Zorgen om de forint

Niet ieder land kan zich hoge begrotings- en handelstekorten veroorloven zonder in een regelrechte valutacrisis terecht te komen. Kijk maar eens naar Hongarije. In een poging de wegzakkende forint te steunen, waarvan de koers op een historisch dieptepunt is beland, heeft de centrale bank de rente dit jaar met niet minder dan 6 procent verhoogd tot een verstikkende 12,5 procent. Maar de beleggers zijn nog niet gerust. Hoe hoger de rente, des te groter de schade aan de economie en des te minder het vermogen van een land om zijn valuta te beschermen.

In veel opzichten is dit een herhaling van de crisis van het Britse pond elf jaar geleden, toen die munt uit het Europese wisselkoersstelsel werd gegooid. Maar dat kon destijds tenminste voor een deel worden geweten aan de in heel Europa gevoelde naweeën van de Duitse eenwording. De huidige Hongaarse problemen zijn daarentegen vrijwel uitsluitend van eigen makelij.

Eenvoudig gesteld heeft Hongarije last van valuta-obsessie. Het land wil vanaf volgend jaar de euro schaduwen en in 2008 tot de gemeenschappelijke munt toetreden. Daarop vooruitlopend heeft het een marge vastgesteld, waarbinnen de koers van de forint moet blijven. Dat lijkt voorbarig. Als Hongarije niet zo nodeloos geobsedeerd zou zijn, zou het zijn munt buiten die marge kunnen laten treden of gewoon vrij laten zweven, zoals Polen en de Tsjechische Republiek doen. Dat zou een pijnlijke beleidsombuiging betekenen, maar speculanten hun doelwit ontnemen, zodat de rente zou kunnen dalen. Een zwakkere forint zou ook bijdragen aan een vermindering van het handelstekort van 6,5 procent van het bbp.

Helaas lijkt Hongarije niet van zins zijn beleid te wijzigen. De Europese Commissie zegt de ontwikkelingen nauwlettend te volgen, maar meent dat de Hongaren zelf het beste weten wat ze moeten doen. Een krachtige waarschuwing voor het gevaar dat op de loer ligt als landen te hard van stapel lopen in hun enthousiasme voor de euro zou nuttiger zijn.

De ironie is dat de haast van Hongarije om tot de Europese Monetaire Unie (EMU) toe te treden, zowel oorzaak als mogelijke oplossing van de crisis is. De problemen hebben het verschil tussen de marktrentes op kortlopende Hongaarse en Duitse staatsobligaties tot 540 basispunten opgestuwd. Maar de verwachting dat Hongarije zich uiteindelijk bij de EMU zal aansluiten en daarna de bescherming van de Europese Centrale Bank zal genieten, heeft het verschil tussen zijn in harde valuta gedenomineerde staatsobligaties met een looptijd van tien jaar en die van Duitsland tot een tiental basispunten beperkt gehouden. Dat is zo'n twintig basispunten minder dan bij Britse staatsobligaties. Als dat ook maar iets te betekenen heeft, is het dat Hongarije – ondanks al zijn problemen – veel eerder tot de EMU zal toetreden dan Groot-Brittannië.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld.

    • John Paul Rathbone