De kaper kon niet komen

`We gingen nog samen op patrijzen jagen', herinnerde zich een oude vriend van een van de mannen die zich vorige maand opbliezen in Istanbul. Twee synagogen werden die dag getroffen en meer dan twintig Turkse burgers vonden de dood. `Ik kan nog steeds niet geloven hoe zo'n rustige man betrokken kon zijn bij zo'n incident.'

Vrienden en familie kunnen vaak niet geloven dat hun zoon, broer of vriend zelfmoordterrorist is geworden of in extremistische sferen terecht is gekomen. Een uitzondering is Abd Samad Moussaoui, die aan de Franse journaliste Florence Bouquillat het levensverhaal heeft verteld van zijn broer Zacarias Moussaoui. Deze Moussaoui wordt in Amerika berecht als `de twintigste kaper', die had zullen deelnemen aan de aanslagen van 11 september 2001 in New York en Washington, maar in plaats daarvan in een Amerikaanse cel vast zat.

Hoewel Zacarias ontkent de `twintigste kaper' te zijn, maakt hij geen geheim van zijn bewondering voor Bin Laden en van diens extremistische denkbeelden. Zacarias Moussaoui, mijn broer laat overtuigend zien hoe een intelligente, ambitieuze jongeman bij het moslim-extremisme kan terechtkomen.

Abd Samad en Zacarias Moussaoui zijn Fransen van Marokkaanse komaf, maar in feite zijn ze niets. Ze hebben geen religieus houvast, want daarin zijn ze niet opgevoed; ze zijn niet Marokkaans, want ze zijn er niet opgegroeid; ze spreken slecht Arabisch en niet Frans, want ze zijn bruin. `Het zijn Fransoosjes', zei hun moeder tegen familie die hen beklaagde omdat ze geen Arabisch spraken. Naarmate de broers ouder werden stuitten ze steeds vaker op racisme. Zowel op straat, van de zijde van de politie, als op school en universiteit, van docenten en staf die hen treiterden en discrimineerden.

Sommigen overwinnen dergelijke obstakels. Anderen, die daarvoor aanleg hebben, komen in de ontgoocheling en verongelijktheid terecht. En daarbij vaak ook in de een of andere opstandigheid: de misdaad of het extremisme. Abd Samad beschrijft hoe Zacarias verkeerde vrienden kreeg. Eerst in Frankrijk, en vervolgens in Londen waar hij heenging in een haast vertwijfelde poging om Engels te leren en zodoende een goede baan en respect te krijgen. Het Londense avontuur mislukte, hij raakte verder in een isolement en belandde uiteindelijk bij moslim-extremisten die daar in die tijd – midden jaren negentig – door de Britse autoriteiten ongemoeid werden gelaten. Je bent eenzaam; je zoekt steun in een moskee. Je hebt geen religieuze basis; je staat open voor een extremistische interpretatie. Op deze manier heeft de Londense Finbury Parkmoskee, waar Zacarias trouw bezoeker werd, heel wat rekruten voor Bin Ladens heilige oorlog weten te werven.

Bovenstaand is in principe van toepassing op heel wat islamitische jongeren die het gevoel hebben in het Westen (maar evengoed van pro-westerse Midden-Oosterse regimes) niet te krijgen waarop zij recht hebben. Voorlopig is er voldoende voer voor extremistische ronselaars.

Abd Samad Moussaoui en Florence Bouquillat: Zacarias Moussaoui, mijn broer. Het levensverhaal van de `Twintigste kaper'. Vertaald door Ed' Korlaar. Fagel, 207 blz. €16,50

    • Carolien Roelants