Crisis bij Disney

Als je wilt weten hoe het met de kunst gaat, moet je in de krant de pagina's over economie lezen. Op een veiling in New York is vorige maand enig werk van Damien Hirst - een dood dier in een glazen kast en een verzameling doorleefde lappen - een paar honderdduizend dollar betaald. Ik ben geen liefhebber maar het blijft interessant dat het gebeurt. Nu is bekend geworden dat het niet goed gaat met de tekenfilmdivisie van het Disney concern. Daar heerst een 'creatieve inertie'. Eens regeerde Disney over de populaire cultuur, eerst in Amerika, toen in de hele wereld van de moderniteit. Mickey Mouse en Sneeuwwitje zijn tientallen jaren de equivalenten van de massavernietigingswapens (mvw's) in de tekenfilm geweest. Ter gelegenheid van Mickey's 40ste verjaardag is er een prachtige film van zijn leven samengesteld. Op zijn 50ste: weer een feestelijke film. Vorige maand, toen hij 75 werd, is dat hier en daar nog gememoreerd. Maar van muizen die deze leeftijd hebben bereikt, wordt niet meer verwacht dat ze de wereld kunnen boeien.

Verniewing was dus bij Disney de boodschap. Dat blijkt gemakkelijker gezegd dan gedaan. De creatieve leiding zocht, zoals dat dan met leidingen in nood gaat, zijn heil bij het bovennatuurlijke. Dat werd de tekenfilm A Few Good Ghosts. Deze redders bleken, zoals je de leiding op een briefje had kunnen geven, kwakzalvers. De verliezen namen toe. Volgende noodsprong: Treasure Planet. Heeft 140 miljoen gekost. Opbrengst 38 miljoen. Ik heb er alleen een plaatje van gezien, op de economiepagina van de International Herald Tribune,van een wat opgeleukte enge man met zwarte puntmuts en een bang kind. Het werd een flop. Met heimwee denkt de directie terug, aan The Lion King, die in eerste aanleg goed was voor 772 miljoen dollar, nu nog draait en enigszins helpt bij het compenseren van de verliezen uit de wanhopige vernieuwingen.

Voor de oude Mickey heb ik een zwak. Hij heeft iets algemeen menselijks. Ook als hij achterna gezeten wordt, slaagt hij er op een of andere manier in, zijn optimisme te bewaren. Klassiek is de achtervolging waarbij hij een kloof nadert, ook voor zijn gespierde knaagdierenlichaampje te breed om met een ferme sprong te nemen. In zijn onverwoestbare monterheid heeft hij dat zelf niet beseft. Boven de afgrond, in het luchtledig, rent hij nog door alsof hij vaste grond onder de voeten heeft. Begint iets te vermoeden, kijkt naar beneden, ontdekt de afgrond, en pas dan valt hij. Dat bedoel ik met algemeen menselijk. Vallen is pas vallen als het doordringt tot het bewustzijn van de valler.

Volgende scène. Met een verpletterende plof landt hij op de bodem van de kloof. In zijn val heeft hij hier en daar nog iets geraakt, dat mee valt. Dit alles komt met lawaai en stofwolken op het lichaampje terecht. Die muis is dood, denk je. Geen sprake van. Wel heeft hij pijn; kijkt even scheel, schudt dan het stof van zich af, ontdoet zich van zijn belagers en begint aan het volgende deel van zijn carrière.

In dergelijke avonturen is Mickey op zijn best. Bij mijn weten is dat nog niemand opgevallen, althans, ik heb er nooit iets over gelezen, maar de Mouse is dan duidelijk verwant aan Baron von Münchhausen. Het bekendst is het huzarenstuk waarin hij zich aan zijn eigen haren uit het moeras trekt. Maar denk ook aan zijn ontsnapping op een kanonskogel. En vooral, in deze Disney-context, aan het avontuur waarin hij door een beer wordt achterna gezeten. De Baron vlucht in een boom, de vervaarlijke beer (mijn voorstelling wordt bepaald door de illustratie van Gustave Doré) zit geduldig te wachten. Dat hapje kan hem niet meer ontgaan. Niet beseft het dier dat de Baron zijn kruithoorn mee naar boven heeft genomen, en nog het een en ander aan jagersgereedschap. In de boom vindt hij iets - honing misschien, dat kan ik me zo gauw niet herinneren - waar de beer dol op is. Hij verpakt een flinke lading kruit in het lekkers, laat het zakken aan een lang lont, en op het volgende plaatje van Doré zie je hoe de beer aan duizend stukken vliegt. Voor Disney's muis is zo'n oplossing wat ruw misschien, maar het gaat om het principe.

Vandaag is het Sinterklaas. De kinderen krijgen speelgoed. Daar zijn ook weer veel muizen en muis-achtigen bij, allemaal volgens de catalogus van Intertoys gemoderniseerd, in zoetige fondant-kleuren, ultiem guitig kijkend, slappe gemeenplaats-aftreksels van de beroemde oervader. Geen wonder dat de kinderen er genoeg van krijgen. Ze willen de echte wonderen, in zwart-wit bij wijze van spreken. Grote mensen kun je met allerlei namaak voor de gek houden. Dan denken grote mensen dat kinderen eigenlijk ook een soort grote mensen zijn, en proberen dezelfde truuks op de kinderen. Die zien er doorheen. Bij Disney hebben ze dat nog niet begrepen.

    • H.J.A. Hofland