Bush maakt U-bocht in staalconflict

President Bush heeft, ondanks aanhoudende verliezen in de staalsector, de omstreden staaltarieven opgeheven. De bonden zijn kwaad. Europa voelt zich overwinnaar.

De beslissing van president Bush om de Amerikaanse staaltarieven af te schaffen leverde gisteren een markant moment op. Terwijl de belangrijke Democraten zich profileerden als protectionisten, maakte de Republikeinse president zijn eerste grote, internationale U-bocht en hervond het pad van de vrijhandelaar.

De tariefmuur ter bescherming van de Amerikaanse staalindustrie was voor drie jaar opgericht, tot maart 2005. Na 21 maanden is de muur gesloopt. Niet meer nodig, zei president Bush gisteren. Het recept heeft gewerkt. Patiënt ontslagen.

Vergeet het maar, aldus Leo W. Gerard, de vakbondspatroon met de machtige titel van `international president van de United Steelworkers of America'. Zeventien staalbedrijven zijn in surseance van betaling, constateerde hij, afgezien van de zestig die al zijn verdwenen vijf tijdens de therapie van president Bush. Alleen een voldoende aantal gezonde bedrijven kan de pensioenlast dragen van de 240.000 voormalige staalwerkers. Goedkoop staal van elders helpt daar niet bij.

De Amerikaanse staalindustrie maakt als geheel nog 2,3 procent verlies. De resterende 150.000 werknemers hebben een zuiniger CAO moeten accepteren en de sanering is nog lang niet afgelopen. Bush zocht de zonzijde en hield de bedrijven en de bange werknemers voor dat de vraag naar staal verder zal aantrekken dankzij zijn economisch plan, voornamelijk drie opeenvolgende belastingverlagingen.

Wat heeft de president bewogen een klein jaar vóór de presidentsverkiezingen een maatregel te schrappen die hij uit politieke calculatie had genomen? Medewerkers van het Witte Huis maakten er nooit een groot geheim van dat de president in de oude industriestaten, waar het staal is geconcentreerd, steun zocht. Pennsylvania, Ohio en West-Virginia reageerden gisteren furieus.

De regering-Bush, die zelden of nooit openlijk de koers verlegt, laat staan ongelijk bekent, zat klem, en gokte op de uitweg met de minste schade. Of zij de goede nooduitgang hebben gekozen, blijkt volgend jaar op 2 november, na het sluiten der stembussen. Tegenover staalstaten staan de staalverwerkende staten. Dat zijn niet alleen Michigan en andere staten waar auto's worden gemaakt. Vrijwel overal wordt wel staal gebruikt. Dat was duurder ten gevolge van de importheffingen.

De internationale handelsvertegenwoordiger van de president, Robert Zoellick, deed een poging de wereld wijs te maken dat de veroordeling door de WTO noch de in het vooruitzicht gestelde sancties van de kant van de EU, Japan en Latijns-Amerika enige rol hadden gespeeld bij de presidentiële beslissing. ,,Hij loog dat het gedrukt stond'', noteerde de econoom Bradford DeLong (verbonden aan de Universiteit van Californië in Berkeley) op zijn weblog.

Een maand geleden beweerde nog niemand in regeringskringen dat de tarieven hun heilzame werk hadden gedaan, schrijft DeLong. ,,Zo ongeveer iedere econoom die niet door de regering wordt betaald, vindt dat de staaltarieven een geval van slecht economisch beleid én slecht handelsbeleid zijn, schadelijker voor de staalverwerkende industrie dan nuttig voor de staalindustrie.''

Dat laatste wordt bevestigd door Gary Hufbauer en Ben Goodrich van het Institute for International Economics in Washington. De staalverwerkende industrie heeft het afgelopen jaar procentueel meer banen verloren dan de staalproducerende industrie. Hufbauer en Goodrich schreven bovendien in oktober, toen de beslissing nog in de lucht hing, dat de voorstanders van de tarieven nooit aannemelijk hebben gemaakt dat door de protectie de sanering van de staalindustrie sneller verliep.

Een door de regering in Washington niet genoemd gegeven is natuurlijk dat de Europese Unie met succes heeft gedreigd terug te slaan. Ook al trachtten veel lidstaten in de loop van 2002 voor hun eigen industrie ontheffingen los te peuteren, wat geen verheffend schouwspel was, het mandaat van de Commissie bleef voldoende om commissaris Pascal Lamy als geloofwaardig tegenspeler op de mat te houden.

Zeker toen Brussel een listig pakket sancties had gepresenteerd, dat Bush in electoraal kwetsbare staten zou treffen, wist Washington dat het menens was met het Europese verzet tegen de tariefstrategie. Ook de WTO, die de bezwaren tot tweemaal toe juist bevond, heeft aan geloofwaardigheid gewonnen door deze gang van zaken. De regering-Bush moet tandenknarsend hebben geconcludeerd dat men meer voor- dan nadeel van de WTO heeft het negeren van het staalvonnis zou soortgelijke reacties aanmoedigen in zaken waar Washington de vragende partij is.

    • Marc Chavannes