Spaans feest

Behalve Sinterklaas viert nog een instituut uit Spanje op 6 december zijn verjaardag: de Spaanse Grondwet. Vandaag is het een kwart eeuw geleden dat een nieuwe grondwet de democratie in Spanje wettelijk verankerde. De transitie naar democratie is een overweldigend succes gebleken.

Omdat de beeldvorming van Spanje en Nederland over en weer ergens in de Tachtigjarige Oorlog is blijven stilstaan, wordt vaak onvoldoende beseft wat een wonder van pragmatisch denken achter de Spaanse Grondwet schuilt. Een land waar een gruwelijke burgeroorlog en de fascistische dictatuur die erop volgde, diepe wonden hadden geslagen, besloot aan een nieuwe toekomst te werken. Er volgde geen afrekening van de misdaden begaan onder dictator Franco. Integendeel: voormalige ondergrondse strijders en vroegere Franco-bestuurders maakten zij aan zij die keuze in het volle besef dat dit de enige manier was om niet opnieuw in een burgeroorlog te belanden.

Met de tijd verliezen heroïsche gebeurtenissen onvermijdelijk hun glans. Het feest van 25 jaar Grondwet werd afgelopen week overschaduwd door verbeten discussies die jarenlang tot taboe waren verklaard in het belang van de transitie. Min of meer openlijk werd de conservatieve regering-Aznar verweten dat zij zich gedraagt als de autoritaire erfopvolger van Franco. De regering verweet op haar beurt nationalisten en de socialistische oppositie dat zij een gevaar voor de natie zijn. En zelfs de Grondwet werd ter discussie gesteld.

Centraal in de woordenwisselingen staat opnieuw de vraag hoe het land ingericht moet worden. De staat van de autonome regio's onder de huidige Grondwet was immers zo'n succes dat de regionale bestuurders de smaak te pakken hebben gekregen. De vraag is hoever zoiets kan gaan zonder de bestuurbaarheid van de staat te ondergraven. Of van Europa, dat straks misschien bestaat uit enkele honderden autonome regio's die graag allemaal hun eigen zegje willen doen. Nog zorgwekkender wordt het als regionale eisen kracht wordt bijgezet door nationalistische bewegingen met een racistische achtergrond (Baskenland) of gedreven door financieel eigenblang (Catalonië). Identiteit en staatsinrichting blijven emotionele kwesties, zeker in een land dat eeuwen met zichzelf overhoop heeft gelegen.

De transitie leert dat succesvol manoeuvreren op dit terrein behalve intellectuele lenigheid ook tact en bereidheid tot dialoog vereist. Hierin blinkt de regering van premier Aznar niet uit. Regeringsbemoeienis met en beïnvloeding van de media stemmen tot nadenken. De verbeten wijze waarop kritiek van de oppositie wordt afgedaan als niet-patriottisch of zelfs een gevaar voor het land, is bovendien een bedenkelijke schending van de democratische gedachte.

Spanje is zijn transitieperiode voorbij. Dat betekent een soms pijnlijke confrontatie met een taboe verklaard verleden. De tekst van de Grondwet is gedegen genoeg om nog geruime tijd mee te gaan, al zal de regionalisering misschien ooit haar beslag moeten krijgen in de formele vastlegging van een federale staat. Belangrijk is dat de geest van dialoog en tolerantie, die de Grondwet zo uitstekend weergeeft, het leidend beginsel blijft.