Bodar

Een poos geleden zag ik Antoine Bodar op en neer drentelen op het perron van een Amsterdams metrostation. Onberispelijk gekleed als altijd, heldere, waakzame oogopslag. Hoe gelukkig zou hij zijn in Den Bosch, vroeg ik me toen af. Hij leek me meer iemand voor Rome dan voor Den Bosch.

Zijn afscheid als plebaan (pastoor) in Den Bosch moet toen al nabij zijn geweest. Per 1 januari vertrekt hij definitief. Hij heeft het er precies negen maanden volgehouden.

Bodar, een erudiet, welsprekend man, is een van de bekendste katholieke priesters van Nederland. Zijn benoeming tot plebaan van de Sint-Jan in Den Bosch baarde opzien. Wat moest een intellectueel als Bodar in het parochiewerk van Den Bosch uitrichten?

Zijn aangekondigde vertrek haalde vorige week merkwaardig genoeg nauwelijks de landelijke media. Gods wegen kunnen ook ondoorgrondelijk zijn als het om het begrip `nieuws' gaat. Aan Bodar heeft het niet gelegen.

In zijn column in het Brabants Dagblad legde hij zijn parochiale achterban met reviaans sarcasme - Bodar is een bewonderaar van Reve - over de knie.

Bodar botste voortdurend met een groot deel van de vrijwilligers waarop zijn parochie dreef. Hij wilde terug naar de basis van het geloof en `allerlei modernistische tierlantijnen verbannen', zoals het Brabants Dagblad schreef. Zijn achterban wilde dat hij zich vaker onder het gewone kerkvolk begaf. ,,Hoeveel baby's heeft u gedoopt sinds uw aanstelling?'' vroeg een parochiaan hem op een woelige bijeenkomst.

In zijn column beschrijft Bodar de ideale plebaan voor Den Bosch. ,,Hij is in het Brabantse land getogen en gebleven. Hij kent de lokale cultuur en vereenzelvigt zich met haar. Hij is rondborstig en bij voorkeur rondbuikig (...) Hij koestert gewoonheid en beschouwt die als allereerste deugd. Hij heeft natuurlijke afkeer van intellectualiteit. Studieuze ambitie is hem vreemd (...) Hij geeft zo leiding dat niemand die merkt. Vriendelijk knikken volstaat. Hij is zo goed dat hij alles goed vindt. Meer dan naar Kerstmis kijkt hij uit naar Carnaval.''

Kan het vileiner?

Bodar kreeg uit onverwachte hoek bijval. Regionale hoofdredacteuren plegen zich bij zulke kwesties op de vlakte te houden, zo niet Tony van der Meulen, hoofdredacteur van het Brabants Dagblad en, dat scheelt allicht, Fries van geboorte. Hij citeerde een afgetreden lid van het kerkbestuur dat zou hebben gezegd dat ze `een glas wijn' op het vertrek van Bodar had gedronken.

,,Van dit triomfalisme heb ik met walging kennis genomen'', schrijft Van der Meulen in zijn column. ,,Fluks de kurk van de fles omdat iemand die in Den Bosch wat kwam veranderen, is stuk gelopen op de aloude wens om vooral alles bij het oude te laten. De Heer zij geloofd en geprezen, het is wederom gelukt iemand buiten de stadswallen te werpen, die kwam rammelen aan oude zekerheden, ingeburgde privileges en het `waarom moet het nou anders, zo doen we het altijd al'.

Hierna bleef het nog lang onrustig in Den Bosch maar vermoedelijk niet té lang.

    • Frits Abrahams