AIVD blijft waakhond die niet mag bijten

De straffen voor terrorisme gaan omhoog, maar de AIVD krijgt geen opsporingsbevoegdheid, zo bleek gisteren in de Tweede Kamer.

De Algemene Inlichtingen- en veiligheidsdienst (AIVD) is een waakhond die tijdig moet blaffen als de staatsveiligheid of de democratische rechtsorde in gevaar is, betoogde minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) deze week in deze krant. Het verzamelen van informatie voor strafrechtelijk onderzoek is een taak voor de politie, nadrukkelijk niet voor de inlichtingendienst. Zonder geheimhouding en adequate afscherming van bronnen, tipgevers en informatie kan de AIVD volgens Remkes niet functioneren.

In het debat gisteren over de wet terroristische misdrijven moest minister Donner (Justitie, VVD) die aparte status van de AIVD verdedigen tegenover verscheidene fracties in de Tweede Kamer (VVD, CDA en LPF, tezamen een Kamermeerderheid) die de mogelijkheden willen verruimen om AIVD-informatie in opsporingsonderzoek te kunnen gebruiken. Eerder dit jaar spraken rechtbanken in Rotterdam en Arnhem vermeende terroristen vrij omdat het openbaar ministerie zijn bewijslast te eenzijdig had gebaseerd op door inlichtingendiensten verstrekte, vertrouwelijke informatie, zonder die zelf te toetsen.

Vandaar de roep gisteren in de Tweede Kamer om de inlichtingendienst meer bevoegdheden te geven in het opsporingsonderzoek en de huidige wettelijk geregelde taakafbakening van de AIVD op te schuiven. VVD-woordvoerder Wilders verwees naar de Franse praktijk waarbij de contraspionagedienst DST zowel als inlichtingen- als opsporingsdienst opereert. Ambtenaren van die dienst volgen een terrorismezaak van het begin tot het einde. Er is geen `knip', zoals in Nederland, in de overdracht van kwetsbare informatie van geheime dienst naar justitie of politie. Op het moment dat een DST-functionaris bruikbare informatie heeft, besluit een officier van justitie of hij als rechercheur zijn werk mag voortzetten, zo meldde Wilders.

Donner zegde Wilders toe dat hij zal onderzoeken of dat Franse systeem ook bruikbaar is voor de Nederlandse praktijk. De minister zal dat doen in het kader van eerder aangekondigd onderzoek naar de mogelijkheden om vertrouwelijke AIVD-informatie te gebruiken voor opsporingsonderzoek. Maar hij gaf tegelijkertijd aan dat hij de door Remkes bepleitte scheiding tussen het spionagewerk van de AIVD en opsporingsonderzoek van politie en openbaar ministerie in stand wil houden. Want zodra een AIVD'er opsporingsbevoegdheid krijgt, moet die onder het gezag van het openbaar ministerie worden uitgevoerd. Terwijl het juist eigen aan het werk van de AIVD is dat die dienst kan werken zonder de beperkingen van het strafrecht. Donner: ,,Juist om de AIVD de benodigde ruimte te bieden, is het ongewenst om het moment van verzamelen van informatie al onder het strafrecht te plaatsen.''

De minister plaatste ook praktische bezwaren tegen overnemen van het Franse systeem. De successen van de Franse anti-terreuraanpak zijn volgens hem niet louter toe te schrijven aan het opereren van de contra-spionagedienst. ,,Frankrijk heeft een groot aantal diensten die zich met terrorismebestrijding bezig houden. Dat levert juist weer verkokeringsproblematiek op. Bij ons zijn er voorzieningen getroffen om ervoor te zorgen dat AIVD-informatie rechtstreeks naar de officier van justitie gaat, zonder noodzakelijke tussenkomst van de politie.''

De strafmaat voor deelneming aan terroristische activiteiten wordt opgetrokken naar 8 jaar en 15 jaar als het gaat om het leiding geven of het oprichten van een terroristische organisatie. Ook samenspanning, het voorbereiden van een terroristische handeling zonder dat die is uitgevoerd, is opgenomen als zelfstandig delict waar maximaal vier jaar op komt te staan. Het verwijt van onder meer GroenLinks en PvdA dat daarmee burgers strafrechterlijk kunnen worden aangepakt zonder dat ze iets gedaan hebben, wees Donner van de hand. ,,Als je een actie wil voorkomen, kunt u toch nu al, op basis van AIVD-signalen iemand aanhouden of laten weten dat u op de hoogte bent'', aldus GroenLinks-woordvoerster Vos. PvdA-woordvoerster Albayrak noemde het wetsartikel het ,,strafbaar maken van louter ideeën, van louter het denken. Ik kan slechts de conclusie trekken dat met de manier waarop samenspanning in de wet terecht dreigt te komen er een grote rechtsonzekerheid wordt ingebouwd voor mensen die volledig onschuldig zijn.'' Ze vroeg waarom dit dan niet voor kinderverkrachting of seriemoorden geldt? ,,De maatschappij vindt dat toch ook verwerpelijk?''

Volgens Donner gaat het niet om onschuldige burgers, ,,maar om mensen die bereid zijn gebleken, serieus een terroristische aanslag te plannen''. ,,Als ik dat van iemand kan aantonen, is het niet bevredigend om alleen de actie te voorkomen. Dat soort mensen moet ik kunnen vastzetten en bestraffen. Als we daar niet toe bereid zijn, kunnen we de samenleving niet beschermen.'' Hij gaf ook aan dat er het risico bestaat dat mensen ten onrechte zullen worden opgepakt. ,,Bij dit soort misdaden zondig ik liever in de opsporing om aan de veilige kant te zijn en laat ik het aan de rechter over of en in welke mate hij tot bestraffing komt.''

    • Jos Verlaan