De `democraten' in Rusland bevechten allereerst elkaar

Rusland kiest zondag een nieuw parlement. Een portret van `de democraten'.

Het ziet er somber uit met de `democraten' van Rusland. ,,Ik vrees dat we de kiesdrempel niet halen'', zucht de liberale leider Anatoli Tsjoebais. ,,Het wordt een Doema van nationaal-bolsjewieken.'' Jevgeni Kiseljov, het hedonistische baken van de liberalen, schrijft in zijn Moskovski Novosti over verwarring en desillusie. Hij citeert een vriend die maar op de communisten gaat stemmen. Want rechts, dat likt de laars van Poetin.

`Democratisch' Rusland bestaat uit de SPS (Unie van Rechtse Krachten) en Jabloko. Beiden zweven rond de kiesdrempel van 5 procent. De wilskrachtige SPS-leider Anatoli Tsjoebais is sinds de corrupte privatiseringen die hij onder president Jeltsin doorvoerde – en zijn later demasqué als zakkenvuller – een van de meest gehate mannen van Rusland. Hij leidt nu het stroommonopolie UES. Deze zomer maakte hij een politieke comeback als nummer drie van de SPS, waar hij de strategie uitstippelt en voor het geld zorgt. De aantrekkelijke gezichten van voormalig vice-premier Boris Nemtsov en Irina Chakamada trekken zijn lijst.

Stemmen zoekt de SPS bij de nieuwe klasse van zakenlui en urbane `professionals', lieden die zich identificeren met succes en rijkdom. In tv-spotjes zoeft de SPS-trojka in een privé-jet door de wolken, als topmanagers op weg naar een volgende deal. Tsjoebais speelt in op de patriottische instincten van zijn jonge electoraat met een nieuw steekwoord: liberaal imperialisme. Rusland wordt de stralende zon van een Euraziatische Unie, profeteert hij. Voormalige sovjetreplieken zullen daar als tevreden planeetjes omheen cirkelen.

De SPS is de partij van de jonge hervormers, neoliberale economen die Boris Jeltsin inhuurde en ontsloeg zodra ze hun gehate werk hadden volbracht. Hun verwording van bevlogen `marktbolsjewieken' tot profiteurs is bekend; zo ook hun neiging markthervormingen boven alles te stellen, inclusief de rechtsstaat of de democratie. Toen Rusland àl te instabiel werd, droomden ze van een Russische Pinochet die het land met ijzeren vuist naar het kapitalisme zou leiden. In Vladimir Poetin dachten ze hem gevonden te hebben.

Waarom gaat het zo matig met de SPS, vier jaar terug nog goed voor bijna negen procent? Het ligt aan Javlinski, klaagt Tsjoebais. De SPS deelt het kleine `democratische' electoraat met Jabloko, de partij van jurist Grigori Javlinski. Die maakte begin jaren negentig naam met zijn `500 dagen-plan' dat Rusland soepel tot marktecomie moest transformeren. Dat ging niet door, zoals wel meer plannen van Javlinski. Hij is eerder sociaal-democraat dan neoliberaal, stelt vrijheid en mensenrechten boven markthervormingen. Zijn Jabloko is de partij van de `oude intelligentsia': voormalige dissidenten, wetenschappers, ingenieurs, artiesten. Hun torenhoge verwachtingen tijdens de perestrojka sneuvelden in het harde nieuwe Rusland. Javlinski oogt in deze campagne vermoeid en futloos. Hij vertelt Rusland met opgeheven vinger: had maar naar mij geluisterd, dan was het beter afgelopen.

Een fusie van SPS en Jabloko zou helpen. Maar dat is zoiets als Groen Links en de VVD verenigen, bovendien haten Javlinski en Tsjoebais elkaar met passie. Javlinski vindt dat zijn tegenvoeter zijn ziel aan het `bandietenkapitalisme' heeft verkocht. Dat SPS-campagneleider Alfred Koch twee jaar geleden in dienst van het Kremlin de kritische tv-zender NTV van Jabloko's broodheer Goesinski sloopte, maakt de zaak niet beter. Tsjoebais ziet Javlinski op zijn beurt als een politieke maagd die alleen schone handen heeft omdat hij nooit iets bereikte.

En zo strijden de democraten vooral tegen elkaar, brengen sterke kandidaten tegen elkaar in het veld, richten spookpartijen op om stemmen bij elkaar weg te lokken. Het is nog een geluk dat het Kremlin waarschijnlijk ten minste één liberale partij in de Doema wenst, want alleen Kremlin-getrouwen, communisten en de ultra-nationalisten in de zaal, dat oogt slecht. Wat procentpuntjes meer of minder vallen in de bekende `fraude-republieken' – Tatarstan, Basjkirië, Kalmukkië, Dagestan – altijd te regelen. Ook dat maakt `rechts' tegen het Kremlin zo tandeloos: het kan ze maken of breken.