Vonnis frustreert aanklagers VN-hof

Tot ergernis van aanklagers en verdedigers kreeg een Bosnische Serviër deze week bij het Joegoslavië-tribunaal een hoge straf, ondanks de afspraak van strafvermindering in ruil voor een bekentenis.

Hoofdaanklaagster Carla Del Ponte, zeggen haar medewerkers van het Joegoslavië-tribunaal soms tegen elkaar, valt 's avonds niet in slaap door schapen te tellen. In bed telt ze veroordelingen. Ze wil er zo veel mogelijk hebben, en zo snel mogelijk, want over een paar jaar houdt het tribunaal op te bestaan.

Del Ponte had dit jaar veel te tellen. Er was een groot aantal verdachten dat in de rechtszaal van het tribunaal schuld bekende – tot nu toe zestien – en de rechters deden niet lang daarna uitspraak. Maar sinds afgelopen dinsdag is het niet zeker meer dat er nog veel snelle veroordelingen zullen volgen. De rechters in de zaak tegen de Bosnisch-Servische commandant Momir Nikolic (48), die was betrokken bij de massamoord in Srebrenica, negeerden de afspraak tussen de aanklagers en de verdachte.

Er was een lage straf tegen hem geëist, vijftien tot twintig jaar, en de beschuldiging van genocide was uit de aanklacht gehaald. In ruil daarvoor bekende Nikolic schuld, legde hij belastende verklaringen af tegen medeverdachten, en beloofde hij samen te werken met het tribunaal.

De rechters veroordeelden Nikolic dinsdag tot een fors hogere straf dan de aanklagers hadden geëist: 27 jaar cel. Hij was verantwoordelijk voor de planning van de moord op de moslims in Srebrenica.

,,De massamoord is uitgevoerd met een mate van wreedheid en verdorvenheid die tot dan toe ongekend was in het conflict in ex-Joegoslavië'', aldus de Chinese rechter Liu Daqun, die het vonnis voorlas.

Advocaten van verdachten die door het hof in Den Haag worden berecht adviseerden hun cliënten steeds vaker om schuld te bekennen. Dat was, legden ze uit, in hun eigen voordeel. Er werd met de aanklagers onderhandeld over de aanklacht en over de straffen die werden geëist. Maar nu is het opeens niet zeker meer dat de deals voordeel opleveren, en het is de vraag of advocaten er nog in zullen slagen hun cliënten ervan te overtuigen te bekennen.

De aanklagers weten dat. Het was doodstil in hun kantoor toen dinsdag het vonnis in de zaak tegen Nikolic werd voorgelezen. Ze keken allemaal naar de schermen waarop de beelden uit de rechtszaal werden uitgezonden.

In oktober had Del Ponte het onderhandelen over schuldbekentenissen nog een van de belangrijkste onderdelen van haar vervolgingsbeleid genoemd. Ze noemde ze ,,van groot belang'' voor de slachtoffers en hun nabestaanden en een stap op weg naar een evenwichtige samenleving in ex-Joegoslavië. En de tribunaalmedewerkers, zei ze, kregen in de onderhandelingen informatie die ze anders ,,niet of heel moeilijk'' hadden gekregen.

Nikolic was de eerste Bosnisch-Servische commandant die in de rechtszaal schuld bekende aan de moord op zevenduizend moslims in Srebrenica, in juli 1995. Na die verklaring, in mei van dit jaar, werden een paar grote massagraven ontdekt. Nikolic wist precies waar die waren: na de massa-executie coördineerde hij het op- en herbegraven van de lijken in een poging de bewijzen van de massamoord weg te werken.

De advocaat van Nikolic, Stefan Kirsch, zegt dat zijn cliënt ,,verbijsterd'' is over de hoogte van de straf. Hij vindt het ,,voorstelbaar'' dat Nikolic in hoger beroep gaat. De overwegingen van de rechters zijn volgens de advocaat ,,zeer betwistbaar''. Hij wijst erop dat de rechters het akkoord tussen de aanklagers en de verdachte hebben goedgekeurd. ,,Als de rechters bezwaar hadden, hadden ze dat tijdens de zitting van de schuldbekentenis naar voren moeten brengen'', aldus Kirsch. Maar volgens tribunaal-deskundige Göran Sluiter is dat niet zo. ,,Het probleem is dat de statuten van het hof niet voorzien in dergelijke deals. Het is een schemergebied, waar nog weinig jurisprudentie over is.''

Del Ponte hoopte dat ze de schuldbekentenissen kon gebruiken om de rechtszaken snel af te ronden. Het tribunaal moet volgend jaar alle lopende onderzoeken klaar hebben. De rechtszaken moeten in 2008 zijn voltooid, met een uitloop voor de beroepszaken tot 2010.

,,De uitspraak van rechter Liu Daqun frustreert onze werkzaamheden'', zegt een medewerker van Del Ponte. ,,Er loopt een groot aantal onderhandelingen met verdachten. Als je als advocaat en verdachte geen enkele garantie hebt dat de samenwerking wordt gehonoreerd, dan zou je wel gek zijn dat je met de aanklagers op een akkoordje te gooien.''