`Spionnen Blair in de fout bij Irak'

Britse inlichtingendiensten hebben een kapitale vergissing gemaakt door premier Blair te helpen bij het formuleren van zijn motieven om de oorlog in Irak te rechtvaardigen.

Volgens Sir Roderic Braithwaite, die onder de vorige regering politieke leiding gaf aan de spionnen, hebben de inlichtingendiensten hun ,,objectiviteit verloren'' door uit hun traditionele, analyserende rol te stappen en toe te treden tot de ,,magische cirkel'' van politieke beslissers rondom premier Blair.

Onder diens druk fiatteerden ze het ongewettigde rapport dat Saddam Hussein over snel inzetbare massavernietigingswapens zou beschikken, op een moment dat andere argumenten ,,er niet in slaagden het [Britse] publiek te overtuigen'', zo zei hij in een toespraak tot het Royal Institute for International Affairs (RIIA).

Braithwaite was Brits ambassadeur in Moskou tijdens de val van het communisme en was onder premier John Major voorzitter van het Joint Intelligence Committee (JIC), de hoogste politieke stuurgroep voor de diensten. In het JIC zitten onder meer de chefs van de buitenlandse inlichtingendienst MI6, de elektronische afluisterdienst GCHQ, de binnenlandse inlichtingendienst MI5 en analisten van het ministerie van Defensie.

Met zijn harde openbare aanval op het zittende JIC nam Braithwaite een voorschot op het rapport van Lord Hutton naar de dood van wapenexpert David Kelly, die tegen de BBC zou hebben gezegd dat de regering-Blair bewijzen over Iraks massavernietigingswapens opzettelijk zou hebben aangedikt. Huttons rapport dat de politieke druk op premier Blair verder zal opvoeren, verschijnt op 12 januari.

Volgens Braithwaite moet het JIC in de toekomst worden geleid door iemand die buiten de politiek staat om de onafhankelijkheid van de informatie opnieuw te garanderen.

Braithwaite zorgde eerder voor politiek tumult door te zeggen dat het Britse militair-politieke establishment zich te veel als een gedweeë junior partner van de Amerikanen opstelt en daardoor niet de invloed heeft die Blair opeist.

Andere ingewijden bij de Britse diensten delen Braithwaite's analyse over de aanloop naar `Irak'.

,,Blair beschouwt de diensten niet als een leverancier van onpartijdige analyse maar als een gewone overheidsdienst, zoals een ministerie, die politieke orders moet uitvoeren'', zegt Phillip Knightley, de journalist die een reeks spionageschandalen onthulde. ,,Hij wilde de oorlog in Irak. De diensten moesten vervolgens het materiaal leveren om die te rechtvaardigen.''

Ook Glenmore Trenear-Harvey, de hoofdredacteur van een nieuwsbrief voor en over spionnen, die ook door Lord Hutton is gehoord, noemt het zorgwekkend dat ,,ervaren analisten werden overruled door hun politieke chefs, merendeels ambtenaren die nauwelijks ervaring op het gebied van spionage''.