Field Recordings

Hoewel dat nauwelijks bekend is, was etnomusicologie in de pioniersjaren niet het exclusieve domein van excentrieke Amerikanen en Britten als Alan Lomax en Hugh Tracey. Ook Nederlanders trokken gewapend met dieselaggregaat, microfoon en vroege bandrecorders het oerwoud of onbekende bergen in. De aan de Leidse universiteit geliëerde Bake Society brengt hun inspanningen tussen 1938 en 2000 onder de aandacht met een cd vol historische veldopnamen. De oudste opnamen zijn van India-kenner Arnold Bake, naar wie de vereniging is genoemd. De liedjes uit Sri Lanka en Zuid-India zijn fascinerend maar wie de zeldzame documentatie wil beluisteren moet wel een hoop ruis en getik op de koop toe nemen. Van veel betere kwaliteit zijn de recentere opnamen. Zoals de Afghaanse ghazal die Jan van Belle in 1996 vastlegde, de Chinese luitsolo van Frank Kouwenhoven en Antoinet Schimmelpenninck of de verbazingwekkend mooie opname die Wouter Swets in 1970 maakte van Vlakhic volksliedjes uit Albanië. Dat de Nederlandse etnomusicologen niet eenkennig zijn blijkt wel uit de spreiding van het materiaal over alle continenten. En ze hebben niet alleen aandacht voor de traditie. Ook voor een geïmproviseerde rap met een anti-drugs boodschap door twee jongens uit de Venezuolaanse Amazone is ruimte op het album. Dat de verre zoektochten soms riskant zijn, bewijst het geval van Gijs Schneemann. Tijdens zijn onderzoek naar animistische rituele liederen op het Indonesische eiland Siberut stierf hij aan malaria.

Field Recordings of Dutch Ethnomusicologists 1938-2000 (Pan Records, AB9103)