Kamer ruziet over geld voor de eigen begroting

Kabinet en Kamer zijn in conflict geraakt over een bezuiniging van 1,7 miljoen euro op het budget van de Tweede Kamer. Kamervoorzitter Weisglas verwijt minister Remkes (Binnenlandse Zaken) door de bezuiniging de Kamer te beperken in haar kerntaak, het controleren van de regering.

Remkes vindt dat de Tweede Kamer net als alle departementen de komende jaren moet bezuinigen. In een brief aan de Kamer verzoekt de minister de bezuiniging door te voeren. Het presidium van de Kamer heeft al een amendement ingediend op het voorstel van Remkes, waarmee de bezuiniging wordt teruggedraaid.

In 1998 moest de Kamer ook bezuinigen, maar toenmalig minister De Vries (Binnenlandse Zaken) ging akkoord met een zogenoemde inspanningsverplichting, waarbij de Kamer zei te zullen bezuinigen zonder dat dat formeel vastgelegd werd. Naar nu blijkt heeft de Kamer die verplichting niet nagekomen, er moet op basis van oude afspraken eigenlijk nog zo'n 3,5 miljoen euro worden bezuinigd op het budget van ongeveer 100 miljoen. Remkes zegt nu die 3,5 miljoen te willen kwijtschelden, maar wil in ruil daarvoor een harde toezegging dat een nieuwe bezuiniging van 1,7 miljoen euro wordt doorgevoerd.

Weisglas zegt die bezuiniging wel te willen halen, maar vindt het onnodig de afspraak vast te leggen op papier. Hij wordt hierin gesteund door alle partijen die in het presidium van de Kamer vertegenwoordigd zijn. Weisglas waarschuwt de minister dat die de controlerende taak van de Kamer in principe niet mag aantasten: ,,Nu gaat het om een bezuiniging op meubels, maar over vijftig jaar gaat het misschien over hele andere zaken''.

Remkes vindt dat Weisglas niet te principieel moet doen. ,,Iedereen moet inleveren in deze tijd, dan is het niet meer dan reëel dat ook de Kamer iets minder doet'', aldus de minister.

Het kabinet kan de Kamer niet dwingen te bezuinigen, want uiteindelijk is de Kamer het hoogste orgaan binnen het staatsbestel. De Kamer controleert zelf over een jaar of de bezuiniging is gehaald.