Levenslang voor Willem van E. wegens moord op prostituees

Willem van E. (62) uit Harkstede is gisteren door het Leeuwarder gerechtshof in hoger beroep veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf voor moord met voorbedachte rade op de Groningse prostituee Sasja Schenker (34) in 2001, en voor opzettelijke levensberoving van de prostituees Annelies Reinders (30) in 1995 en Michelle Fatol (23) in 1993. Van E. wurgde hen en gooide hun ontklede lichamen in vaarten en kanalen in Groningen.

De straf is conform de eis van het openbaar ministerie. Het hof acht alleen de moord op Schenker bewezen; het OM meende dat in alle drie gevallen sprake was van moord. Het gerechtshof noemde Van E. ,,een levensgroot gevaar voor de samenleving en voor de veiligheid van personen'', omdat de kans op herhaling groot was. Daarom is alleen een levenslange celstraf op zijn plaats, ter vergelding van het leed van de nabestaanden en omdat Van E. niet behandelbaar werd geacht.

Zwaar woog voor het hof mee dat de verdachte in 1975 door het Haagse gerechtshof was veroordeeld tot achttien jaar cel en tbr, wegens de moord op een 15-jarig meisje in 1971 en een 44-jarige verpleegkundige in 1974. Zijn tbs-behandeling werd in 1990 beëindigd, waarna hij echter opnieuw in de fout ging. ,,De veertien jaar behandeling hebben klaarblijkelijk (wat de recidivekans betreft, red.) geen effect gesorteerd'', concludeerde het hof. Dat verwierp het argument van een falende hulpverlening, wat de verdachte op de zitting herhaaldelijk naar voren had gebracht. ,,De verdachte en niemand anders is verantwoordelijk voor de dood van drie jonge vrouwen.''

Van E. gaf naar zijn hulpverleners nooit opening van zaken over de dood van Michelle Fatol, vindt het hof. Had hij dit wel gedaan, dan had hij ,,erger kunnen voorkomen''. Het gerechtshof nam de conclusies van de Groningse psychiater B. Takkenkamp en psycholoog G. de Bruijn over, die stelden dat Van E. aan een persoonlijkheidsstoornis en aan psychopatie leed. De advocaten van Van E. verklaarden in cassatie te gaan bij de Hoge Raad. Volgens advocaat J.F. van der Brugge heeft het Hof onvoldoende onderbouwd waarom het moord op Schenker bewezen achtte.