De Rambo Jood

Israël voelt zich alleen op de wereld, nu ook in Europa de kritiek op het land toeneemt. Waar eindigt de normale kritiek en waar begint het antisemitisme? Over oud en nieuw antisemitisme, het einde van de zielige jood, en over leven op een tijdbom. `Israëliërs zijn geen supermensen, ze maken fouten, soms zeer domme fouten.'

Woede en verontwaardiging vonken uit de ogen van Nathan Sharansky.

,,Dit is onversneden nazi-propaganda. Politieke tekeningen van dit soort stonden in de nazi-krant Der Stürmer, politieke tekeningen van dit soort wakkeren haat tegen joden aan en leggen de ideologische basis voor een tweede holocaust. Deze tekening ontmaskert ook sommige links-liberalen als nieuwe antisemieten.''

Harde, zware woorden die met passie en zonder een spoor van politiek theater worden uitgesproken. Nathan Sharansky – levende legende, gevangen symbool van de strijd voor mensenrechten in de toenmalige Sovjet-Unie – is geschokt en niet alleen omdat hij Israëlisch minister voor Jeruzalem en Diaspora-zaken is en vice-premier van Likud in de regering van premier Ariël Sharon.

De Britse Political Cartoon Society riep de tekening van Dave Brown vorige week uit tot het beste tekenwerk in de Britse pers dit jaar. De medewerker van The Independent had zich laten inspireren door het schilderij van Goya Saturnus eet één van zijn zonen op. Een monsterlijk grote, naakte Sharon verorbert, met verwrongen gezicht en staande tussen de restanten van verwoeste huizen met helikopters en een tank op de achtergrond, een kind. Een Palestijns kind, weet de lezer meteen.

,,Waarom wordt het afdrukken van harde seks, of hoe heet dat ook al weer, oja, harde porno, wel verboden in Europa en deze troep niet? Ik weet het, alle politieke leiders in Europa zijn tegen antisemitisme, oud of nieuw. Maar ik zie geen krachtige campagne, ik zie geen heftige verontwaardiging. Nee, ik zie dit soort tekeningen vermomd als vrijheid van meningsuiting, ik hoor antisemitische taal verhuld in kritiek op Israël, ik lees over een Europees rapport dat niet gepubliceerd mag worden, ik lees dat joden in Amsterdam op de sabbat geen keppel durven te dragen uit angst voor Marokkaanse jongens, ik zie de beelden van gebombardeerde synagogen. Deze nieuwe trend is uitzonderlijk gevaarlijk voor joden, voor Israël en voor de beschaving.''

In zijn werkkamer in het kantoor van de minister-president houdt Sharansky nauwgezet bij wat en hoe de wereld denkt over Israël en hoe zij joden in de diaspora behandelt. Hij dacht in de Sovjet-Unie met de speciale wetten voor joden en de antisemitische propaganda van de communisten alles gezien te hebben. Maar de wereld in 2003 stemt hem grimmig als hij in de ochtendbladen leest hoe ,,de joden'' verantwoordelijk worden gehouden voor `9/11', voor de Amerikaanse buitenlandse politiek in het Midden-Oosten, hoe joden de bron van alle kwaad genoemd worden (de Griekse componist Mikis Theodorakis) en hoe synagogen in Frankrijk, Marokko en Turkije dit jaar zijn verwoest. De beslissing van het Europese antiracismebureau (EUMC) om een rapport over de relatie tussen het nieuwe antisemitisme en de groeiende moslimbevolking in West-Europa niet te publiceren, ziet Sharansky, die gisteren met de opstellers van het rapport sprak, als een omineus teken.

Hij is niet alleen grimmig, maar voelt zich, net als geheel joods Israël, belegerd, onbegrepen en – buiten Amerika – alleen op de wereld. Maar eerst wil de minister met de reputatie van een hard-liner graag een ,,verzonnen misverstand'' uit de weg geruimd zien. ,,Ik ben beslist niet tegen kritiek op Israël. Op ieder platform overal ter wereld zal ik strijden voor het recht en de plicht de regering te bekritiseren. Dat hoort bij een democratische gemeenschap. Ik zal strijden voor het recht van eenieder om te zeggen dat wij onmiddellijk de nederzettingen moeten ontmantelen, onmiddellijk moeten stoppen met de bouw van het veiligheidshek en onmiddellijk moeten stoppen met de strijd tegen de terroristen. Ik ben het er niet mee eens, ik vind het naiëf, ik vind het dom, maar ik beschouw het absoluut als legitiem. Iedereen die mijn geschiedenis kent, zal dat ook geloven.''

Sharansky zat als `Gevangene van Zion' bijna tien jaar in cellen van de Russische geheime dienst, de KGB, en in de Goelag-gevangenissen, totdat hij in 1986 na internationale, ook Nederlandse campagnes voor zijn vrijlating werd uitgewezen naar Israël. ,,Maar er is een grens waar kritiek overgaat in nieuw antisemitisme. Als alle oude stereotypen van joden als de moordenaars van Christus, als de moordenaars van christelijke kinderen, bewust of onbewust worden gebruikt om het bestaansrecht van joden en van Israël in twijfel te trekken, zoals in de Syrische tv-serie De Diaspora die tijdens de ramadan in Syrië en Libanon is vertoond en waarin een jood een rituele moord pleegt op een christelijk kind, dan wordt die grens overschreden. Als een Egyptisch regeringsweekblad schrijft dat verraad en misleiding bij joden door de aderen stroomt in plaats van bloed, als kritiek gebruikt wordt om Israël te demoniseren, als Gaza wordt vergeleken met een nazi-concentratiekamp zoals Auschwitz, dan wordt die grens overschreden. Of men weet niet wat er in Auschwitz gebeurde, of zij doen dat opzettelijk.''

Onversneden antisemitische propaganda op de Arabische televisie, in boeken en kranten is verwerpelijk. Maar in het koor van internationale critici bevinden zich joodse wetenschappers als Tony Judt, hoogleraar geschiedenis aan de Universiteit van New York, en Baruch Kimmerling, hoogleraar sociologie aan de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem en de Universiteit van Toronto. En is de Israëlische filmmaker Yoav Shamir, die met Checkpoint de Joris Ivensprijs van de VPRO tijdens het Internationale Documentaire Festival in Amsterdam won, een nieuwe antisemiet? Het essay van Judt in The New York Review of Books van 23 oktober wordt in New York, Washington en Jeruzalem besproken als de giftigste en gevaarlijkste aanval op het recht van bestaan van de joodse staat Israël óf, afhankelijk van het gezelschap, als spraakmakende, scherpe analyse, waarin taboes niet geschuwd worden.

De Brits-Amerikaanse Judt, die zijn jeugd doorbracht in een kibboets, ziet het exclusief joodse Israël als een anachronisme uit de 19de eeuw, terwijl de wereld van de 21ste eeuw een wereld is van open grenzen, individuele rechten en internationaal recht. Hij pleit daarom voor een binationale, seculiere staat met gelijke rechten voor joden en Arabieren.

Kimmerling op zijn beurt beschuldigt Sharon van ,,politicide'', de naar het woord genocide klinkende term voor de systematische politieke, sociale en economische uitschakeling van de Palestijnen. De buitengewoon hard formulerende Kimmerling gebruikt zelfs de term ,,etnische zuivering''. Het boek Politicide van zijn hand is in Israël alleen te koop in de boekwinkel van het American Colony Hotel in Oost-Jeruzalem. En Yoav Shamir behoort tot een spraakmakende groep Israëliërs die met documentaires, boeken en krantenstukken hameren op de noodzaak tot verandering.

Manipulatie

Sharansky, nu met een gesloten Slavische blik: ,,Judt ken ik niet. Wie is dat? En dat boek ken ik ook niet. Wie het zegt of schrijft, maakt geen verschil. Op het moment dat het recht van bestaan van de joodse staat Israël wordt afgewezen, wordt het recht van joden om te bestaan afgewezen. En al deze mensen, of zij joods zijn of niet, kunnen de Knesset overtreffen in kritiek. Het is ook het beste bewijs dat Israël een democratie en een vrij land is.''

Via e-mail en telefoon reageert professor Kimmerling vanuit Toronto. ,,Sharansky en Sharon verschuilen zich veel te snel achter dat ridicule argument van het nieuwe antisemitisme. Dat is verkeerd en manipulatief, dat is een instrument om de critici van Israëls onderdrukkende beleid monddood te maken. Dat betekent niet dat het antisemitisme in Europa en de Arabische wereld geen hardnekkig virus is dat in een nieuwe gedaante is opgedoken. Maar het is vrij makkelijk om die vormen te onderscheiden en te bestrijden. Misdaden uit jodenhaat of uitingen van die haat moeten gewoon aangepakt en bestreden worden. Dat soort antisemitisme is niet gericht op de feiten in Israël, op het concrete beleid van Sharon, maar ziet joden in een soort samenzweringscomplot als bron van al het kwaad. Dat type antisemitisme ontkent bovendien de enorme heterogeniteit van het joodse volk en van de Israëlische samenleving.''

Natuurlijk onderkent Kimmerling het risico dat zijn keiharde kritiek op Sharon (en overigens ook op de in zijn ogen even manipulatieve en corrupte Arafat) wordt misbruikt. Angst, haat, vooroordelen, stereotypen en wantrouwen spelen in het Israëlisch-Palestijnse conflict een grote rol, en ook links Israël is verontrust over het rauwe antisemitisme dat op Arabische websites en in enkele satelliet-tv-programma's is te zien. Bonafide critici, zegt Kimmerling, moeten dan ook oppassen met wie zij omgaan, voor welke zaak zij zich inzetten, voor wie zij schrijven en waar zij toespraken houden, maar zij mogen natuurlijk nooit en te nimmer geïntimideerd zwijgen.

Ook niet als hun in een stroom van boeken wordt voorgehouden dat er grotere problemen in de wereld zijn dan het regionale conflict tussen Israëliërs en Palestijnen, zoals de Amerikaanse feministe Phyllis Chesler argumenteert in haar boek The New Antisemitism, waarin zij ongrijpbaar ruime definities hanteert. In haar ogen is iedere kritiek op Israël antisemitisch en antizionistisch. Joodse criticasters zijn volgens haar verdwaalde geesten, die misschien na een goed gesprek op het rechte spoor gebracht kunnen worden.

Kimmerling: ,,Mevrouw haalt allerlei kwesties door elkaar. Het klinkt goed hoor, meer aandacht voor aids, hongersnood en mensenrechten en veel minder obssesionele aandacht voor Israël. Wat een onzin. Dit is pathetische retoriek om de aandacht af te leiden van 36 jaar wrede onderdrukking van het Palestijnse volk, die ook de morele fundamenten en het interne weefsel van Israël vernietigt. Deze vorm van verdediging van Israël is zeer schadelijk en geworteld in fundamenteel onbegrip van de situatie.'' En: ,,Vooral moeten de leiders van Israël beseffen dat zij gedeeltelijk verantwoordelijk zijn voor het ontwaken van het antisemitisme.''

Terminator Jew

De wereld beschouwt Israël al geruime tijd niet meer als het kleine, dappere land, waar joden na de holocaust en na duizenden jaren van onderdrukking eindelijk een thuis vonden. Nieuwe historici hebben het beeld van de vele oorlogen gekanteld en zeker sinds het begin van de tweede intifada in 2000 is het begrip voor Israël afgebrokkeld. In plaats daarvan is het beeld van de `Rambo Jood' (Daniel Goldhagen) ontstaan, of in de woorden van professor Deborah Lipstadt, hoogleraar moderne joodse en holocaust-studies aan de Emory Universiteit in Atlanta, de `Terminator Jew', een ironische verwijzing naar de films met de Oostenrijkse-Amerikaanse Arnold Schwarzenegger.

Lipstadt was in Jeruzalem voor de Algemene Assemblee van Joodse Gemeenschappen in Noord-Amerika, een week durende `toogdag' van Amerikaanse en Canadese joden die begaan zijn met Israël, maar er niet zouden willen wonen. Ook zij heeft moeite het nieuwe antisemitisme kort en krachtig te definiëren. Het oude, klassieke antisemitisme is goeddeels verdwenen, zegt ze, op slecht gemaakte, slecht geschreven Arabische propaganda na.

,,Er is een nieuwe, moeilijker grijpbare vorm ontstaan, waarin het Palestijns-Israëlische conflict een belangrijke rol speelt. Die vorm van antisemitisme vind je onder intellectuelen, wetenschappers, kerkleiders, linkse denkers en, niet te vergeten, journalisten. We zien een obsessie met alles wat te maken heeft met Israël en we zien een toenemend gebruik van vergelijkingen met het nazi-tijdperk om Israëls fouten op het gebied van mensenrechten te beschrijven'', denkt Lipstadt, die Amerikaanser is dan appeltaart.

,,Het beeld van de kruiperige, slimme jood die op een achterbakse manier zijn gelijk probeert te krijgen is veranderd in de Terminator Jood die, niets en niemand ontziend, iedere vijand vernietigt. Dat is nieuw, zoals ook de rol van internet en satelliettelevisie in het oproepen en verspreiden van antisemitisme nieuw is. En laat ik iedereen nu maar uit de droom helpen, wij zijn geen supermensen, Israëliërs zijn geen supermensen, ze maken fouten, soms zeer domme fouten.''

Lipstadt won in juli 2001, ook in hoger beroep, het lasterproces dat de Britse historicus David Irving tegen haar had aangespannen, nadat zij hem ervan had beschuldigd een extreem-rechtse ontkenner van de holocaust te zijn. ,,Ik ben de laatste die George Bush zal steunen, ik ben het eens met veel van de kritiek op het beleid in Irak, maar ik zie ook dat in linkse kring legitieme kritiek op Israël en een forse dosis anti-Amerikanisme overgaat in antisemitisme. Opeens wordt geschreven over de joodse neoconservatieven in de kring rondom president Bush, opeens worden ministers en topambtenaren geïdentificeerd als joden. Vervang het `joden' door Afrikaanse-Amerikanen en je hebt hier in de VS een kolossale rel.''

Checkpoints

De Rambo Jood? Sharon de Terminator?

Sharansky gromt.

,,Er worden dubbele standaarden gebruikt. Is Israël het enige land in de wereld dat zich niet mag verdedigen tegen terroristen? Engeland mag dat wel in Ierland, Rusland mag dat wel in Tjetsjenië, Amerika mag dat wel in Irak, Israël mag dat niet in Israël. Wij hebben het recht en de plicht onze burgers te verdedigen als wij worden aangevallen, hoeveel resoluties er ook tegen ons in de VN worden aangenomen. Natuurlijk zien wij ook dat er glashelder verband bestaat tussen de beelden uit Gaza, Jenin, Nablus en Jeruzalem, die via de satellieten de hele wereld overgaan, en het nieuwe antisemitisme. Misschien maken we fouten, misschien zijn we te druk bezig met de strijd tegen de terroristen waardoor we niet goed zien welke effecten die beelden hebben. Maar niemand kan en mag ons het recht ontzeggen onszelf te verdedigen.''

Hij legt zijn hand op een rode map. ,,Hier zitten de berichten in. Iedere week worden tien pogingen tot zelfmoordaanslagen verijdeld, dagelijks komt er informatie binnen over plannen, wapenarsenalen en acties. Iedere week, iedere dag. Onze burgers beschermen, daar ligt onze absolute prioriteit'', zegt Sharansky, in wiens straat in Jeruzalem vorig jaar een volle bus explodeerde. Door toeval zaten zijn twee dochtertjes niet in die bus. Zijn secretaresse zat er wel in.

De aanleg van de muur die geen muur genoemd mag worden, de afsluiting van Palestijnse steden, de vernederende, ontwrichtende checkpoints, de internationale weerzin en afkeuring, en alleen al het bloedstollende uur dat hij dacht zijn dochtertjes te hebben verloren – het heeft Sharansky nog onverzettelijker gemaakt.

Bijna net zo onverzettelijk als Arnon Soffer, hoogleraar geografie, militaire geografie en geopolitiek aan de Universiteit van Haifa. Soffer is de geestelijke vader van de afscheidingslinie, een project uit de koker van de sociaal-democratische Arbeidspartij. Vanuit zijn werkkamer op de campus op de Karmelberg heeft hij uitzicht op Galilea, de Westelijke Jordaanoever, de Golanhoogte tot in Syrië, en in het noorden zijn de heuvels van Beiroet zichtbaar. Op een heldere dag kan hij zelfs de zendmasten van een militaire installatie in Jordanië zien.

,,Het nieuwe antisemitisme is in essentie een fenomeen in de Arabische wereld en van de Arabische moslims in Europa. Ik heb het niet over de moslims in Iran,Turkije, Pakistan en zelfs Irak, maar over de Arabische moslims rondom de Middellandse Zee. Lees ook dat niet-gepubliceerde rapport van de Europese Unie er maar op na; het staat er duidelijk, er is een verband. Landen met grote groepen Arabische moslims, zoals Frankrijk, Nederland en België, hebben een probleem dat niet met een zachte, vriendelijke aanpak kan worden opgelost. Stevige maatregelen, zoals het stilleggen van de immigratie, zijn nodig en daar is het al te laat voor, zeker in Frankrijk. En het is heel moeilijk te realiseren in democratieën'', zegt Soffer, die tijdens zijn 33 jaar als hoogleraar aan het Israëlische Defensiecollege iedere Israëlische topofficier van leger, luchtmacht en de geheime dienst, de Mossad, heeft leren kennen. De voltallige generale staf heeft bij hem in de klas gezeten. Iedere Israëlische premier van Menachim Begin tot Ariel Sharon, iedere politicus en iedere Amerikaanse en Europese ambassadeur is bij Soffer op bezoek geweest. Soffer wordt in de Arabische wereld ,,de teller van Arabieren'' genoemd en hij pleit voor radicale oplossingen. Net als Tony Judt en Yossi Beilin, de Israëlische auteur van het officieuze, Geneefse vredesplan, denkt Soffer dat Israël de bezetting onmogelijk kan volhouden. ,,Wij leven namelijk op een demografische tijdbom. In het hele gebied dat wij Eretz Israel noemen leven 10 miljoen mensen: 5 miljoen joden, 4,7 miljoen Arabieren, en dan nog wat christenen. Over tien jaar zijn er meer Arabieren dan joden, over 20 jaar leven hier tweemaal zoveel Arabieren als joden.

Vervolg op pagina 24

Vervolg van pagina 27

De Rambo Jood

Wij zien in Gaza een bevolkingsexplosie, 20 procent van de vruchtbare vrouwen is daar zwanger, ze krijgen gemiddeld zeven kinderen. Stel je voor wat een chaos dat gaat opleveren. De Palestijnen hebben daarom geen enkele haast, want zij weten dat zij over tien jaar in dit gebied in de meerderheid zijn en in 2020 is de joodse bevolking een minderheidsgroep. Dat is de echte bedreiging voor Israël. In 2020, maar eigenlijk al veel eerder, zal in de joodse staat Israël geen joodse meerderheid meer zijn.''

Soffer staat op en loopt naar een kaart met de afscheidingslinie. ,,Ik begrijp helemaal niets van Sharon, ik heb het hem al zo vaak gezegd dat hij haast moet maken. Hij is gek, hij is gek dat hij geen haast maakt. Gek, gek, gek.''

Haast met wat? ,,Met de bouw van de muur, een muur zo hoog dat er zelfs geen adelaar overheen vliegt; met de terugtrekking uit Gaza, met de terugtrekking uit Judea en Samaria. Als ik Sharon was, dan zou ik vandaag de noodtoestand uitroepen en morgen op de meest radicale wijze scheiden van de Arabieren. Zij willen een eigen, soeverein land, geef het hun dan onmiddellijk en maak die muur af. Geef de Palestijnen hun land en geef ons veiligheid, rust, zekerheid en de tijd om ons met onze economie, ons milieu, onze stranden, onze wetenschap bezig te houden. Schrijf op: deze tijdbom gaat ontploffen.''

Israël kan niet joods en democratisch zijn en tegelijk vasthouden aan de bezette gebieden. Soffer: ,,Nee, onmogelijk, en een scheiding, die overigens ook tal van praktische en economische problemen zal oproepen voor de Palestijnen, haalt de angel uit het nieuwe antisemitisme, in ieder geval tijdelijk. Beelden van checkpoints gaan dan niet meer de wereld over. Laat Arafat het maar eens zelf opknappen. Ik vrees dat de Europese Unie met veel geld over de brug zal moeten komen. Maar het is de redding van de joodse staat Israël.''

Natuurlijk kent minister Sharansky de professor uit Haifa, ,,de teller van Arabieren''. Er wordt geklopt. In de gang staat een groepje mannen te wachten op de minister. Het zijn de verzamelde voorzitters van de Israëlische universiteiten en hogescholen. Onderwerp van gesprek: de boycot van Israëlische wetenschappers door buitenlandse universiteiten.

Sharansky: ,,De muur, het veiligheidshek, is voor de korte termijn, het is een tijdelijke oplossing tegen terreur. Misschien heeft Soffer gelijk, maar ik geloof dat alleen vreedzame coëxistentie dé oplossing is. Een democratisch Israël naast een democratisch Palestina. Palestina zou de eerste Arabische democratie kunnen worden. Palestijnen hebben net als Russen, Amerikanen en Hollanders recht op democratie. Alleen een Palestijnse democratie is voor ons een veiligheidsgarantie. Alleen als we concrete veranderingen zien, zijn wij bereid tot pijnlijke concessies.''

Bij de taxistandplaats voor het ministerie staat Faisal Abedeyah (,,Friendly Taxi Service'') te wachten. Hij leest Al Hayat al Jadihah en maakt een praatje met een Jeruzalemse agent. Op de voorpagina staan foto's van Israëlische activisten die demonstreren tegen de bouw van een nieuwe joodse buurt in het Arabische dorp Jabel Mukaber bij Oost-Jeruzalem. Een groene baret – de beruchte grenspolitie – houdt een demonstrant in een houdgreep. ,,No peace in the Middle East'', grijnst Faisal. Inderdaad, dat kan nog even duren.

    • Oscar Garschagen