hier morgen in première. Doorgaans duurt de vierdelige operacyclus zo'n veertien uur. De broers Groothof zijn na anderhalf uur reeds bij hun allesverwoestende Brüderdämmerung aangeland. Frank Groothof: ,,Het oorspronkelijke stuk duurt weliswaar vier avonden, maar dat komt doordat Wagner zo graag heel veel muziek wilde componeren. Het verhaal past op een half A4'tje.''

Frank Groothof, de kinderheld van Sesamstraat die al jaren met veel succes bekende opera's voor kinderen naspeelt, heeft zich bij het bewerken grote vrijheden veroorloofd. De oorspronkelijk Germaanse mythe – over de magische Ring die steeds opnieuw wordt geroofd en zo een keten van vernietiging veroorzaakt – heeft hij vermengd met het geruzie van twee broertjes. Zij strijden om een meisje, totdat de strijd zo belangrijk wordt dat ze het meisje vergeten.

Frank vroeg aan zijn broer René om mee te spelen. Dat is bijzonder, want het laatste grote project van `de broertjes' is alweer twaalf jaar geleden. Althans, dat zegt Frank. Volgens René is het zestien jaar geleden. Frank: ,,We speelden Epifany, gehusseld met The Sunshine Boys, een stuk over een duo dat op springen staat. Daarna wilden we Schuberts liederencyclus Winterreise bewerken, met tekst van Raymond Carver.''

René: ,,Maar toen kregen we ruzie, wrijving over de grote druk waaronder Frank werkte. Hij was vaak niet op tijd. We hebben sindsdien nog wel incidenteel samengespeeld, en ik heb een aantal van zijn opera's geregisseerd. Maar dit is weer het eerste grote gezamenlijke project op het podium.''

De broers Groothof vormden in de jaren zeventig een duo bij het Werkteater. Ze maakten in de jaren tachtig Broertjes en Gebroed, autobiografische voorstellingen over twee broers die op hun slaapkamer fantasieverhalen spelen. Frank was de baas. René was het broertje dat zich tegen Frank moest verweren. Deze Ring is eigenlijk een Broertjes 3. René: ,,Frank had zijn verhaal en muziek al klaar, toen zei ik: waarom doen we het niet als de broertjes? Alsof we de Ring spélen?''

Rijngemaal

Zo ontstond een raamvertelling waarin de spelers zich wat vrijer kunnen bewegen: drie kinderen spelen in een `Rijngemaal', een verwijzing naar het 19de-eeuwse gemaal met kerkramen langs de dijk waar Frank woont en waar zijn zes kinderen vaak spelen. In de opera heeft Frank (Frank Groothof) de ring van zijn moeders nachtkastje gestolen, om het hart van buurmeisje Erna (Erna Sassen) te veroveren. In de eerste scène wil zijn kleine broertje René (René Groothof) ook graag meespelen, maar Frank vernedert hem voor de ogen van Erna. René zint op wraak. In hun kinderspel is Frank vervolgens oppergod Wotan en René de dwerg Alberecht. De rol van koene ridder Siegfried vervullen ze om de beurt; zo kan de Walkure Brünnhilde (Erna) van partner wisselen, zonder ontrouw te zijn aan `Siegfried'.

Frank: ,,De vernedering van René is een variant op het begin van de oorspronkelijke Ring. De dwerg Alberecht bewondert de Rijndochters, maar wordt door hen belachelijk gemaakt. Daarom steelt hij de ring. Ik wil de kinderen laten zien hoe woede en geweld ontstaan uit afwijzing. Verder wil ik het verhaal vertellen van de man die verkeerde keuzes maakt, het niet zo nauw neemt met zijn eigen principes en zo van kwaad tot erger vervalt.''

Vijf dagen voor de première kan alles nog alle kanten op; ook dat is gebruikelijk bij Groothof. In de kantine bespreekt hij met regisseur Titus Tiel Groenestege en Erna Sassen een weeffout in het script. In het Ringverhaal moet Alberecht de liefde afzweren om de ring te krijgen (,,Hij kostte 3,95, geloof ik''). In hun verhaal willen Frank en René de ring juist gebruiken om de liefde van Erna te winnen. Is het de ring van liefde of van macht? Voorlopig wordt de kwestie beslist met: de ring geeft macht over het meisje.

Boven repeteren de spelers verder aan een scène waarin Erna het uitmaakt met Frank, omdat ze met René wil. Ze verdwijnt achterop zijn paard (bezem met kachelpijp), Frank roept haar na dat ze zich warm moet inpakken: ,,Anders krijg je weer blaasontsteking.'' Hij laat het er niet bij. Hij zet de rookmachine aan, waardoor Erna verdwaalt in de mist. Vervolgens wil hij haar aan de arm meesleuren terug het Walhalla in. Als dat niet lukt, slaat hij haar bewusteloos met een moker.

Deze dramatische scène zou voor op het toneel plaatsgrijpen. Maar Frank heeft zich bedacht: áchter op het toneel staat het zo mooi, vaag tussen de mistflarden. Erna Sassen raakt in verwarring, en loopt, zoals eerder afgesproken, met Frank mee naar voren.

Frank: ,,Nee, nee, je loopt veel te gewillig mee het Walhalla in.''

Erna: ,,Maar we hadden toch afgesproken dat...''

Frank: ,,Ja, maar toen hadden we nog geen mistmachine.''

Tijdens de discussie beent Frank met oplopende agitatie over het podium, tot hij uitbarst: ,,Jij altijd met je afspraken. Dit is al de zoveelste keer. Je moet gewoon blijven staan. Ik sléép je wel naar waar je naartoe moet.'' René lacht wat gegeneerd en trekt een gezicht naar Sassen dat uitdrukt: ,,Ik weet ook niet wat hij heeft.'' Sassen tracht haar woede achter een dead pan te verbergen. Titus Tiel Groenestege zegt sussend: ,,Frank, kom op...''

René na afloop: ,,De Ring is Franks kindje, híj heeft alles bedacht en kan het moeilijk loslaten. Hij is er dag en nacht mee bezig. Daarom staat hij gespannen als een veer op het toneel en krijg je zo'n uitbarsting als tegen Erna. Ik sta daar veel laconieker. Ik hoef alleen op mijn eigen rol te letten.''

De rivaliteit tussen de broertjes die ze op het toneel spelen, is enigszins ontleend aan hun eigen jeugd (,,We zijn allebei vreselijk eigenwijs''). Ook artistiek gezien zijn ze het geregeld oneens. Frank: ,,Als presentatie van wat ik bedacht had, draaide ik in het begin de uitgekozen fragmenten op cd, en vertelde daar mijn verhaal bij. René begon meteen allerlei bezwaren te maken. Over het ingewikkelde verhaal; `kan dit er niet uit, kan die muziek er niet uit?' Terwijl ik het gewoon op mijn manier wil. René wil het liefst dat we met niets op het toneel staan en het daar laten gebeuren.''

René: ,,Dat is helemaal niet waar. Natuurlijk moet je je goed voorbereiden. Het script moet helemaal klaar zijn, dat gebruik je vervolgens als uitgangspunt om verder te verzinnen. Ik wil wel dat het drama helder en duidelijk is.''

Frank: ,,René wil er altijd van alles uitgooien en vaak luister ik ook naar hem. Maar je kunt niet zomaar een draadje uit zo'n hecht werk trekken. Als maker zie ik daarvan de consequenties, hij niet.''

René: ,,Frank is erg vormbewust, hij houdt van groots en meeslepend. Bij hem moet het met mist en licht en effecten: circus! Terwijl al die extra's het drama niet groter maken. Het drama moet ook kaal op het toneel werken. Zoals in die scène dat Erna het uitmaakt. Dat wil hij dan áchter op het toneel omdat dat zo'n mooi plaatje is, in de mist. Maar die mist verhult het drama alleen maar. Een meisje maakt het uit. Dat is simpel, herkenbaar en erg genoeg.

Frank: ,,Ik heb René ook nodig om mij af te remmen. Hem ken ik. Van hem kan ik wél iets aannemen. Als ik op toneel sta, verlies ik me in details. Als hij mij regisseert, heeft hij het overzicht. Nu we samen op het toneel staan, heb ik Titus Tiel Groenestege als regisseur gevraagd. Om ons uit elkaar te houden.''

Gymnastiekoefeningen

Niet alleen het verhaal van De Ring is veranderd, ook de muziek is flink verknipt. Groothof koos één uur greatest hits uit veertien uur doorgecomponeerde muziek, die juist imponeert door de hechte dramatische samenhang. Deze melodieën zijn ook nog eens in een andere volgorde gezet, en zo getransponeerd dat ze op elkaar aansluiten en makkelijk gezongen kunnen worden door de beperkte zangstemmen. In hoeverre kun je dan nog zeggen dat je Wagners Ring opvoert?''

Frank: ,,Voor kinderen is de oorspronkelijke Ring een ontoegankelijk, zwaar, traag stuk ouwesokkenmuziek. Ze hebben een hekel aan dat hoge gegil, die vocale gymnastiekoefeningen. Maar de muziek is prachtig, en daarmee wil ik ze kennis laten maken. Ik volg overigens wèl precies Wagners libretto, al heb ik het bewerkt tot een begrijpelijk, spannend verhaal, waarbij ik de meest toegankelijke muziek met de paplepel mee naar binnen laat glijden. Ik wil dat ze met een goede herinnering de zaal verlaten en dan op latere leeftijd gemakkelijker naar een échte Ring toegaan.''

Franciscus Bernardus Theodorus (1947) en René Peter Marie (1949) komen uit een rooms Amsterdams kappersgezin met elf kinderen. Volgens René stamt hun rivaliteit uit die tijd: ,,Met zoveel kinderen konden mijn ouders niet alles scheidsrechteren. Dus moet je het zelf oplossen. Frank was altijd de handige, hij won altijd met knikkeren.'' Volgens Frank waren er vroeger echter nooit problemen: ,,René is mijn kleine broertje, ik kon hem makkelijk onder de duim houden.''

Dat de broers deze rollen op het toneel nog steeds vervullen, heeft volgens René vooral een dramatische reden: ,,Het ambitieuze baasje en de kleine schlemiel zijn archetypen die altijd humoristisch werken. Vooral als het broers zijn.''

René zei bij een van hun eerdere opera's: ,,Het kind dat met een speelgoedzwaard de hele middag over een opgespoten landje dwaalt, die sfeer moet het hebben.'' Die sfeer hebben Groothofs opera's nog steeds, en daarom zijn ze zo succesrijk. Frank: ,,Vroeger gingen we altijd in de Markthallen aan de Jan van Galenstraat spelen. We smokkelden onszelf naar binnen door op een vrachtwagen te springen. In de hallen speelden we urenlang tussen de wolkenkrabbers van aardappelkisten en bananendozen, totdat we eruit werden gegooid.''

Op het eind van De Broertjes en de Strijd om de Ring stort het hele Rijngemaal in en gaat iedereen ten onder. Meteen daarna valt het doek. Geen happy end. Kun je kinderen wel met een catastrofe naar huis sturen? Frank: ,,Zo eindigt de echte Ring ook, en het laat de kinderen zien waar ruzie toe leidt. Bovendien vinden ze dat prachtig, de algemene vernietiging.''

`De Broertjes en de Strijd om de Ring' gaat morgenavond in première in de Purmaryn, Purmerend. Tournee t/m 25 juni. Inl. (0299) 621462 of www.frankgroothof.nl

    • Wilfred Takken