Ego's de inzet bij zaak DaimlerChrysler

Topman Schrempp en grootaandeelhouder Kerkorian ruziën voor de rechter over het samengaan van Daimler en Chrysler. Was het fusie of overname?

In een federale rechtbank in Wilmington, Delaware, wordt een kostbare persoonlijke vete uitgevochten tussen twee dominante, kleurrijke persoonlijkheden. Aan de ene kant: Kirk Kerkorian, de tanige 86-jarige megabelegger, casino-eigenaar en voormalig bokser uit Los Angeles. Aan de andere kant Jürgen Schrempp, de niets- en niemandontziende topman van DaimlerChrysler. In het midden: een batterij duurbetaalde advocaten. De inzet: 2 miljard dollar aan schadevergoeding en, wellicht belangrijker, ego.

Kerkorian, die voor het ontstaan van DaimlerChrysler in 1998 met 14 procent van de aandelen Chryslers grootste aandeelhouder was, beweert dat Schrempp hem destijds voorloog over de aard van de nieuwe combinatie. De deal werd gepresenteerd als een `fusie van gelijken', maar volgens de belegger ging het om een geheime overname van de Amerikaanse autofabrikant door het Duitse conglomeraat. Hierdoor zou Kerkorian een `overnamepremie' zijn misgelopen. Bewijs? Onder andere een interview dat Schrempp in oktober 2000 gaf aan de Britse zakenkrant Financial Times, waarin hij zegt dat het altijd zijn bedoeling was om van Chrysler ,,een divisie'' te maken van Daimler-Benz. De overname moest ,,op een beetje omslachtige manier'' geschieden, ,,maar dat heeft te maken met onderhandelingen en psychologie'', aldus Schrempp destijds in het op band opgenomen vraaggesprek.

,,Het gaat niet om het geld'', aldus Kerkorian, die volgens het Amerikaanse weekblad Forbes Magazine 5 miljard dollar waard is en deze week de civiele zaak opende door zelf te getuigen. ,,Het gaat om het principe. Dit is oplichterij.'' Om zijn argument kracht bij te zetten liet zijn advocaat, Terry Christensen, een bord zien waarop de verhouding Amerikaanse en Duitse commissarissen was weergegeven in 1998 en 2004: fiftyfifty versus 11/1. En hij wees op het feit dat diverse Amerikaanse managers kort na de deal werden vervangen door Duitsers.

DaimlerChryslers advocaten stellen hier tegenover dat Kerkorian teleurgesteld is over de koers van DaimlerChrysler sinds de fusie – de beurswaarde is ruim gehalveerd – en dat zijn eis om verhoging van de dividenduitkering door Stuttgart, waar het Duitse moederbedrijf is gevestigd, stelselmatig wordt genegeerd. Sterker nog, Schrempp heeft Kerkorian nooit te woord willen staan, zeggen zij, en dat zit de Amerikaan nog altijd dwars.

Gisteren getuigde Robert Eaton, oud-topman van Chrysler die destijds onderhandelde met Schrempp, dat ,,Chrysler naar alle waarschijnlijkheid failliet was gegaan als we het niet hadden gedaan''. Maar: ,,Chrysler was niet te koop ten tijde van de transactie''. Toen de rechter vroeg of hij akkoord was gegaan met de deal als Schrempps interview eerder was verschenen, antwoordde Eaton dat hij dan eerst was opgehouden met onderhandelen om te vragen wat Schrempp met zijn uitspraken had bedoeld. Het woord ,,divisie'' zou tijdens de onderhandelingen nooit zijn gevallen.

Een dag eerder was James Holden, een andere hoge functionaris bij Chrysler, die nota bene na de fusie door de Duitsers werd ontslagen, komen vertellen dat hij de fusie niet als een verkapte overname zag. ,,Ik denk niet dat Schrempp de deal had laten doorgaan als hij er niet zelf van overtuigd was dat het om een fusie ging'', zei hij. In het kruisverhoor door Christensen gaf hij toe dat hij bij zijn afscheid van Chrysler had afgesproken geen kwaad te spreken over zijn vroegere werkgever.

Hoofdadvocaat van DaimlerChrysler Jonathan Lerner, partner bij het gerenommeerde kantoor Skadden, Arps, Slate, Meagher & Flom, schilderde Kerkorian af als een ervaren overnamespecialist, die wel degelijk wist wat voor vlees hij in de kuip had tijdens de fusiebesprekingen. Hij bracht in herinnering dat de Californische magnaat zelf vergeefs heeft geprobeerd Chrysler over te nemen in 1995 met behulp van oud-topman Lee Iocacca. De theorie dat Daimler-Benz Chrysler, de nummer drie onder de autofabrikanten van Detroit, in zijn zak stak, in plaats van als gelijke te beschouwen, is al zo oud als de onderhandelingsbesprekingen. Hoe gewiekst Schrempp te werk ging in het inpakken van de Amerikanen wordt nauwkeurig beschreven in Taken for a ride. How Daimler-Benz drove off with Chrysler, een bestseller uit 2000 van twee journalisten uit Detroit. Maar het was de uitspraak in de Financial Times die vele beleggers in het verkeerde keelgat schoot.

De rechtszaak lijkt niettemin niet geheel kansloos. Een vergelijkbare aanklacht afgelopen zomer, ingediend door een groep institutionele beleggers, die eveneens meenden misleid te zijn, werd geschikt voor 300 miljoen dollar. Van een schikking met Kerkorian zou evenwel nooit sprake zijn geweest. Ondanks pogingen van zijn advocaten om de zaak zonder getuigen af te handelen, zal ook Schrempp in Delaware moeten voorkomen, op zijn vroegst volgende week.

    • Viktor Frölke