Een natie van navelstaarders

Niet alleen op het persoonlijke vlak checken mensen regelmatig of hun leven nog wel spoort met hun idealen en ambities, ook het maatschappelijk leven wordt vaak tegen het licht gehouden door journalisten, politici en cultuurcritici met als achtergrondvraag: hoe zijn wij, en is dat anders dan vroeger? Het thema Nederland (als land) of Nederlanders (als volk) mag zich in een algemeen gedeelde fascinatie verheugen, misschien als reactie op globaliseringstendensen en uit afkeer van Europa.

Journalist Joris van Casteren bundelde in zijn boek De man die 2,5 jaar dood lag reportages die hij schreef in De Groene en Vrij Nederland. De ondertitel `Berichten uit het nieuwe Nederland' dekt precies de lading: een kaleidoscopisch geheel van moderne dingen waar mensen zoal mee bezig zijn, variërend van taalbuddy spelen voor moslims, het motorrijdergevoel, het uitzetten van otters in otterleefgebieden, tot particuliere beveiliging op station Lelylaan. In het titelverhaal onderzoekt de schrijver wat er vooraf ging aan de vondst van Ton Zuur, verworpene der aarde, die 2,5 jaar dood in zijn woning lag. Van Casteren reconstrueert de toedracht in gesprekken met Zuurs zuster, zijn zwager en een aantal buren. De ingehouden, registrerende toon laat effectief en schrijnend zien dat dit de prijs is van individuele vrijheid. Het zijn interessante, knap geschreven reportages die fragmenten van de ziel der natie in kaart brengen. De specifiekheid van de observaties is de kracht van de bundel, maar ik miste een concluderend of desnoods abstraherend kader.

Conformistisch

In de essaybundel Is Nederland veranderd? houdt Milo Anstadt zich, naast diverse uitweidingen over het jodendom, bezig met de maatschappelijke onrust en onvrede van de laatste jaren in Nederland. Lees: Fortuyn en alles wat daarmee samenhangt. Die hele rage vond hij verwerpelijk, maar hij voegt verder niets toe aan de PvdA-visie, die stelt dat het beter is geen olie op het vuur te gooien. Anstadt stoort zich aan de infantiele driftmatigheid van moderne burgers, die behalve mateloos consumeren, onmiddellijk klaar staan om hun rechten op te eisen, maar van verantwoordelijkheid en plichten niets willen weten. De bundel bestrijkt vele actuele thema's, multiculturaliteit, de staat Israël, de taak van de publieke omroep en de verderfelijke alomtegenwoordigheid van reclame. Anstadt geeft onverminderd blijk van linkse weldenkendheid. Ook wijst hij erop dat veel problemen `voorlopig onoplosbaar' zijn en dat de mens moet leren leven met onvolmaaktheid. Ware woorden, maar geen standpunt waar je van opkijkt.

Dan pakt Herman Pleij het in zijn bundel De herontdekking van Nederland een stuk aansprekender aan. Bij hem een prettige mengeling van generalisatie en specificiteit en hij gaat geen boude uitspraken uit de weg. Pleij, hoogleraar Middeleeuwse letterkunde, geldt zo langzamerhand als dé deskundige op het gebied van de Nederlandse volksaard. Hij is een graag geziene gast op radio en tv. Hij formuleert even majestueus doorgolvend als het water van de grote rivieren zelf, en wat hij te zeggen heeft is nog boeiend bovendien.

De herontdekking van Nederland is een heruitgave van (bewerkte stukken uit) de bundels Het Nederlandse onbehagen, Hollands welbehagen en Tegen de barbarij, aangevuld met nieuwe stukken. Bespiegelingen over identiteit, zinloos geweld, televisie, emoties, de Oranje-folklore, het nationaal erfgoed en hoe dat laatste (niet) in stand wordt gehouden, dit alles geanalyseerd vanuit het kader Nederland-polderland-gedoogland. Telkens weer laat Pleij zien hoe de typisch Nederlandse horizontale overlegstructuur, met zijn nadruk op compromissen en neuzen die dezelfde kant op moeten wijzen, diep geworteld is in de laatmiddeleeuwse stadscultuur. Alles is erop gericht om de zompige moerasdelta aan het water te onttrekken.

Gedooogcultuur

De combinatie van je eigen boontjes doppen, solidariteit met de gemeenschap (de dijken mogen niet breken) en afkeer van hoge pieten vindt Pleij de kern van het typisch Nederlandse. We zijn hier behoorlijk conformistisch met ons allen, we vinden dat mensen zich niet moeten aanstellen, maar `gewoon' moeten doen. Soberheid (botheid) en een obsessieve ordeningsdrang (regelzucht) kenmerken zowel dagelijkse omgangsvormen als de wijze van opereren op bestuurlijk niveau.

Het voortdurende praten en met elkaar overleggen heet het poldermodel en Pleij bezingt er uitgebreid de lof van. Zo'n tolerante, anti-autoritaire sfeer vormt natuurlijk een perfecte voedingsbodem voor de gedoogcultuur (ook eeuwenoud). Als er iets typisch Nederlands is, is het wel de gedoogcultuur. Ziehier de regels, tot in de fijnste mazen doorgeëxerceerd; en ziedaar de gedoogzones, waar autoriteiten een oogje dichtknijpen omdat de boog niet altijd gespannen kan zijn. Leuk om te lezen, en zeker behartigenswaardig, al ontwikkelde ik toch een lichte voorkeur voor Pleij de spreker boven Pleij de schrijver. Al die bijvoeglijke naamwoorden en retorische redundantie – daar had in geschrapt kunnen worden.

In het stuk `Nieuwe burgerlijkheid in oude zakken' begint Pleij zich ineens over overspel op te winden. Hij ergert zich wild aan de nieuwe fatsoensrakkerij. In de jaren zeventig vond iedereen dat het `moest kunnen' en nu is het ineens voorbij met de publieke appreciatie, jammert Pleij. En voort dendert hij weer over avontuur, moed en echte, zinderende liefde. Het is daarom zo'n merkwaardige passage, omdat die geheel in tegenspraak is met zijn eigen theorie van de gedoogcultuur. Het ligt nogal voor de hand dat mensen in een enquête overspel als verwerpelijk kwalificeren. Maar hoeveel van deze geënquêteerden stemmen mening en gedrag op elkaar af? En hoeveel mensen nemen de moeite om eerlijk te zijn tegen een of andere interviewer? Nee, de teloorgang van het overspel lijkt me zo ongeveer het laatste waar Pleij zich zorgen om moet maken. De hypocrisie staat nog echt fier overeind.

Herman Pleij: De herontdekking van Nederland. Over vaderlandse mentaliteiten en rituelen.

Prometheus. 312 blz. €18,95

Joris van Casteren: De man die 2,5 jaar dood lag. Berichten uit het nieuwe Nederland.

Prometheus. 260 blz. €16,95

Milo Anstadt: Is Nederland veranderd? Essays.

Contact. 175 blz. €17,90

    • Beatrijs Ritsema