Huilende chefkoks en gedroogde pasta

Op de voorkant van Bouillon! staat een foto van een geweldig dikke naakte dame die net iets smakelijks in haar mond steekt dat ze heeft gepakt uit de schaal die een eveneens naakte maar veel slankere dame ophoudt. Ernaast staat in paarse letter: `Eten & Wellust'. En als je dan weet dat dit het eerste échte nummer is van Bouillon! (na een nulnummer in mei), een `cultureel gastronomisch magazine', dan wil je de inhoud van dat blad wel eens leren kennen.

Binnenin treffen we meer foto's van de blote dikzak en meer asperge-achtige vriendinnen, altijd in de weer met grote schalen waaruit ze onwaarschijnlijke dotten krullerige pasta trekken. Het zijn foto's van de Amerikaanse fotografe Lynn Bianchi die, aldus de redactie, met haar foto's ,,de vooronderstellingen over eten en naaktheid'' hekelt. Wat dat voor vooronderstellingen zijn staat er helaas niet bij, en mij schoot zo gauw geen enkele te hekelen vooronderstelling over eten en naaktheid te binnen.

Maar goed. Op zoek naar de wellust.

Het blad begint met een gedegen stuk over de geschiedenis van pasta, dat merkwaardig genoeg eindigt met de veronderstelling dat de Italiaanse en Nederlandse voorkeur voor verse pasta ,,op niet veel meer berust dan romantiek''. Ook wordt verse pasta `dubieus' genoemd. Schrijver Onno H. Kleyn vindt machinaal gemaakte gedroogde pasta op geen enkele manier onderdoen voor zelfgemaakte, sterker nog, hij geeft de voorkeur aan gedroogde. Mag natuurlijk. Al is het wel vreemd om tegelijkertijd beweren dat de smaak ,,verser'' is, en de textuur ,,zalvender''.

Daarna krijgen we een interview met de Maastrichtse chefkok Toine Hermsen die geleden heeft onder het verlies van zijn tweede Michelin-ster in 2002 en daar nog steeds onder lijdt. Verderop in het nummer staat een interview met de Belgische chefkok Eddie Van Maele, die erg geleden heeft en nog steeds lijdt onder het feit dat Michelin in 1986 niet hem maar een naburige collega een derde ster toekende. ,,Ik heb 36 uur gehuild'', vertelt Van Maele. ,,Ik heb echt een paar dagen lopen janken'', vertelt Hermsen. De interviewers leven enorm mee, en het zal ook wel een erge klap zijn, maar de lezer denkt: waar blijft de wellust, waar de culturele en gastronomische inhoud die mij beloofd was. In plaats daarvan huilende koks. Zonder een enkel troostrijk receptje. De enige restaurateur die werkelijk over eten schrijft, over worsten en grappige kaasjes, over mirabellen en rijstpuddinkjes is Her Jobse, de voormalige eigenaar van het Amsterdamse restaurant de Gouden Reaal, die zo opging in de regionale producten rondom zijn Franse boerderij dat hij die elk weekend naar Amsterdam begon te vervoeren om daar de boerenstreekkeuken van de Maasvallei na te maken.

Maar goed, de wellust. Zoek, zoek. Saai stuk van Lucette Faber die juist heel leuk over koken kan schrijven, maar hier in een notendop vele eeuwen tafelgenot moet of wil samenvatten. Pagina's lang gezeur over een dikke tante Desirée die op de televisie allemaal dunne meiden ziet. En eindelijk is er dan wat smakelijks en verleidelijks – maar dat zijn allemaal citaten uit romans waarin liefde en eten met elkaar in verband worden gebracht.

Een mager nummer. Ondanks die dikkerd.

Bouillon! Winter 2003, prijs €7,95 uitg.Kosmos-Z&K, info@kosmoszk.nl