Slordige foto's laten je Warhol ruiken

Zilver geverfde muren. Stoelen, tafels, kapstokken en servies gewikkeld in aluminiumfolie. Billy Name had begin jaren zestig een passie voor zilver. Andy Warhol kwam op bezoek en was meteen gecharmeerd. Hij vroeg Name zijn Factory om te toveren tot glitterpaleis. Zes maanden was hij ermee bezig en daarna bleef hij drie jaar deel van Warhols entourage. Toen de koning van de pop-art besloot zich op het filmmaken te werpen, kreeg Name zijn fotocamera. Een van zijn eerste foto's toont zijn leermeester in een zilverkleurige stoel, tegen een spiegelende muur.

De foto maakt deel uit van de eerste Nederlandse galerietentoonstelling van Name's werk. De eigenaars van de net geopende kunsthandel Esthetica hebben voor de gelegenheid zelfs het eigen toilet met aluminiumfolie bekleed. Niet dat dat nodig is. Name's foto's zijn documentair genoeg van zichzelf, die hebben geen geheugensteuntje nodig. Ze bieden een zeldzaam openhartige blik achter de schermen van The Factory. Warhol die staat te telefoneren, eeuwige zonnebril op zijn neus. Actrice Viva tijdens de opnamen voor Nude Restaurant. En een overbelichte Valerie Solanis, de labiele feministe die later haar idool neerschoot, die als een geestverschijning opduikt in het trappenhuis.

Het zijn kiekjes genomen met een kleinbeeld Pentax, los uit de heup geschoten, nonchalant, soms tegen het slordige aan. De kaders zijn zelden recht en ook de scherpte laat te wensen over. Alsof de beelden gedachteloos zijn geschoten en eigenlijk al weer vergeten drie seconden na de klik. De grofkorrelige afdrukken vol vegen grijs verlenen de foto's een smoezeligheid. Maar ondanks – of misschien juist vanwege – die impressionistische stijl krijg je als kijker het gevoel de opwinding en chaos van Warhols kunstimperium bijna te kunnen ruiken.

Het contrast met Name's mede-exposant Bob Greene had niet groter kunnen zijn. Greene werkte tussen 1965 en 1979 als freelancer voor de New York Times. Hij was gespecialiseerd in portretten van zwarte culturele iconen uit sport, muziek en theater. En juist hij, man van het snelle nieuwsmedium, maakte extreem gestileerd werk. Iedere zweetdruppel op James Browns voorhoofd, elk puistje op de wangen van de jonge Richard Pryor staat haarscherp op papier. Waarschijnlijk heeft Greene minutenlang rond zijn modellen gedraaid om de juiste hoek te vinden, ze af en toe zelfs in de gewenste poses gemanoeuvreerd. Zoals Diana Ross die demonstratief de andere leden van The Supremes negeert. Of Sammy Davis Junior die opduikt tussen een waaier van showballetveren. En allemaal kijken de geportretteerden pertinent langs de camera, vaak met een bestudeerd peinzende blik. Behalve dan Mohammed Ali, die piekfijn gekleed en zittend achter een kerkorgel brutaal de lens in blikt.

De foto's van krantenman Greene zijn alles wat die van kunstenaar Name niet zijn: doordacht, uitgebalanceerd, chique, af. En toch passen deze twee tegenpolen prima in één tentoonstelling. Samen schetsen ze een completer beeld van de jaren zestig. Zwarte entertainers tegenover blanke bohemiens. Messcherpe portretstudie tegenover wazig sfeerbeeld. Warhols zilverkleurige atelier tegenover het dertien paar dansschoenen in de kleedkamer van een afwezige James Brown.

Tentoonstelling: Insiders. T/m 31 december in kunsthandel Esthetica, Witte de Withstraat 48, Rotterdam. Do-zo, 12-18u. Inl www.kunsthandel-esthetica.com