`Hollen of stilstaan in dit vak'

Ook concertzangeres Lisette Emmink heeft last van de recessie: door de korting op subsidies voor koren en orkesten zijn er minder optredens.

`Je hebt nog een beetje een klem op je kaken. Hou het breed, maak ruimte.'' Terwijl ze aanwijzingen geeft, speelt Lisette Emmink op de piano toonladders die haar leerlinge nazingt. ,,Een mooie mezzosopraan'', had ze tevoren gezegd over de leerlinge. ,,Maar ze is verkouden, dus we gaan eerst wat slijm wegwerken en haar stem op de juiste plek zetten.'' Na twintig minuten inzingen nemen ze samen het Ave Maria door, dat de leerlinge binnenkort op een bruiloft moet zingen. ,,Heel mooi, maar ik wil even zeuren: zing het niet te iel. En haal de spanning van dat Sancta af, dan wordt het nog mooier.''

Bijna elke middag geeft concertzangeres Lisette Emmink les in haar woning in Alphen aan den Rijn. ,,Ik heb niet zo veel leerlingen, want het kost erg veel energie. Je moet mensen over drempels heen trekken en je moet veel voorzingen.'' Ze noemt zichzelf niet alleen docent, maar ook therapeut. ,,Je begint met blokkades opheffen. Er zijn zoveel mensen die zich niet durven uiten.'' Emmink kijgt allerlei mensen op les: koorleden met keelpijn, mensen die naar het conservatorium willen, mensen die via zang aan een psychisch probleem willen werken. ,,Ik vind het heerlijk om problemen op te lossen. Groei, ontwikkeling, identiteit, eigenheid, een coach zijn voor mijn leerlingen, dát is mijn drive.''

Sopraan Emmink (44), die behalve oratoria en liederen ook opera, operette en musical zingt, hanteert een strak werkschema. ,,De ochtenden zijn voor mij, dan heb ik vrij en maak ik, als het even kan, een wandeling. Tenzij ik 's avonds moet optreden; dan studeer ik 's morgens en doe ik 's middags niks. Ik kan niet drie dagdelen met mijn vak bezig zijn.'' De winter is traditioneel druk. ,,Deze week moest ik zondagochtend zingen in een kerkdienst, maandag lesgeven, dinsdagochtend om kwart voor zes op om op tijd in Enschede te zijn voor een repetitie. 's Avonds repeteren in Zwolle. Woensdag weer naar Zwolle voor het concert. Vandaag lesgeven en vanavond een repetitie. Morgen repeteren met een harpiste en daarna naar Den Haag, waar ik samen met haar een muzikaal intermezzo verzorg op een symposium; 's avonds een optreden. Zaterdag vrij en zondag zingen in Breda. Daar staat tegenover dat ik volgende week weinig te doen heb. Het is hollen of stilstaan in dit vak. Soms verdien ik veel, soms minder. In de zomervakantie is er niks te doen, dan staat het zingen zes weken stil.''

Als de leerlinge vertrokken is, strijkt Emmink de zwarte jurk met glittertjes die ze de volgende avond aan wil tijdens een optreden met het Haags Barokgezelschap. ,,Ik zing met twee andere vrouwen, dus dan moet je wel de kleur van de jurken afstemmen. Anders kan het vreselijk misgaan. Ik heb eens gespeeld met een harmonie met rode jasjes. Gelukkig had ik behalve een roze jurk nog een andere bij me.''

Kort daarvoor had ze een sterfscène uit de musical West Side Story op haar nieuwe vloerkleed voorgedaan, om te illustreren dat je je als zangeres moet inleven in de muziek en de tekst. `There is a place for us.' ,,Je hebt mensen die onaangedaan staan te sterven op het toneel. Maar je moet loskomen. Je hoeft al dat leed niet zelf te hebben meegemaakt, maar je moet wel openstaan voor de emoties die de muziek teweegbrengt.''

Emmink zingt per jaar met zo'n dertig verschillende koren. ,,Van Groningen tot Den Helder.'' Ze doet daar weinig voor, zegt ze. ,,De impresario's bellen mij. Het is allemaal mond-tot-mondreclame. Het geld verdienen gaat in die zin een beetje buiten mij om.''

Als concertzangeres merkt ze wel iets van de recessie, zij het indirect. ,,Door de kortingen op subsidies voor koren en orkesten en de fusies die daaruit voortvloeien, zijn er minder optredens. De kwaliteit van orkesten daalt ook. Professionals worden vervangen door conservatoriumstudenten om kosten te besparen. Ik heb altijd wel werk, maar het is frustrerend om niet meer constant op hoog niveau te kunnen werken. Door fusies zijn musici minder goed op elkaar ingespeeld. En doordat wordt beknibbeld op het aantal arbeidsuren van dirigenten en musici is er ook minder tijd om te repeteren.''

Emmink zong al met een orkest toen ze veertien was. ,,Ik kom uit een heel muzikaal gezin. Mijn vader studeerde zang, mijn moeder piano. Op mijn achtste wist ik al dat ik zangeres wilde worden. Mijn moeder zag me liever als logopediste, ze was bang dat ik mijn brood niet zou kunnen verdienen.'' Als zangeres had ze na het conservatorium een aantal opties: solist, lesgeven of in een beroepskoor. ,,Dat laatste ligt me niet. Lesgeven daarentegen vind ik leuk wegens de interactie met leerlingen. En in optredens kan ik mijn ei kwijt.''

Aan het einde van de middag vertrekt ze naar de Nieuwe Badkapel in Scheveningen voor een repetitie met het Haags Barokgezelschap dat een dag later ter ere van de tachtigste verjaardag van dirigent Jaap Hillen de Hohe Messe van Bach zal uitvoeren. Voor aanvang van de repetitie met het koor neemt ze nog even een aantal duetten door met de alt en de mezzosopraan. ,,Even op maat 49 graag, dat is een rotstukje.''

Loopbaandromen heeft Lisette Emmink niet. ,,Mijn enige droom is regelmatig werk. Want dat blijft altijd een zorg met het huidige subsidiebeleid voor koren.'' Een andere carrière zou ze niet willen. ,,Ik kan en wil niets anders dan zingen.'' Aan optredens in beroemde zalen zegt ze niet te hechten. ,,Al schoot ik wel vol toen ik vijftien jaar geleden voor het eerst de trap van het Concertgebouw afliep. Ik had nooit gedacht dat ik daar eens zou staan.'' Daarna stond ze onder meer nog in de Royal Festival Hall in Londen, zong ze de Matthäus Passion in Parijs en trad ze op in Toronto en Wenen. ,,Het is gewoon steeds een andere zaal. Ik vind het belangrijker om met goede mensen en materieel te werken dan om te kunnen zeggen dat ik in de Royal Festival Hall heb gezongen. Wat heb ik daar aan als het optreden niet goed zou zijn gegaan?

Maar de bloemen en het applaus blijf ik heerlijk vinden. Al probeer ik roze bloemen wel altijd te ruilen met een solist die gele heeft gekregen, want roze bloemen passen écht niet in mijn interieur.''

Dit is het laatste deel in een fotoserie over beroepen

    • Friederike de Raat