Tweede ronde graag

BIJ ALLE TERECHTE somberheid over de stembusuitslag in Noord-Ierland mag één ding niet worden vergeten: het woord `vredesproces' heeft hier, anders dan in het Midden-Oosten, betekenis. Voorlopig zwijgen de wapens. Na decennia van geweld en vergelding leven protestanten en katholieken in Noord-Ierland niet bepaald in harmonie samen, maar het Goede-Vrijdagakkoord uit 1998 voorkomt wel verder bloedvergieten. Er heerst een gewapende vrede. Die aanduiding geeft precies de kern van het probleem weer: de IRA, het Ierse republikeinse leger, zou volgens het akkoord zijn wapens allang hebben moeten inleveren, maar heeft dat nog steeds niet volledig gedaan. Daar zit voor de protestante kiezers de pijn. Zolang de IRA over wapens beschikt, is terreur mogelijk en kan van duurzame vrede geen sprake zijn.

Dat het woord vredesproces vooralsnog betekenis houdt is mooi, maar daarmee is alles wel gezegd. De uitslag van de verkiezingen voor een nieuwe Assemblee is een stap terug. Het geprangde zelfbestuur schiet er in ieder geval niets mee op. In beide kampen verloren de gematigde partijen veel stemmen aan de extremisten. De verhoudingen zijn andermaal gepolariseerd en wat de gevolgen daarvan kunnen zijn, is helaas maar al te goed bekend. De 77-jarige dominee en hardliner Ian Paisley is weer terug van weggeweest. De man is net een duikelaar, zo laat zijn politieke carrière zien. De constante factor hierin is het afwijzen van politieke compromissen. Het Goede-Vrijdagakkoord was dan ook een doorn in zijn oog. Met de verkiezingswinst van zijn partij kan hij nu zijn gelijk halen tegen ,,de zwarte paapsheid, de ongelovigen en de afvalligen''. Paisley pookt het vuur onder een oud religieus conflict stevig op – en toont daarmee hoezeer sommige politieke leiders in Noord-Ierland hun eigen volk dwarszitten. Dat wil vrede en welvaart en is de bommen en granaten zat.

SINN FÉIN, de politieke partij van de IRA, is aan katholieke zijde winnaar. De voormalige terroristen Gerry Adams en Martin McGuinness zegevierden over hun gematigder collega's die met nieuwe gezichten de gepensioneerde leider John Hume niet konden doen vergeten. Hume en de eveneens gematigde David Trimble bij de protestanten zijn de verliezers van deze verkiezingen. Zij waren de architecten van het Goede-Vrijdagakkoord, waarvoor ze de Nobelprijs voor de vrede kregen. Nu staan ze met lege handen. En, het moet gezegd, niet zonder reden. Hume liet na een aansprekende opvolger klaar te stomen, zodat een deel van het gematigde katholieke electoraat uitweek naar het vertrouwde duo Adams & McGuinness. Trimble was te soft voor Sinn Féin. Hij verzuimde zijn veto te gebruiken tegen feitelijke en voorgenomen benoemingen van oud-terroristen tot minister in de korte periode van zelfbestuur. Een voormalige IRA-moordenaar op de post van Justitie, daar trapt geen protestante kiezer in.

Zelfbestuur onder Paisley, Adams en McGuinness is uitgesloten, of de IRA nu ontwapent of niet. Dat laatste is weliswaar een voorwaarde, maar niemand ziet deze erfvijanden succesvol samenwerken in parlement en regering. Op de achtergrond knarsetanden de premiers Blair van Groot-Brittannië en Ahern van Ierland. Niet zij, maar de kiezers hebben de sleutel tot de oplossing in handen. Vijf jaren rust en welvaart hebben meer opgeleverd dan vijfentwintig jaar troubles. Het vredesproces verdient een tweede verkiezingsronde.