Volkspeiling doet troon van `koning' Chavez wankelen

Door het zetten van een handtekening konden Venezolanen vier dagen lang aangeven of ze een referendum willen over de wenselijkheid van nieuwe verkiezingen. De troon van president Chávez staat volgens zijn tegenstanders op instorten.

De oppositie spreekt van een lawine aan stemmers maar de getrouwen rondom de Venezolaanse president Hugo Chávez hebben het over een zielige mediavertoning. De berichten over het verloop en succes van de volkspeiling in Venezuela verschillen nogal en zijn sterk afhankelijk van de gesprekspartner in dit sterk verdeelde land.

De afgelopen vier dagen konden de Venezolanen via het zetten van een handtekening kenbaar maken of ze een referendum wensen over de vraag of er nieuwe presidentsverkiezingen moeten komen. De volkspeiling is een initiatief van de oppositie die vindt dat Venezuela het zich niet kan permitteren president Hugo Chávez zijn zesjarige ambtstermijn tot het jaar 2006 te laten uitzitten. De linkse, eigenzinnige president is volgens zijn tegenstanders bezig het land – de vijfde olieproducent ter wereld – naar de mallemoer te helpen. Maar volgens zijn aanhangers probeert de oude politieke corrupte klasse opnieuw de macht te grijpen.

Ruim 2,4 miljoen Venezolanen moeten hun handtekening zetten om rechtsgeldig een referendum af te dwingen. Dat is twintig procent van het electoraat. Oppositieleiders zeiden gisteravond dat dit aantal ruim is gehaald met meer dan 3,6 miljoen stemmen. Eerder dit jaar verzamelde de oppositie al 3,2 miljoen handtekeningen om nieuwe verkiezingen te eisen maar de Nationale Kiesraad keurde die peiling af. De handtekeningen waren al verzameld voordat Chávez de helft van zijn ambtstermijn achter de rug had en volgens de grondwet kan een dergelijke volkspeiling pas na drie jaar worden gehouden. Of er een referendum over Chávez komt, zal dit jaar waarschijnlijk niet meer bekend worden. Het tellen en toetsen van de handtekeningen zal zeker een maand in beslag nemen. Maar dat Chávez, die vorig jaar een staatsgreep en een langdurige staking wist te overleven, zich zorgen begint te maken, valt af te leiden uit zijn recente commentaren. Vorige week zei de bewindsman nog dat hij de uitslag van een referendum zeker zou accepteren maar gelukkig was volgens de president ,,de kans nul procent'' dat het zo ver zou komen.

Maar afgelopen weekeinde is Chávez begonnen de rechtsgeldigheid van de volkspeiling in twijfel te trekken. De president sprak over massale fraude van de oppositie bij het verzamelen van de handtekeningen. Elke stem moet volgens hem nadrukkelijk worden gecontroleerd. De vrees bestaat dat Chávez een onwelgevallige uitkomst op alle mogelijke manieren zal aanvechten. Vice-president Rangel wist gisteren al zeker dat de oppositie geen 2,4 miljoen handtekeningen heeft verzameld. ,,Als ze straks zeggen van wel, komt dat door fraude.'' En Chávez zong maandagavond op een partijbijeenkomst in Caracas: ,,Ik ben nog altijd de koning.''

Nog een aanwijzing dat de oppositie op weg lijkt een referendum af te dwingen, is het feit dat in veel van de 2.700 stembureaus mensen de afgelopen dagen urenlang in de rij stonden om hun stem uit te brengen. Op sommige plekken bleek op een gegeven moment een tekort te bestaan aan formulieren.

Als er een referendum komt, zal dat niet eerder dan in april plaatsvinden. Bij die peiling zal de oppositie meer stemmen moeten binnenhalen dan president Chávez vergaarde in de verkiezingen van drie jaar geleden. De bewindsman, die vooral populair is onder de arme Venezolanen, behaalde toen 3,76 miljoen stemmen.

Op enkele incidenten na is het de afgelopen dagen relatief rustig gebleven in Venezuela. Om een ordelijk verloop te garanderen, werd toezicht gehouden door 60.000 soldaten en een paar honderd onafhankelijke, buitenlandse waarnemers. De in de Venezolaanse hoofdstad Caracas aanwezige César Gaviria, secretaris-generaal van de Organisatie van Amerikaanse Staten, feliciteerde de Venezolanen met het vreedzaam verloop van de handtekeningenactie. Van fraude heeft hij niets gemerkt.

Of Chávez, die gezegd heeft na 2006 nog een nieuwe ambtstermijn van zes jaar te ambiëren, bij eventuele nieuwe verkiezingen ook het loodje legt, is sterk afhankelijk van de vraag of de verdeelde oppositie in staat zal blijken één kandidaat naar voren te schuiven. Vorige maand heeft de oppositie wel afgesproken gezamenlijk een kandidaat te steunen maar men is het nog steeds niet eens over wie dit dan zou moeten zijn. Moet er een tussenpaus komen die de termijn van Chávez volmaakt of meteen een nieuwe, echte opvolger?

De meest genoemde tegenstrever van Chávez is de 58-jarige jurist Enrique Mendoza, gouverneur van de provincie Miranda en een leider van de oppositie. Hem wacht een moeilijke klus. Volgens peilingen is de populariteit van Chávez licht stijgende. Hij zou kunnen rekenen op de steun van veertig procent van het electoraat.

    • Marcel Haenen